Connect with us

Actueel

Belastingdienst niet blij met tanken over de grens en komt met de volgende maatregelen

Published

on

Steeds meer Nederlandse automobilisten kiezen ervoor om hun tank niet in eigen land, maar in België of Duitsland vol te gooien. Vooral voor mensen die dicht bij de grens wonen, kan het prijsverschil behoorlijk aantrekkelijk zijn. Een tankbeurt wordt bovendien vaak gecombineerd met boodschappen, waardoor de totale besparing verder kan oplopen. Voor Nederland heeft dat gedrag echter een keerzijde: accijnzen en btw verdwijnen naar de buurlanden.

Waarom tanken over de grens goedkoper is

De prijs die automobilisten voor een liter benzine of diesel betalen, bestaat uit verschillende onderdelen. Naast de olieprijs spelen onder meer raffinage, vervoer, opslag en de marge van het tankstation een rol.

Een belangrijk verschil tussen Nederland en de buurlanden zit echter in de belastingen. Nederland heft relatief veel accijns op brandstof en daar komt vervolgens btw bovenop. Daardoor kan benzine of diesel in België en Duitsland aanzienlijk goedkoper zijn.

Een verschil van twintig cent per liter lijkt misschien beperkt, maar bij vijftig liter betekent dat al een besparing van tien euro. Wie een grotere auto heeft of meerdere keren per maand tankt, kan op jaarbasis een aanzienlijk bedrag besparen.

Voor mensen die slechts enkele kilometers van België of Duitsland wonen, is de rekensom daarom snel gemaakt.

Niet voor iedereen voordelig

Wie tientallen kilometers moet rijden om bij een buitenlandse pomp te komen, moet wel goed rekenen. De extra kilometers kosten immers ook brandstof en tijd.

Daarnaast kunnen files ervoor zorgen dat een goedkope tankbeurt uiteindelijk nauwelijks voordeel oplevert. Veel automobilisten combineren het tanken daarom met boodschappen of andere aankopen.

Op die manier wordt één rit gebruikt voor meerdere besparingen en wordt het aantrekkelijker om regelmatig de grens over te steken.

Nederlandse schatkist loopt inkomsten mis

Voor de Nederlandse overheid is tanktoerisme minder gunstig. Wie in Duitsland tankt, betaalt daar de accijnzen en btw. Nederland ontvangt van die tankbeurt niets.

Bij één automobilist stelt dat relatief weinig voor, maar wanneer grote aantallen Nederlanders hetzelfde doen, lopen de bedragen snel op.

Schattingen over de totale omvang verschillen. Volgens het aangeleverde artikel zou het mogelijk om honderden miljoenen euro’s per jaar gaan, waarbij sommige berekeningen zelfs richting één miljard euro gaan.

Dat levert een ingewikkeld dilemma op. Hoge brandstofaccijnzen zorgen enerzijds voor inkomsten en zijn bedoeld om vervuilend gedrag minder aantrekkelijk te maken. Anderzijds kunnen grote prijsverschillen automobilisten juist richting buitenlandse tankstations sturen.

De auto rijdt vervolgens nog steeds dezelfde kilometers, maar de belastinginkomsten gaan naar België of Duitsland. Wanneer iemand speciaal voor een tankbeurt extra kilometers rijdt, levert dat bovendien extra uitstoot op.

Nederlandse tankstations merken gevolgen

Ook pomphouders in Nederlandse grensgebieden voelen de gevolgen. Zij zien potentiële klanten letterlijk voorbijrijden richting een goedkoper tankstation over de grens.

Daarbij verliezen tankstations meer dan alleen inkomsten uit brandstof. Veel pompen verdienen een belangrijk deel van hun geld met hun winkel, waar klanten koffie, broodjes, frisdrank en andere producten kopen.

Wanneer automobilisten in Duitsland of België tanken, bestaat een grote kans dat ze dergelijke aankopen eveneens daar doen.

Vooral kleinere zelfstandige tankstations kunnen daar last van krijgen. Personeel, verzekeringen, onderhoud en energiekosten moeten immers gewoon betaald worden, terwijl de omzet terugloopt.

Sommige ondernemers proberen klanten daarom met kortingsacties, spaarsystemen, horeca of laadpalen terug te winnen. Toch is het lastig concurreren wanneer het prijsverschil aan de pomp groot blijft.

