Actueel
Defensie-expert bezorgd over escalatie Rusland: ”Vormen van WOIII”
De militaire samenwerking tussen Rusland en Noord-Korea zorgt voor toenemende zorgen. Pyongyang zou Rusland niet alleen ondersteunen met militair materieel, maar ook met grote aantallen manschappen, een raketeenheid, lanceerinstallaties en ballistische raketten. Defensie-expert Patrick Bolder vindt dat de internationale gemeenschap veel nadrukkelijker moet reageren. Bij De Telegraaf gebruikt hij stevige woorden: volgens hem begint het conflict door de betrokkenheid van steeds meer landen “vormen te krijgen van een Derde Wereldoorlog”.
Noord-Korea ondersteunt Rusland al langer
De samenwerking tussen Rusland en Noord-Korea is niet nieuw. Noord-Koreaanse militairen werden eerder al naar Rusland gestuurd om de Russische strijdkrachten te ondersteunen.
Een deel van deze troepen werd ingezet in de Russische regio Koersk, waar Oekraïense eenheden gebied hadden ingenomen.
Noord-Korea zou daarbij onder meer een elite-eenheid hebben gestuurd. De verliezen onder deze militairen zouden groot zijn geweest. Veel soldaten zouden zijn omgekomen of zwaargewond zijn geraakt.
Naast gevechtstroepen leverde Pyongyang volgens de berichtgeving ook andere ondersteuning. Zo zouden ongeveer 1.000 Noord-Koreaanse ontmijners en nog eens 5.000 manschappen zijn ingezet om beschadigde militaire infrastructuur te herstellen.
Daarmee speelt Noord-Korea inmiddels een steeds grotere rol in de Russische oorlogsinspanningen.
Zelensky spreekt over nog eens 50.000 militairen
De samenwerking zou nu opnieuw fors worden uitgebreid.
Volgens de Oekraïense president Volodymyr Zelensky zouden nog eens 50.000 Noord-Koreaanse militairen naar Rusland komen. Zuid-Koreaanse en Amerikaanse inlichtingendiensten zouden die informatie volgens de berichtgeving bevestigen.
Deze nieuwe groep zou bovendien beter voorbereid zijn dan de militairen die eerder werden ingezet. De soldaten zouden ongeveer een jaar training achter de rug hebben voordat ze naar Rusland worden gestuurd.
De Noord-Koreaanse militairen zouden richting de Russische stad Voronezj gaan.
Daar blijft het niet bij.
Raketeenheid en ballistische raketten
Naast de grote hoeveelheid manschappen zou Noord-Korea ook een gespecialiseerde raketeenheid van ongeveer negentig militairen sturen.
Deze eenheid zou de beschikking krijgen over zes Noord-Koreaanse lanceerplatformen en meer dan 160 ballistische raketten.
Juist die combinatie van militair personeel en zwaar wapentuig zorgt ervoor dat defensie-expert Patrick Bolder zich zorgen maakt over de ontwikkeling van de oorlog.
Bij De Telegraaf bespreekt hij de situatie met presentator Pim Sedee.
Volgens Bolder krijgt de groeiende betrokkenheid van Noord-Korea internationaal nog onvoldoende aandacht.
‘Hier mag meer licht op worden geschenen’
Bolder vindt onder meer dat er vanuit de Verenigde Naties een duidelijke reactie moet komen.
“Hier mag toch wel wat meer licht op worden geschenen, internationaal”, stelt hij.
Een scherpe veroordeling vanuit de VN-Veiligheidsraad zou volgens hem op zijn plaats zijn, hoewel hij tegelijkertijd erkent dat een dergelijke veroordeling in eerste instantie vooral uit woorden bestaat.
Toch vindt hij de ontwikkeling te belangrijk om grotendeels onbeantwoord te laten.
De oorlog tussen Rusland en Oekraïne heeft vanaf het begin al een sterke internationale dimensie gehad. Oekraïne ontvangt militaire en financiële steun van verschillende westerse landen, terwijl Rusland onder meer nauwere banden heeft opgebouwd met Noord-Korea.
