Actueel
Adrie komt terecht onder brandweerauto en overlijdt: ‘Nachtmerrie’
De brandweer is diep geraakt door het overlijden van Adrie Vis. De vrijwillige brandweerman raakte zwaargewond tijdens de bestrijding van de grote duinbrand in Ouddorp. Hij kwam tijdens de inzet onder een brandweervoertuig terecht en werd in kritieke toestand naar het ziekenhuis gebracht. Zes dagen later, op woensdag 12 augustus, overleed hij in het Erasmus MC aan zijn verwondingen.
Vis was vrijwilliger bij brandweerkazerne Olympia in Middelharnis/Sommelsdijk en stond bekend als iemand voor wie het brandweerwerk een belangrijk onderdeel van zijn leven was. Zijn overlijden zorgt voor grote verslagenheid onder collega’s, bestuurders en binnen de gemeenschap.
Ernstig ongeluk tijdens duinbrand in Ouddorp
Op donderdag 6 augustus brak rond 14.00 uur een natuurbrand uit in de duinen bij het Oosterduinpad en Middelduinpad in Ouddorp. Door de omvang en omstandigheden werd al snel opgeschaald naar Zeer Grote Brand en GRIP 1. Later volgde GRIP 2.
Grote aantallen hulpverleners en brandweervoertuigen werden naar het gebied gestuurd. De bestrijding van het vuur was ingewikkeld, onder meer doordat er in het duingebied maar beperkt bluswater beschikbaar was.
Tijdens de inzet ging het ernstig mis.
Terwijl verschillende brandweervoertuigen zich in het gebied positioneerden om het vuur te bestrijden, werd Adrie Vis geraakt door een brandweerwagen. Hij kwam vervolgens onder het voertuig terecht en liep zeer ernstige verwondingen op.
Met traumahelikopter naar ziekenhuis
Na het ongeval werd onmiddellijk medische hulp verleend. Vanwege de ernst van zijn verwondingen werd een traumahelikopter ingezet.
Vis werd naar het ziekenhuis gebracht, waar artsen alles deden om hem te helpen. De dagen daarna bleef de situatie ernstig.
Op woensdagochtend 12 augustus kwam uiteindelijk het verdrietige bericht dat hij in het Erasmus MC aan zijn verwondingen was overleden.
Het nieuws kwam bijzonder hard aan bij zijn collega’s.
‘Een grote nachtmerrie is werkelijkheid geworden’
Arjen Littooij, algemeen directeur van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond, reageerde aangeslagen op het overlijden. Volgens hem slaat het verlies van Adrie Vis “een diep gat in ons brandweerhart”.
“Met het overlijden van Adrie is een grote nachtmerrie werkelijkheid geworden”, schrijft Littooij.
Hij omschrijft Vis als een brandweerman in hart en nieren en als een vakman met een enorme passie voor zijn werk. “De brandweer was zijn lust en zijn leven.”
Littooij spreekt van een zwarte bladzijde in het twintigjarige bestaan van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond. Zijn gedachten gaan in het bijzonder uit naar de familie en andere dierbaren van Vis, maar ook naar alle brandweercollega’s die bij de dramatische inzet betrokken waren.
Burgemeesters betuigen medeleven
Ook vanuit de politiek en het lokale bestuur kwamen emotionele reacties.
De Rotterdamse burgemeester Carola Schouten benadrukte de bijzondere betekenis van vrijwillige hulpverleners. Vis zette zich volgens haar “met hart en ziel” in voor de veiligheid van andere mensen.
Daarvoor passen volgens Schouten vooral trots en dankbaarheid, zowel richting Adrie zelf als richting de mensen die hem dierbaar waren.
Ook burgemeester Ada Grootenboer van Goeree-Overflakkee stond stil bij zijn overlijden. Zij omschrijft Vis als iemand die altijd klaarstond voor anderen en zich zonder twijfel inzette voor de veiligheid van zijn omgeving.
“Hij zal zeer worden gemist”, aldus de burgemeester.
Brandweerfamilie diep geraakt
Ook de Vakvereniging Brandweer Vrijwilligers (VBV) heeft gereageerd. Adrie Vis was vanaf de oprichting aangesloten bij de vereniging.
Volgens de VBV raakt het overlijden van een brandweerman tijdens zijn werkzaamheden de volledige brandweerfamilie. Voor de vereniging komt het verlies bovendien bijzonder dichtbij omdat Vis al jarenlang deel uitmaakte van de organisatie.
De vereniging wenst zijn familie en dierbaren veel kracht toe. Ook zijn collega’s van Brandweer Middelharnis/Sommelsdijk en alle andere hulpverleners die tijdens de natuurbrand aanwezig waren, worden in de boodschap genoemd.
