Actueel
Willeke Alberti zwaar onder vuur: ´Dit is wel een hele flauwe actie!´
Willeke Alberti heeft veel kritiek ontvangen na het delen van een winactie op Facebook, waarbij zorginstellingen een concert van haar kunnen winnen. Wat zij niet meteen vermeldde, is dat er een verplichting is: om deel te nemen, moet eerst 250 euro aan Knorr-producten worden besteld.

Winactie voor zorginstellingen
In een video op Facebook begint Willeke het bericht met de woorden: ,,Hallo allemaal, ik ben Willeke Alberti en ik ben weer gevraagd door Knorr Professional en ik kan niet wachten om weer op te treden voor mensen in zorgcentra die het zo hard nodig hebben. En dit is absoluut géén reclame, want ik meen dit uit de grond van mijn hart.”

Het gaat om de winactie ‘Samenzijn’, georganiseerd door Knorr, waarbij drie zorginstellingen de kans krijgen om een concert van Willeke Alberti te winnen. Het idee lijkt op het eerste gezicht een mooi gebaar van de zangeres, die zich inzet voor mensen in zorginstellingen. Maar de deelnamevoorwaarden roepen vraagtekens op.

De verborgen kosten
Wat Willeke niet meteen vermeldt, is dat zorginstellingen die willen deelnemen aan de actie eerst 250 euro aan Knorr-producten moeten bestellen. Deze vereiste heeft voor veel teleurstelling gezorgd onder fans, die het gevoel hebben dat het oorspronkelijke goede doel nu te maken heeft met commerciële belangen.

De actie werd door veel mensen als misleidend ervaren. Fans vonden het jammer dat een initiatief dat oorspronkelijk bedoeld leek om zorginstellingen te ondersteunen, nu gepaard gaat met financiële verplichtingen die voor sommige instellingen moeilijk te dragen kunnen zijn.

Teleurgestelde reacties
Veel reacties op de Facebook-post van Willeke zijn negatief. ,,Eerst voor 250 euro aan Knorr-producten kopen en dan pas maak je een kans. Jammer”, reageert een teleurgestelde fan. Een ander voegt eraan toe: ,,Het leek me heel erg leuk voor het huis waar mijn oom met Alzheimer woont. Ik kook nooit uit pakjes, potjes en zakjes, dus het feest gaat niet door. Heel flauwe actie van Knorr, bah.”

Het lijkt erop dat de bedoeling achter de winactie, namelijk het ondersteunen van zorginstellingen, nu een twijfelachtige indruk achterlaat. Veel fans vinden het onterecht om zorginstellingen onder druk te zetten om te investeren in producten die zij mogelijk niet nodig hebben, simpelweg om kans te maken op een optreden van Willeke.

Commerciële belangen of welgemeend gebaar?
De vraag blijft of deze actie een goedbedoeld initiatief is van Willeke en Knorr, of dat het vooral draait om commerciële belangen. Terwijl Willeke zelf zegt dat het absoluut geen reclame is, kan de eis om 250 euro aan producten te kopen moeilijk anders gezien worden dan een poging om de verkoop van Knorr te stimuleren.

Voor nu blijft het onduidelijk of Willeke en Knorr hun strategie zullen aanpassen of de kritiek zullen negeren. In ieder geval heeft de actie veel stof doen opwaaien en heeft het de verhoudingen tussen commercie en goede doelen opnieuw onder de aandacht gebracht.
Actueel
Rotterdammer verdacht van ernstig misdrijf meisje (7) dat naar kikkers keek