Volgens Bolder maakt de directe inzet van Noord-Koreaanse militairen de situatie echter extra ernstig.
‘Vormen van een Derde Wereldoorlog’
De defensie-expert gebruikt vervolgens opvallend zware woorden.
“We zeggen weleens van: ‘Dit is nog geen Derde Wereldoorlog’, maar op deze manier, met het betrekken van Noord-Korea, en dit soort aantallen, begint het wel de vormen te krijgen van een Derde Wereldoorlog.”
Daarmee zegt Bolder overigens niet dat er formeel sprake is van een wereldoorlog. Hij wijst vooral op het groeiende aantal landen dat direct of indirect bij het conflict betrokken raakt en de mogelijke internationale gevolgen daarvan.
Volgens hem moet daarom niet alleen worden gekeken naar wat de Noord-Koreaanse ondersteuning op korte termijn betekent voor het slagveld in Oekraïne.
Ook elders in de wereld kunnen de gevolgen merkbaar worden.
Ook China zou ontwikkeling nauwlettend volgen
Bolder wijst daarbij specifiek naar Azië.
Volgens hem zou China niet noodzakelijk gelukkig zijn met de steeds intensievere militaire samenwerking tussen Rusland en Noord-Korea.
De ontwikkelingen kunnen er volgens de defensie-expert namelijk toe leiden dat andere landen in Azië eveneens hun militaire samenwerking gaan uitbreiden.
“Dat kan leiden tot verdere defensiesamenwerking tussen Taiwan, de Filipijnen en Japan. Dat zal China ook niet fijn vinden.”
Daarmee kan een ontwikkeling in de oorlog rond Oekraïne uiteindelijk ook invloed krijgen op de machtsverhoudingen aan de andere kant van de wereld.
“De gevolgen op langere termijn zijn behoorlijk groot. Ik vind het raar dat je daar niemand over hoort”, aldus Bolder.
Rusland boos over wapendeal met Turkije
Ondertussen lopen ook de spanningen rond wapenleveringen aan Oekraïne verder op.
Rusland reageert volgens de berichtgeving woedend op een wapendeal waarbij Oekraïne via Turkije Amerikaanse wapens zou aanschaffen.
Het zou gaan om een pakket ter waarde van ongeveer 283 miljoen euro. Onderdeel daarvan zouden onder meer tientallen ATACMS-raketten en M270-raketwerpers zijn.
Voor Oekraïne kunnen dergelijke wapens belangrijk zijn om Russische doelen op grotere afstand te kunnen aanvallen.
Vanuit Moskou wordt daar vanzelfsprekend heel anders naar gekeken.
Rusland spreekt over ‘doos van Pandora’
Maria Zacharova, woordvoerder van het Russische ministerie van Buitenlandse Zaken, reageerde scherp op de overeenkomst.
Volgens haar hebben de Verenigde Staten en Turkije daarmee opnieuw “een doos van Pandora geopend”.
Tegelijkertijd stelt Rusland dat nieuwe wapenleveringen de uiteindelijke uitkomst van de oorlog volgens Moskou niet zullen veranderen.
Vanuit Russische zijde wordt beweerd dat de extra wapens hooguit voor uitstel zullen zorgen.
Internationale betrokkenheid blijft toenemen
De ontwikkelingen illustreren hoe internationaal de oorlog inmiddels is geworden. Waar Oekraïne voor zijn verdediging sterk afhankelijk is van buitenlandse militaire ondersteuning, zoekt Rusland eveneens steeds nadrukkelijker samenwerking met andere landen.
Voor Bolder is vooral de schaal waarop Noord-Korea betrokken zou raken reden tot bezorgdheid.
Als daadwerkelijk tienduizenden Noord-Koreaanse militairen worden ingezet en daarnaast grote hoeveelheden ballistische raketten en lanceersystemen naar Rusland gaan, krijgt die samenwerking volgens hem een steeds zwaardere militaire betekenis.
