Actueel
Albert Verlinde getroffen door immens verlies
Albert Verlinde is in diepe r0uw na het verlies van zijn trouwe viervoeter Moos. De presentator en mediapersoonlijkheid deelde via Instagram het verdrietige nieuws dat zijn geliefde hond, die negen jaar lang aan zijn zijde stond, is 0verleden. Het verlies raakt hem diep, en zijn volgers leven massaal met hem mee.

Afscheid van Moos
Bij een foto van Moos schrijft Albert een emotioneel bericht:
“Dag lieve Moos. Na negen mooie jaren samen is het nu mooi geweest.”

Moos kwam destijds als asielhond in het gezin van Albert en heeft uiteindelijk de respectabele leeftijd van zestien jaar mogen bereiken. Verlinde is dankbaar voor de tijd die ze samen hebben gehad:
“Vanuit het asiel kwam je bij ons en je hebt zestien mogen worden. Dank voor alle liefde.”

Zijn verdriet is voelbaar en de post wordt overspoeld met steunbetuigingen van collega’s, vrienden en volgers.
Moos was een geliefd huisdier
Albert Verlinde was dol op Moos en deelde regelmatig foto’s van zijn hond met zijn volgers. Moos was niet zomaar een huisdier; hij werd gezien als een volwaardig gezinslid en verscheen zelfs meerdere keren in de media. Zo was er ooit een foto van Albert en Moos te zien in De Volkskrant, en op sociale media werd het hondje geregeld gespot achter een laptop – een knipoog naar het drukke leven van zijn baasje.

Het 0verlijden van Moos laat een grote leegte achter bij Albert, die in eerdere interviews al eens aangaf dat zijn hond een enorme steun voor hem was in moeilijke tijden.
Steun van bekende Nederlanders
Onder de post stromen de reacties binnen van vrienden en bekende Nederlanders die hun steun betuigen aan Verlinde.

Enkele reacties:
- “Lieve Albert, wat een verdriet. Veel sterkte met het verlies van je maatje.”
- “Wat een mooie leeftijd, maar dat maakt het verlies niet minder zwaar.”
- “Ik weet hoe belangrijk Moos voor je was. Veel kracht gewenst!”
Het verlies van een huisdier is vaak intens, zeker als het jarenlang een vast onderdeel van het gezin is geweest. Voor Albert betekent dit afscheid een emotionele klap, maar hij put troost uit de vele mooie herinneringen die hij met Moos heeft mogen maken.

Albert Verlinde bij Vandaag Inside
Ondanks het persoonlijke verdriet blijft Albert Verlinde actief op televisie. Sinds begin dit jaar schuift hij wekelijks aan bij Vandaag Inside, waar hij op woensdag de vaste vervanger is van René van der Gijp.
Van der Gijp gaf eerder aan dat vijf dagen per week werken hem te veel werd, en koos ervoor om woensdag vrij te nemen. Dit bood een kans voor Verlinde, die zich inmiddels prima thuis voelt bij Wilfred Genee en Johan Derksen.

Kijkers lyrisch over Verlinde bij Vandaag Inside
De toevoeging van Verlinde aan het programma is een schot in de roos gebleken. Kijkers zijn lyrisch over zijn optredens en velen pleiten ervoor om hem vaker aan tafel te laten zitten.

Enkele reacties van fans op social media:
- “Albert brengt echt iets nieuws in Vandaag Inside. Hij mag wat mij betreft vaker aanschuiven.”
- “Die woensdag met Albert is echt top! Meer van dit!”
- “Zoveel chemie tussen Johan, Wilfred en Albert. Waarom niet standaard een vierde vaste kracht?”
Blijft Albert vaker aan tafel zitten?
Hoewel Verlinde goed in de smaak valt bij de kijkers, is de kans klein dat hij een grotere rol krijgt bij Vandaag Inside. Het contract tussen Wilfred Genee, Johan Derksen en René van der Gijp staat vast, en grote wijzigingen worden niet snel doorgevoerd.
Toch blijft het enthousiasme over zijn optredens groot, en met zijn journalistieke achtergrond en scherpe analyses brengt hij een frisse dynamiek in het programma.
Blik op de toekomst
Terwijl Verlinde r0uwt om zijn geliefde Moos, blijft hij professioneel doorgaan met zijn televisiecarrière. Met zijn nieuwe rol bij Vandaag Inside blijft hij een veelbesproken figuur in de media.
Voor nu ligt de focus op het verwerken van het verlies van zijn trouwe viervoeter, een afscheid dat hem en zijn volgers niet onberoerd laat.
Actueel
GGD meldt nieuwe besmetting met westnijlvirus: DIT zijn de eerste symptomen