De VBV laat weten Adrie met respect en dankbaarheid te zullen blijven herinneren.
“Rust zacht, Adrie”, besluit de vereniging haar eerbetoon.
Enorme inzet om duinbrand te bestrijden
De brand waarbij het fatale ongeluk plaatsvond, vergde urenlang een grote inzet van de hulpdiensten.
Uiteindelijk ging ongeveer 2.000 vierkante meter natuur verloren. Omdat voldoende bluswater niet eenvoudig beschikbaar was, werden speciale waterwagens ingezet om de brandweerlieden van water te voorzien.
Ook Defensie werd ingeschakeld. Een Chinook-helikopter hielp vanuit de lucht met het bestrijden van de vlammen door grote hoeveelheden water boven het getroffen gebied te lossen.
Door de natuurbrand ontstond bovendien veel rook. Rond 18.00 uur werd daarom een NL-Alert verstuurd om mensen in de omgeving te waarschuwen.
Zeven uur nodig om brand onder controle te krijgen
De brandweer was ongeveer zeven uur bezig voordat de natuurbrand onder controle was. Ook daarna zat het werk er nog niet op. Gedurende de avond en nacht werd nageblust om te voorkomen dat smeulende delen opnieuw zouden ontbranden.
De precieze oorzaak van de natuurbrand is nog niet bekend.
Wat begon als een grote en ingewikkelde brandweerinzet, eindigde uiteindelijk in een persoonlijk drama voor de familie, vrienden en collega’s van Adrie Vis.
Binnen de brandweer overheerst nu het verdriet om het verlies van een vrijwilliger die zich jarenlang inzette voor de veiligheid van anderen. Zijn collega’s en de betrokken organisaties staan stil bij een man die volgens hen met grote passie en toewijding zijn werk deed en tijdens datzelfde werk uiteindelijk het leven verloor.
Actueel
Belastingdienst niet blij met tanken over de grens en komt met de volgende maatregelen

Steeds meer Nederlandse automobilisten kiezen ervoor om hun tank niet in eigen land, maar in België of Duitsland vol te gooien. Vooral voor mensen die dicht bij de grens wonen, kan het prijsverschil behoorlijk aantrekkelijk zijn. Een tankbeurt wordt bovendien vaak gecombineerd met boodschappen, waardoor de totale besparing verder kan oplopen. Voor Nederland heeft dat gedrag echter een keerzijde: accijnzen en btw verdwijnen naar de buurlanden.
Waarom tanken over de grens goedkoper is
De prijs die automobilisten voor een liter benzine of diesel betalen, bestaat uit verschillende onderdelen. Naast de olieprijs spelen onder meer raffinage, vervoer, opslag en de marge van het tankstation een rol.
Een belangrijk verschil tussen Nederland en de buurlanden zit echter in de belastingen. Nederland heft relatief veel accijns op brandstof en daar komt vervolgens btw bovenop. Daardoor kan benzine of diesel in België en Duitsland aanzienlijk goedkoper zijn.
Een verschil van twintig cent per liter lijkt misschien beperkt, maar bij vijftig liter betekent dat al een besparing van tien euro. Wie een grotere auto heeft of meerdere keren per maand tankt, kan op jaarbasis een aanzienlijk bedrag besparen.
Voor mensen die slechts enkele kilometers van België of Duitsland wonen, is de rekensom daarom snel gemaakt.
Niet voor iedereen voordelig
Wie tientallen kilometers moet rijden om bij een buitenlandse pomp te komen, moet wel goed rekenen. De extra kilometers kosten immers ook brandstof en tijd.
Daarnaast kunnen files ervoor zorgen dat een goedkope tankbeurt uiteindelijk nauwelijks voordeel oplevert. Veel automobilisten combineren het tanken daarom met boodschappen of andere aankopen.
Op die manier wordt één rit gebruikt voor meerdere besparingen en wordt het aantrekkelijker om regelmatig de grens over te steken.
Nederlandse schatkist loopt inkomsten mis
Voor de Nederlandse overheid is tanktoerisme minder gunstig. Wie in Duitsland tankt, betaalt daar de accijnzen en btw. Nederland ontvangt van die tankbeurt niets.
Bij één automobilist stelt dat relatief weinig voor, maar wanneer grote aantallen Nederlanders hetzelfde doen, lopen de bedragen snel op.
Schattingen over de totale omvang verschillen. Volgens het aangeleverde artikel zou het mogelijk om honderden miljoenen euro’s per jaar gaan, waarbij sommige berekeningen zelfs richting één miljard euro gaan.