Of zijn vergelijking met de contouren van een Derde Wereldoorlog werkelijkheid wordt, is uiteraard niet te voorspellen. Zijn waarschuwing is vooral dat de internationale gevolgen van de steeds bredere betrokkenheid niet onderschat moeten worden.
Actueel
Vanaf 12 augustus: nieuwe verplichting geldt voor alle supermarktklanten

Miljoenen Nederlanders kunnen de komende jaren veranderingen gaan merken in de supermarkt en bij online bestellingen. Nieuwe Europese regels moeten ervoor zorgen dat verpakkingen kleiner, lichter en beter recyclebaar worden. De maatregelen worden stapsgewijs ingevoerd en moeten vooral de enorme hoeveelheid verpakkingsafval binnen Europa terugdringen.
Europa wil hoeveelheid verpakkingsafval flink verminderen
Wie regelmatig boodschappen doet, kent het verschijnsel waarschijnlijk wel: een grote doos openen om vervolgens te ontdekken dat het daadwerkelijke product maar een klein gedeelte van de verpakking inneemt.
Als het aan de Europese Unie ligt, moet daar steeds vaker een einde aan komen.
Europa produceert namelijk enorme hoeveelheden verpakkingsafval. Volgens de Europese Commissie komt dat neer op bijna 190 kilo per inwoner per jaar. Zonder nieuwe maatregelen dreigt die hoeveelheid de komende jaren verder toe te nemen.
Daarom zijn nieuwe regels opgesteld die fabrikanten, supermarkten, importeurs en webwinkels dwingen kritischer te kijken naar de manier waarop producten worden verpakt.
Centraal daarin staat de Europese Packaging and Packaging Waste Regulation, oftewel de PPWR.
Verpakkingen moeten kleiner en lichter
Een van de belangrijkste uitgangspunten van de nieuwe regelgeving is dat verpakkingen niet onnodig groot of zwaar mogen zijn.
Fabrikanten moeten hun verpakkingen zo ontwerpen dat er niet méér materiaal wordt gebruikt dan noodzakelijk is om het product veilig te verpakken.
Voor consumenten kan dat betekenen dat bepaalde producten in de toekomst in kleinere dozen, zakken en andere verpakkingen terechtkomen.
Het product zelf hoeft daardoor natuurlijk niet kleiner te worden. Het gaat juist om het terugdringen van overbodig verpakkingsmateriaal en lege ruimte rondom producten.
De bekende enorme doos met daarin een relatief klein artikel moet daardoor uiteindelijk steeds minder vaak voorkomen.
Ook webwinkels krijgen ermee te maken
Niet alleen de supermarkt krijgt te maken met veranderingen. Ook bij online bestellingen moet efficiënter worden verpakt.
Iedereen die regelmatig iets online koopt, heeft waarschijnlijk weleens een pakket ontvangen waarbij een klein artikel in een opvallend grote verzenddoos zat.
Juist die lege ruimte wil Europa aanpakken.
Voor transport- en verzendverpakkingen komen strengere eisen. Vanaf 2030 geldt volgens de regelgeving onder meer een maximale hoeveelheid loze ruimte van 50 procent voor bepaalde verpakkingen.
Daarmee moet niet alleen karton of ander verpakkingsmateriaal worden bespaard. Kleinere pakketten betekenen ook dat vrachtwagens en bestelwagens efficiënter kunnen worden gevuld.
Recycling wordt belangrijker
Een tweede belangrijk onderdeel van de plannen heeft betrekking op recycling.
Verpakkingen moeten steeds meer worden ontworpen met het oog op hergebruik van de gebruikte grondstoffen. Een verpakking die uit allerlei moeilijk van elkaar te scheiden materialen bestaat, kan recycling namelijk ingewikkelder maken.
Producenten zullen daarom bij het ontwerpen al rekening moeten houden met wat er met de verpakking gebeurt nadat de consument het product heeft gebruikt.
Het uiteindelijke doel is een systeem waarin veel meer materiaal opnieuw als grondstof kan worden ingezet.
Daarmee wil Europa minder afhankelijk worden van nieuwe grondstoffen en tegelijkertijd de hoeveelheid afval die wordt verbrand of op andere manieren verdwijnt verminderen.
