Connect with us

Actueel

Johan Derksen maakt Henny Huisman helemaal kapot: ´Oude zielepoot!´

Published

on

Henny Huisman doet zijn uiterste best om weer een plekje op televisie te veroveren. De 73-jarige presentator werkt in eigen beheer aan een realityserie over zijn leven, maar lijkt moeite te hebben om een zender te vinden die de show wil uitzenden. Terwijl hij zich volledig inzet voor zijn comeback, wordt hij in Vandaag Inside keihard aangepakt door Johan Derksen.

Twijfels over succes

Tv-analist Tina Nijkamp uitte eerder al haar twijfels over het project. “Ik weet niet of dat wel een groot succes gaat worden, omdat ik toch wel denk dat hij best wel een beetje saai is,” stelt ze. Wilfred Genee daarentegen kreeg een voorproefje van de realitysoap en vond het verrassend leuk. “Ik moet zeggen: ik vond het best grappig,” vertelt hij.

Toch is Tina niet overtuigd. “Ik vond het zelf niet zo heel leuk, omdat ik het dan weer zo overacting vind. Volgens mij moet hij gewoon lekker zichzelf zijn. Bij realitysoaps werkt het vaak pas als er iets schuurt, als er echt iets gebeurt.”

Johan Derksen snoeihard: ‘Zielenpoot’

Waar Tina zich nog enigszins genuanceerd uitlaat, gaat Johan Derksen vol in de aanval. “Hij moet natuurlijk uitkijken… Hij komt over als een zielenpoot. Het is een oude zielenpoot die de tv niet kan missen,” zegt hij zonder enige terughoudendheid.

Volgens Johan is het een teken van wanhoop dat Henny nu zelf een realitysoap probeert te maken. “Iemand met z’n volle verstand zou één ding nooit doen, en dat is een soap bij hem thuis laten filmen. Dat is te gênant voor woorden. En Henny is helemaal niet leuk. Hij is alleen leuk als hij gaat drummen, want dat kan hij niet.”

Wilfred en Tina verdedigen Henny

Wilfred Genee kan de harde woorden van Johan nauwelijks geloven. “Wat is dit?! Hij heeft twee keer de Televizier-Ring gewonnen! Het is een grootheid!” Toch blijft Johan bij zijn standpunt. “Ik sta niet drie keer in de week bij John de Mol op de deur te kloppen of ik een programmaatje mag.”

Ook Tina is kritisch op Henny’s poging om terug op tv te komen. “Hij bedelt wel te veel om programmaatjes, om werk. Dat vind ik gewoon sneu voor hem. Het komt wat zielig over, waardoor een zender ook denkt: mmm, die wil wel té graag.”

Sympathie, maar geen toekomst op tv?

Ondanks de keiharde kritiek, benadrukken zowel Tina als Johan dat Henny een sympathieke man is. “Het lullige is dat we Henny Huisman allemaal een ontzettend aardige man vinden,” zegt Johan. Tina knikt instemmend: “Ja, hij is echt aardig.”

De grote vraag blijft: krijgt Henny zijn realityshow ooit op de buis, of zal hij zich moeten neerleggen bij het einde van zijn tv-carrière?

Actueel

Man die de 2000-crisis en COVID voorspelde: ‘Er komt opnieuw een grote ramp aan’

Published

on

Kunstmatige intelligentie is in korte tijd uitgegroeid tot een van de meest besproken technologieën ter wereld. Bedrijven investeren miljarden in nieuwe AI-toepassingen, beleggers storten zich massaal op technologieaandelen en vrijwel iedere grote onderneming probeert een graantje mee te pikken van de razendsnelle ontwikkelingen.

Toch klinkt er steeds vaker ook een waarschuwende stem. De Britse journalist en politiek commentator Robert Peston vreest dat de huidige AI-gekte uiteindelijk kan uitmonden in een economische schok. Volgens hem worden de verwachtingen rondom kunstmatige intelligentie steeds hoger, terwijl nog moet blijken of al die investeringen zich daadwerkelijk terugbetalen.

AI zorgt voor ongekende investeringsgolf

Waar kunstmatige intelligentie enkele jaren geleden nog vooral een onderwerp was voor onderzoekers en technologiebedrijven, is AI inmiddels doorgedrongen tot vrijwel iedere sector.

Van klantenservice en gezondheidszorg tot onderwijs, industrie en financiële dienstverlening: overal wordt volop geëxperimenteerd met slimme software die werkzaamheden kan versnellen of zelfs volledig automatiseren.

Die ontwikkeling heeft geleid tot een ware investeringsgolf. Grote technologiebedrijven trekken tientallen miljarden euro’s uit voor de bouw van nieuwe datacenters, de aanschaf van krachtige computerchips en de ontwikkeling van steeds geavanceerdere AI-systemen.

Volgens Peston ontstaat hierdoor een situatie waarin steeds meer bedrijven investeren vanuit de angst om achter te blijven.

“Iedereen wil de boot niet missen”

In een interview met Radio Times zegt de Britse journalist dat hij zich steeds meer zorgen maakt over de manier waarop investeerders momenteel naar kunstmatige intelligentie kijken.

Volgens hem lijkt het alsof vrijwel iedereen ervan uitgaat dat AI de komende jaren alleen maar verder zal groeien.

“Wanneer iedereen dezelfde verwachting heeft en daar massaal geld op inzet, ontstaat het risico dat de markt zichzelf gaat overschatten,” waarschuwt hij.

Volgens Peston investeren bedrijven momenteel alsof iedere AI-toepassing automatisch succesvol zal worden. Maar de praktijk kan volgens hem weleens minder rooskleurig blijken.