Dat levert een ingewikkeld dilemma op. Hoge brandstofaccijnzen zorgen enerzijds voor inkomsten en zijn bedoeld om vervuilend gedrag minder aantrekkelijk te maken. Anderzijds kunnen grote prijsverschillen automobilisten juist richting buitenlandse tankstations sturen.
De auto rijdt vervolgens nog steeds dezelfde kilometers, maar de belastinginkomsten gaan naar België of Duitsland. Wanneer iemand speciaal voor een tankbeurt extra kilometers rijdt, levert dat bovendien extra uitstoot op.
Nederlandse tankstations merken gevolgen
Ook pomphouders in Nederlandse grensgebieden voelen de gevolgen. Zij zien potentiële klanten letterlijk voorbijrijden richting een goedkoper tankstation over de grens.
Daarbij verliezen tankstations meer dan alleen inkomsten uit brandstof. Veel pompen verdienen een belangrijk deel van hun geld met hun winkel, waar klanten koffie, broodjes, frisdrank en andere producten kopen.
Wanneer automobilisten in Duitsland of België tanken, bestaat een grote kans dat ze dergelijke aankopen eveneens daar doen.
Vooral kleinere zelfstandige tankstations kunnen daar last van krijgen. Personeel, verzekeringen, onderhoud en energiekosten moeten immers gewoon betaald worden, terwijl de omzet terugloopt.
Sommige ondernemers proberen klanten daarom met kortingsacties, spaarsystemen, horeca of laadpalen terug te winnen. Toch is het lastig concurreren wanneer het prijsverschil aan de pomp groot blijft.
Ook Nederlandse winkels verliezen omzet
De gevolgen beperken zich niet tot tankstations. Omdat Nederlanders hun tankbeurt regelmatig combineren met boodschappen, profiteren ook buitenlandse supermarkten en winkels.
Geld dat anders mogelijk in Nederlandse grensplaatsen zou worden uitgegeven, belandt zo in België of Duitsland.
Dat maakt tanktoerisme een veel breder economisch vraagstuk dan alleen het verschil van enkele centen aan de pomp.
Wereldwijde ontwikkelingen spelen mee
Ook internationale gebeurtenissen hebben invloed op de brandstofprijzen. Oorlogen, politieke spanningen, productieproblemen en onzekerheid rond belangrijke handelsroutes kunnen olie duurder maken.
Wanneer de olieprijs stijgt, worden benzine en diesel doorgaans in meerdere landen duurder. De verschillen in belasting blijven echter bestaan, waardoor automobilisten nog steeds voordeel kunnen hebben bij een buitenlandse pomp.
Voor transportbedrijven zijn zelfs kleine verschillen belangrijk. Bedrijven die enorme hoeveelheden diesel verbruiken, kunnen door een paar cent verschil per liter al duizenden euro’s besparen. Tankstops worden daarom soms bewust buiten Nederland gepland.
Accijnzen verlagen dan maar?
Een voor de hand liggende oplossing lijkt het verlagen van de Nederlandse brandstofaccijnzen. Het prijsverschil met België en Duitsland zou daardoor kleiner worden en mogelijk zouden meer automobilisten weer in Nederland tanken.
Maar ook daar zit een keerzijde aan. Een lagere accijns betekent dat de overheid minder belasting ontvangt over iedere verkochte liter. Het is onzeker of de extra tankbeurten in Nederland voldoende zouden zijn om dat verlies te compenseren.
Daarnaast worden brandstofbelastingen gebruikt om automobilisten te stimuleren minder fossiele brandstoffen te gebruiken en bijvoorbeeld voor elektrisch rijden of het openbaar vervoer te kiezen.
Zelf goed rekenen
Voor automobilisten blijft het uiteindelijk vooral een rekensom. Kijk niet uitsluitend naar het bedrag dat op het prijsbord van het buitenlandse tankstation staat.
Neem ook de afstand, het eigen brandstofverbruik en de extra reistijd mee. Wie twintig euro bespaart maar daarvoor tientallen kilometers moet omrijden, houdt uiteindelijk een stuk minder voordeel over.
Voor inwoners van Nederlandse grensgebieden ligt dat anders. Wanneer een Belgische of Duitse pomp slechts enkele kilometers verderop ligt, kan regelmatig tanken over de grens op jaarbasis behoorlijk wat geld schelen.
En zolang het prijsverschil groot genoeg blijft, lijkt tanktoerisme voorlopig niet te verdwijnen. Daarmee blijft Nederland met een ingewikkeld dilemma zitten: automobilisten willen betaalbaar tanken, ondernemers willen hun klanten behouden en de overheid wil zowel belastinginkomsten veiligstellen als klimaatdoelstellingen halen.