Schadelijke stoffen verder beperkt
Ook de samenstelling van verpakkingen wordt aangepakt.
Voor bepaalde voedselverpakkingen worden bijvoorbeeld strengere beperkingen gesteld aan het gebruik van PFAS. Deze chemische stoffen kunnen zeer lang in het milieu aanwezig blijven.
Door het gebruik ervan terug te dringen, wil Europa zowel gezondheids- en milieurisico’s beperken als voorkomen dat schadelijke stoffen het recyclingproces bemoeilijken.
De nieuwe regels gaan daardoor veel verder dan alleen het formaat van een kartonnen doos.
Niet alles verandert meteen
Consumenten hoeven overigens niet te verwachten dat van de ene op de andere dag alle verpakkingen in Nederlandse supermarkten veranderen.
De verschillende onderdelen van de Europese regelgeving worden verspreid over meerdere jaren ingevoerd. Bedrijven krijgen daardoor tijd om verpakkingslijnen, materialen en ontwerpen aan te passen.
Een verandering die bijvoorbeeld nog langer op zich laat wachten, betreft uniforme Europese labels voor afvalscheiding.
Het idee is dat consumenten straks gemakkelijker kunnen zien in welke afvalstroom een verpakking thuishoort. Daarvoor moeten in Europa dezelfde herkenbare pictogrammen worden gebruikt.
De definitieve vormgeving daarvan moet echter nog verder worden uitgewerkt. De verwachting is dat dergelijke uniforme labels op zijn vroegst vanaf augustus 2028 verplicht worden.
Tot die tijd blijven consumenten vooral de bestaande nationale aanduidingen tegenkomen.
Producent krijgt meer verantwoordelijkheid
Voor fabrikanten en importeurs betekenen de maatregelen ondertussen behoorlijk wat werk.
Bedrijven moeten kunnen aantonen dat hun verpakkingen voldoen aan de Europese eisen. Daarbij wordt gekeken naar onder andere materiaalgebruik, recyclebaarheid en de hoeveelheid verpakking die noodzakelijk is.
Daarnaast blijven producenten financieel verantwoordelijk voor de inzameling en verwerking van verpakkingsafval in landen waar hun producten worden verkocht.
Het principe daarachter is duidelijk: degene die verpakkingen op de markt brengt, draagt ook verantwoordelijkheid voor wat er uiteindelijk met dat materiaal gebeurt.
Steeds meer gerecycled materiaal
De komende jaren worden ook de Europese ambities voor recycling verder aangescherpt.
Daardoor moet een steeds groter gedeelte van onder andere kunststof, aluminium en staal opnieuw worden verwerkt en als grondstof worden gebruikt.
Voor consumenten kan dat uiteindelijk zichtbaar worden aan de verpakkingen zelf. Ze kunnen eenvoudiger worden ontworpen, uit minder verschillende materialen bestaan en vaker gerecycled materiaal bevatten.
Daarnaast wil Europa sterker inzetten op herbruikbare oplossingen, waardoor bepaalde wegwerpverpakkingen geleidelijk minder gebruikelijk kunnen worden.
Wat merkt de Nederlandse consument?
Voor Nederlandse huishoudens verandert de manier waarop afval wordt weggegooid voorlopig niet plotseling.
De grootste veranderingen zullen waarschijnlijk geleidelijk zichtbaar worden tijdens het boodschappen doen of bij het openen van online bestellingen.
Denk aan compactere verpakkingen, minder lege ruimte in dozen, andere materialen en uiteindelijk duidelijkere informatie over recycling.
Het gaat dus niet om één enorme verandering die onmiddellijk zichtbaar is, maar om een reeks maatregelen die gedurende meerdere jaren worden ingevoerd.
De vertrouwde grote doos met opvallend weinig inhoud kan daardoor steeds meer uit het straatbeeld verdwijnen. Als de Europese plannen werken zoals bedoeld, houden consumenten uiteindelijk minder verpakkingsmateriaal over terwijl dezelfde producten gewoon in het schap blijven liggen.