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft een gevangenisstraf van vijf jaar en tbs met dwangverpleging geëist tegen een 55-jarige man uit Rotterdam. Hij wordt verdacht van de verkrachting van een destijds 7-jarig meisje in het Zuiderpark in Rotterdam. Daarnaast wordt hij verdacht van vrijheidsberoving en wordt hij in verband gebracht met een eerdere zedenzaak uit 2011.
De rechtbank doet op 28 juli uitspraak in de zaak.
Incident in het Zuiderpark
Volgens het Openbaar Ministerie vond het incident plaats op 12 augustus 2025 in het Zuiderpark in Rotterdam.
Het meisje, dat met haar familie vanuit Oekraïne naar Nederland was gevlucht, was die dag samen met haar moeder in het park. Terwijl haar moeder enige tijd rustte, ging het kind volgens het dossier op zoek naar kikkers.
Korte tijd later keerde het meisje zichtbaar overstuur terug. Haar moeder schakelde direct de politie in, waarna een uitgebreid onderzoek werd gestart.
Volgens justitie verklaarde het meisje dat zij door een onbekende man was meegenomen naar het riet, waar zij seksueel zou zijn misbruikt.
Uitgebreid politieonderzoek
Na de melding startte de politie een grootschalig onderzoek.
Volgens het OM werd op meerdere plaatsen DNA veiliggesteld. Daarnaast werden camerabeelden bekeken en telefoongegevens onderzocht.
Justitie stelt dat deze onderzoeksresultaten gezamenlijk naar de 55-jarige Rotterdammer wijzen.
Het OM noemt de verklaring van het meisje gedetailleerd en consistent en stelt dat deze wordt ondersteund door het verzamelde bewijsmateriaal.
Op basis daarvan acht het Openbaar Ministerie bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan verkrachting, aanranding en vrijheidsberoving.
Verdachte beroept zich grotendeels op zwijgrecht
Tijdens de behandeling van de zaak heeft de verdachte volgens aanwezige media nauwelijks inhoudelijk gereageerd op vragen van de rechtbank.
Ook tijdens eerdere politieverhoren maakte hij gebruik van zijn zwijgrecht.
Wel zou hij tijdens gesprekken met een gedragsdeskundige een verklaring hebben afgelegd over de gebeurtenissen.
De verdediging stelt echter dat deze verklaring onder ontoelaatbare druk tot stand is gekomen en daarom niet als bewijs mag worden gebruikt.
De rechtbank zal zich later uitspreken over de waarde van die verklaring.
Verdediging betwist bewijs
De advocaten van de verdachte zetten vraagtekens bij de bewijsvoering van het Openbaar Ministerie.
Volgens de verdediging is naast DNA van de verdachte ook DNA van een onbekende man aangetroffen.
De raadslieden stellen dat dit alternatieve scenario onvoldoende is onderzocht en wijzen erop dat daardoor volgens hen niet met zekerheid kan worden vastgesteld wie verantwoordelijk is voor het misdrijf.
Daarnaast voert de verdediging aan dat de aanwezigheid van DNA op zichzelf niet automatisch bewijst dat de verdachte de dader is.
Het Openbaar Ministerie verwerpt die redenering en stelt dat het totale bewijsmateriaal juist in onderlinge samenhang moet worden beoordeeld.
Slachtoffer ondervindt nog altijd gevolgen
Volgens de advocaat van het slachtoffer heeft het meisje nog dagelijks te maken met de gevolgen van wat er is gebeurd.
Door lange wachtlijsten kon de traumabehandeling volgens de rechtbankstukken pas geruime tijd na het incident beginnen.
Tijdens de zitting werd aandacht besteed aan de grote impact die het voorval heeft gehad op het jonge slachtoffer en haar familie.
Volgens de advocaat is de zaak extra ingrijpend omdat het gezin juist naar Nederland was gekomen in de hoop hier veiligheid te vinden.
Ook verdacht in oudere zaak
Tijdens het onderzoek kwam volgens het OM ook een DNA-match naar voren met een oudere zaak uit 2011.
In die zaak wordt de verdachte ervan verdacht een minderjarig meisje in Rotterdam-Zuid van haar vrijheid te hebben beroofd.
Het vermeende zedendelict uit die zaak kan volgens justitie niet meer worden vervolgd omdat daarvoor de verjaringstermijn is verstreken.
De verdenking van vrijheidsberoving is volgens het OM echter niet verjaard en maakt daarom eveneens deel uit van de huidige strafzaak.
Openbaar Ministerie ziet ernstig recidiverisico
Volgens het OM laten beide zaken zien dat sprake is van een ernstig risico op herhaling.
Tijdens het requisitoir benadrukte de officier van justitie dat bescherming van kinderen en andere kwetsbare personen centraal staat.
Daarnaast wees het Openbaar Ministerie erop dat de verdachte in het verleden meerdere keren is veroordeeld voor schennispleging.
Volgens justitie heeft eerdere behandeling onvoldoende effect gehad, waardoor naast een gevangenisstraf ook tbs met dwangverpleging noodzakelijk wordt geacht.
Verdediging vraagt om vrijspraak
De advocaten van de verdachte zijn het niet eens met de visie van het Openbaar Ministerie.
Zij stellen dat het beschikbare bewijs onvoldoende is om tot een veroordeling te komen en vinden dat ook de gevraagde tbs-maatregel juridisch niet kan worden opgelegd.
Daarom hebben zij de rechtbank verzocht hun cliënt volledig vrij te spreken.
Uitspraak op 28 juli
De rechtbank in Rotterdam zal op 28 juli uitspraak doen in deze omvangrijke strafzaak.
Tot dat moment geldt voor de verdachte de onschuldpresumptie: hij wordt juridisch als onschuldig beschouwd totdat de rechtbank tot een definitief oordeel is gekomen.
De uitspraak zal duidelijk maken hoe de rechtbank het beschikbare bewijs beoordeelt en of zij de strafeis van het Openbaar Ministerie geheel, gedeeltelijk of niet zal volgen.