Ook Nederlandse winkels verliezen omzet

De gevolgen beperken zich niet tot tankstations. Omdat Nederlanders hun tankbeurt regelmatig combineren met boodschappen, profiteren ook buitenlandse supermarkten en winkels.

Geld dat anders mogelijk in Nederlandse grensplaatsen zou worden uitgegeven, belandt zo in België of Duitsland.

Dat maakt tanktoerisme een veel breder economisch vraagstuk dan alleen het verschil van enkele centen aan de pomp.

Wereldwijde ontwikkelingen spelen mee

Ook internationale gebeurtenissen hebben invloed op de brandstofprijzen. Oorlogen, politieke spanningen, productieproblemen en onzekerheid rond belangrijke handelsroutes kunnen olie duurder maken.

Wanneer de olieprijs stijgt, worden benzine en diesel doorgaans in meerdere landen duurder. De verschillen in belasting blijven echter bestaan, waardoor automobilisten nog steeds voordeel kunnen hebben bij een buitenlandse pomp.

Voor transportbedrijven zijn zelfs kleine verschillen belangrijk. Bedrijven die enorme hoeveelheden diesel verbruiken, kunnen door een paar cent verschil per liter al duizenden euro’s besparen. Tankstops worden daarom soms bewust buiten Nederland gepland.

Accijnzen verlagen dan maar?

Een voor de hand liggende oplossing lijkt het verlagen van de Nederlandse brandstofaccijnzen. Het prijsverschil met België en Duitsland zou daardoor kleiner worden en mogelijk zouden meer automobilisten weer in Nederland tanken.

Maar ook daar zit een keerzijde aan. Een lagere accijns betekent dat de overheid minder belasting ontvangt over iedere verkochte liter. Het is onzeker of de extra tankbeurten in Nederland voldoende zouden zijn om dat verlies te compenseren.

Daarnaast worden brandstofbelastingen gebruikt om automobilisten te stimuleren minder fossiele brandstoffen te gebruiken en bijvoorbeeld voor elektrisch rijden of het openbaar vervoer te kiezen.

Zelf goed rekenen

Voor automobilisten blijft het uiteindelijk vooral een rekensom. Kijk niet uitsluitend naar het bedrag dat op het prijsbord van het buitenlandse tankstation staat.

Neem ook de afstand, het eigen brandstofverbruik en de extra reistijd mee. Wie twintig euro bespaart maar daarvoor tientallen kilometers moet omrijden, houdt uiteindelijk een stuk minder voordeel over.

Voor inwoners van Nederlandse grensgebieden ligt dat anders. Wanneer een Belgische of Duitse pomp slechts enkele kilometers verderop ligt, kan regelmatig tanken over de grens op jaarbasis behoorlijk wat geld schelen.

En zolang het prijsverschil groot genoeg blijft, lijkt tanktoerisme voorlopig niet te verdwijnen. Daarmee blijft Nederland met een ingewikkeld dilemma zitten: automobilisten willen betaalbaar tanken, ondernemers willen hun klanten behouden en de overheid wil zowel belastinginkomsten veiligstellen als klimaatdoelstellingen halen.

Actueel

Weerdiensten: Op deze datum opnieuw zonsverduistering te zien in Nederland

Published

on

De zonsverduistering heeft Nederland massaal naar de hemel laten kijken. Eclipsbrillen waren op veel plaatsen volledig uitverkocht en wie pas op het laatste moment op zoek ging, had vaak pech. Nu het bijzondere natuurverschijnsel achter de rug is, vragen veel mensen zich af wat ze eigenlijk nog met hun eclipsbril moeten. Het antwoord is simpel: goed bewaren, want volgend jaar komt hij alweer van pas.

Enorme run op eclipsbrillen

In aanloop naar de zonsverduistering ontstond een enorme vraag naar speciale brillen waarmee veilig naar de zon gekeken kon worden. Winkels verkochten hun voorraden in hoog tempo en op veel plekken waren de brillen uiteindelijk helemaal niet meer verkrijgbaar.

Dat zorgde voor opvallende taferelen op tweedehandsplatforms. Op Marktplaats werden eclipsbrillen voor bedragen aangeboden die vele malen hoger lagen dan de oorspronkelijke verkoopprijs. Sommige verkopers probeerden flink te profiteren van de schaarste. Zo verscheen er zelfs een advertentie waarin tien exemplaren voor maar liefst 600 euro werden aangeboden.