Vergelijkingen met eerdere economische bubbels

De journalist trekt parallellen met eerdere periodes waarin beleggers massaal achter één ontwikkeling aanliepen.

Zo verwijst hij naar de internetzeepbel rond de eeuwwisseling, toen technologiebedrijven enorme beurswaarderingen kregen zonder dat daar altijd winstgevende bedrijfsmodellen tegenover stonden.

Ook de beurscrash van 1929 noemt hij als voorbeeld van een periode waarin optimisme uiteindelijk omsloeg in paniek.

Volgens Peston hoeft de AI-markt niet per se op dezelfde manier te eindigen, maar ziet hij wel overeenkomsten in het enthousiasme waarmee momenteel miljarden worden geïnvesteerd.

Datacenters kosten miljarden

Een belangrijk onderdeel van de AI-revolutie speelt zich af achter de schermen.

Om kunstmatige intelligentie te laten functioneren zijn enorme hoeveelheden rekenkracht nodig. Daarvoor worden wereldwijd gigantische datacenters gebouwd die dag en nacht draaien.

Die centra bevatten duizenden gespecialiseerde computerchips en verbruiken enorme hoeveelheden elektriciteit.

Naast de bouwkosten komen daar ook investeringen bij in koelsystemen, stroomvoorziening en glasvezelverbindingen.

Volgens Peston moet uiteindelijk blijken of al die kosten kunnen worden terugverdiend.

Wanneer slaat het sentiment om?

Volgens de Britse commentator hoeft er maar weinig te gebeuren voordat beleggers anders naar AI gaan kijken.

Een reeks tegenvallende kwartaalcijfers, stijgende rentetarieven of een lagere vraag naar AI-diensten kunnen ervoor zorgen dat investeerders hun verwachtingen bijstellen.

Wanneer dat gebeurt, kan het enthousiasme volgens hem snel omslaan.

Bedrijven die nu nog volop uitbreiden, kunnen dan plotseling investeringen uitstellen of projecten schrappen.

Niet alleen technologiebedrijven lopen risico

Mocht de AI-markt inderdaad afkoelen, dan blijven de gevolgen volgens Peston niet beperkt tot softwarebedrijven.

Ook producenten van computerchips, energieleveranciers, bouwbedrijven en leveranciers van datacenters kunnen geraakt worden.

De hele keten profiteert momenteel van de enorme vraag naar AI-infrastructuur.

Als die vraag afneemt, kan dat volgens hem een domino-effect veroorzaken in meerdere sectoren.

AI verandert ook de arbeidsmarkt

Naast de economische gevolgen kijkt Peston ook naar de impact van kunstmatige intelligentie op de arbeidsmarkt.

Volgens hem zullen steeds meer routinematige werkzaamheden worden overgenomen door slimme software.

Denk daarbij aan administratief werk, klantenservice, eenvoudige juridische analyses en delen van softwareontwikkeling.

Dat betekent volgens hem niet dat alle banen verdwijnen, maar wel dat bedrijven met minder personeel hetzelfde werk kunnen uitvoeren.

Nieuwe uitdagingen voor overheden

Wanneer AI daadwerkelijk veel werkzaamheden automatiseert, ontstaan volgens Peston ook maatschappelijke uitdagingen.

Minder werknemers betekent mogelijk minder loonbelasting, terwijl overheden juist moeten investeren in omscholing, onderwijs en digitale infrastructuur.

Daardoor kunnen moeilijke politieke keuzes ontstaan.

Volgens hem is het verstandig om daar nu al over na te denken, zodat samenlevingen beter voorbereid zijn op de veranderingen die AI met zich meebrengt.

Geen doemscenario

Ondanks zijn waarschuwingen benadrukt Peston dat hij kunstmatige intelligentie zeker niet als iets negatiefs ziet.

Integendeel.

Volgens hem kan AI de productiviteit enorm verhogen en oplossingen bieden voor problemen in onder meer de zorg, wetenschap en industrie.

Hij vergelijkt de technologische ontwikkeling zelfs met de komst van elektriciteit of de industriële revolutie.

Wel vindt hij dat overheden, bedrijven en investeerders realistisch moeten blijven.

Voorzichtig optimisme

Volgens de Britse journalist is het verstandig om niet alleen naar de kansen, maar ook naar de risico’s te kijken.

Investeren in innovatie blijft belangrijk, maar verwachtingen moeten volgens hem gebaseerd zijn op realistische vooruitzichten en niet uitsluitend op enthousiasme.

Bedrijven doen er volgens hem goed aan verschillende scenario’s uit te werken, zodat zij ook voorbereid zijn wanneer de groei minder snel verloopt dan gehoopt.

AI blijft ons dagelijks leven veranderen

Ondertussen lijkt één ding vrijwel zeker: kunstmatige intelligentie zal de komende jaren een steeds grotere rol spelen in het dagelijks leven.

Steeds meer bedrijven integreren AI in hun dienstverlening en ook consumenten maken er dagelijks gebruik van.

Volgens Peston is dat op zichzelf geen reden tot zorg.

Zijn waarschuwing richt zich vooral op de financiële verwachtingen die rondom de technologie zijn ontstaan.

Of zijn voorspelling uitkomt, zal de komende jaren moeten blijken. Vast staat in ieder geval dat kunstmatige intelligentie voorlopig een van de belangrijkste ontwikkelingen blijft binnen de wereldeconomie én de technologiesector. Terwijl de mogelijkheden steeds verder toenemen, groeit tegelijkertijd ook de discussie over de vraag hoe duurzaam de huidige investeringsgolf uiteindelijk zal blijken.

Continue Reading