Na de verduistering zou je misschien denken dat al die brillen nu rechtstreeks een lade in kunnen om er nooit meer uit te komen. De volgende zonsverduistering van vergelijkbare omvang laat immers nog tientallen jaren op zich wachten.

Toch betekent dat niet dat de eclipsbril voorlopig nutteloos is.

In 2027 opnieuw een zonsverduistering

Al op 2 augustus 2027 krijgen Nederlanders namelijk opnieuw de kans om een gedeeltelijke zonsverduistering te bekijken.

Deze verduistering zal vanuit Nederland minder spectaculair zijn dan het recente exemplaar, maar nog altijd bijzonder genoeg om de eclipsbril weer tevoorschijn te halen. De maan zal tijdens het hoogtepunt een flink gedeelte van de zon bedekken.

Wie de bril nu zorgvuldig opbergt, hoeft volgend jaar dus niet opnieuw op het laatste moment op zoek naar een exemplaar.

Voor mensen die in 2027 juist een totale zonsverduistering willen meemaken, wordt het een ander verhaal. Daarvoor zal gereisd moeten worden. Onder meer vanuit Egypte zal de eclips namelijk veel indrukwekkender zichtbaar zijn.

Controleer de veiligheidsnorm

Er zit wel een belangrijke voorwaarde aan het opnieuw gebruiken van een eclipsbril. Het exemplaar moet geschikt zijn om rechtstreeks naar de zon te kijken.

Controleer daarom of op de bril staat dat deze voldoet aan de veiligheidsnorm ISO 12312-2. Deze norm is specifiek bedoeld voor filters waarmee rechtstreeks naar de zon wordt gekeken.

Ontbreekt die aanduiding of weet je niet zeker waar de bril vandaan komt? Neem dan geen risico en gebruik hem niet opnieuw.

Een gewone zonnebril is overigens ook geen alternatief. Zelfs zeer donkere zonneglazen bieden niet dezelfde bescherming als een goedgekeurd eclipsfilter.

Ook in 2028 weer van pas

Wie zijn eclipsbril na 2027 nog steeds netjes bewaart, krijgt niet veel later alweer een nieuwe mogelijkheid om hem te gebruiken.

Op 26 januari 2028 staat namelijk opnieuw een gedeeltelijke zonsverduistering op het programma. Deze zal rond zonsopkomst zichtbaar zijn.

De maan zal dan een aanzienlijk gedeelte van de zon bedekken. Voor liefhebbers van bijzondere natuurverschijnselen is het dus zeker de moeite waard om de bril na volgend jaar opnieuw te bewaren.

Met twee nieuwe gelegenheden binnen relatief korte tijd is weggooien eigenlijk zonde, mits de bril natuurlijk veilig en onbeschadigd blijft.

Beschadigde bril? Niet meer gebruiken

Alleen de juiste veiligheidsnorm is niet voldoende. Het belangrijkste onderdeel van een eclipsbril is het donkere filter en juist dat moet volledig intact blijven.

Controleer de bril daarom iedere keer voordat je hem opnieuw gebruikt. Kijk goed of er geen krassen, scheurtjes, kleine gaatjes of andere beschadigingen in het materiaal zitten.

Zie je wel een beschadiging? Gebruik de bril dan niet meer. Zelfs wanneer het slechts om een klein gaatje lijkt te gaan, is het verstandiger om voor een nieuw exemplaar te kiezen.

Berg je eclipsbril daarom op een droge en veilige plek op. Leg hem bijvoorbeeld tussen twee stevige stukken karton of bewaar hem in een envelop op een plek waar hij niet gevouwen of bekrast kan raken.

Toch weggooien? Doe het op de juiste manier

Is je bril beschadigd of voldoet hij niet aan de juiste veiligheidsnorm? Dan kun je hem beter weggooien. Maar stop hem niet zomaar volledig bij het oud papier.

De speciale donkere filters horen daar namelijk niet thuis. Wanneer het montuur van papier of karton is gemaakt, kun je de filters verwijderen en het kartonnen gedeelte volgens de lokale afvalregels scheiden.

Het belangrijkste advies is echter: heb je een goedgekeurde en onbeschadigde eclipsbril, bewaar hem dan vooral.

De enorme zoektocht naar een bril van de afgelopen dagen hoef je volgend jaar dan niet opnieuw mee te maken. Op 2 augustus 2027 kun je hem simpelweg weer uit de kast halen voor het volgende bijzondere schouwspel aan de hemel.

Continue Reading