In Nederland is opnieuw een besmetting met het westnijlvirus gemeld. Volgens AT5 gaat het om een 39-jarige vrouw uit Amstelveen. De GGD bevestigt dat er sprake is van een besmetting, maar doet vanwege de privacy geen verdere uitspraken over de patiënt. De nieuwe melding trekt extra aandacht omdat eerder al iemand in Nederland aan westnijlkoorts overleed. Toch benadrukt het RIVM dat de kans om het virus in Nederland op te lopen en er ziek van te worden nog altijd erg klein is.
Volgens AT5 zou de 39-jarige vrouw het virus in Nederland hebben opgelopen. De regionale omroep meldt bovendien dat zij hersenvliesontsteking heeft gekregen.
De GGD doet vanwege de privacy geen mededelingen over dergelijke persoonlijke medische details. Daardoor kunnen niet alle bijzonderheden die over de vrouw naar buiten zijn gebracht officieel worden bevestigd.
Wel is duidelijk dat het westnijlvirus deze zomer opnieuw lokaal in Nederland wordt overgedragen.
Eerder al meerdere besmettingen vastgesteld
Het westnijlvirus dook in augustus opnieuw op bij mensen in Nederland.
Op 17 augustus maakte het RIVM bekend dat bij een bloeddonor een infectie was vastgesteld. De betreffende persoon woonde in de provincie Utrecht, was niet recent in het buitenland geweest en had milde klachten.
Het was de eerste bevestigde menselijke besmetting van 2026 waarvan werd aangenomen dat deze in Nederland was ontstaan.
Later maakte het RIVM bekend dat er in 2026 meerdere meldingen waren van mensen die het virus waarschijnlijk in Nederland hadden opgelopen.
Een van die patiënten is uiteindelijk in een ziekenhuis overleden aan westnijlkoorts.
Het RIVM benadrukt tegelijkertijd dat het risico voor de Nederlandse bevolking klein blijft.
Muggenexpert waarschuwt voor ontwikkeling
De nieuwe besmettingen zorgen wel voor extra aandacht onder deskundigen.
Muggenexpert Bart Knols waarschuwde bij WNL dat de ontwikkeling volgens hem serieus moet worden genomen.
„Het begint met één persoon en dan zouden alle alarmbellen moeten afgaan”, stelde hij.
Knols wees erop dat wetenschappers al veel langer rekening houden met de mogelijkheid dat het westnijlvirus zich verder naar het noorden van Europa zou verspreiden.
Hij pleitte daarbij voor een stevige aanpak en goede monitoring.
Zijn uitspraken betekenen overigens niet dat er op dit moment sprake is van een grote Nederlandse uitbraak. Het RIVM houdt de situatie samen met andere organisaties nauwlettend in de gaten en noemt de kans om in Nederland westnijlkoorts op te lopen nog steeds erg klein.
Hoe raak je besmet met het westnijlvirus?
Het westnijlvirus circuleert voornamelijk onder vogels.
Muggen kunnen besmet raken wanneer zij bloed zuigen bij een vogel die het virus bij zich draagt. Een besmette mug kan het virus vervolgens bij een volgende beet doorgeven aan andere vogels, maar soms ook aan mensen en zoogdieren zoals paarden.
In Nederland kan de gewone huissteekmug het virus overbrengen.
Mensen spelen normaal gesproken geen rol bij de verdere verspreiding via muggen. Je krijgt het virus dus niet simpelweg door in de buurt te zijn van iemand die besmet is.
Meeste besmette mensen merken helemaal niets
Een belangrijk gegeven is dat een infectie lang niet altijd tot ziekte leidt.
Volgens het RIVM krijgt ongeveer 80 procent van de besmette mensen helemaal geen klachten.
Ongeveer 19 procent ontwikkelt een mild ziektebeeld dat op griep kan lijken.
Slechts ongeveer 1 procent van de geïnfecteerde mensen krijgt ernstige neurologische klachten, zoals een hersenontsteking of hersenvliesontsteking.
Het feit dat een mug het virus overdraagt, betekent dus niet automatisch dat iemand ernstig ziek wordt.
Dit zijn de eerste symptomen
Wanneer er wel klachten ontstaan, gebeurt dat doorgaans enkele dagen na de beet van een besmette mug.
De incubatietijd bedraagt volgens het RIVM twee tot veertien dagen, waarbij klachten meestal na twee tot zes dagen beginnen.
De eerste verschijnselen kunnen bestaan uit:
- koorts;
- hoofdpijn;
- spierpijn;
- buikpijn;
- diarree;
- soms huiduitslag;
- soms opgezwollen lymfeklieren.
Omdat deze klachten ook bij allerlei andere infecties voorkomen, kan op basis van symptomen alleen niet worden vastgesteld dat iemand het westnijlvirus heeft.
Wanneer kan het ernstig worden?
Bij een klein percentage van de patiënten kan de infectie het zenuwstelsel aantasten.
Er kan dan bijvoorbeeld hersenvliesontsteking of hersenontsteking ontstaan.
Vooral mensen ouder dan vijftig jaar en mensen met een verminderde weerstand door ziekte of medicijngebruik hebben volgens het RIVM een grotere kans om ernstig ziek te worden.
Bij ernstige neurologische ziekte kan ziekenhuisopname noodzakelijk zijn.
Een klein gedeelte van de patiënten met een ernstige vorm van westnijlkoorts overlijdt aan de gevolgen ervan.
Geen vaccin voor mensen beschikbaar
Er bestaat momenteel geen vaccin voor mensen tegen westnijlkoorts.
Ook is er geen specifiek geneesmiddel waarmee het virus kan worden uitgeschakeld. Bij een mild ziektebeeld richt behandeling zich daarom voornamelijk op het verminderen van de klachten.
Bij ernstige ziekte kan opname in het ziekenhuis nodig zijn.
Voorkomen dat je door muggen wordt gestoken blijft daarom de belangrijkste manier om het risico verder te verkleinen.
Zo verklein je de kans op muggenbeten
De huissteekmuggen die het virus kunnen overbrengen zijn vooral actief rond de schemering.
Het RIVM adviseert onder meer om bedekkende kleding te dragen, horren voor ramen en deuren te gebruiken en muggenwerende middelen op onbedekte huid aan te brengen.
Ook een klamboe kan helpen om muggenbeten tijdens het slapen te voorkomen.
Risico in Nederland blijft klein
De nieuwe besmettingen laten zien dat het westnijlvirus opnieuw lokaal in Nederland kan circuleren.
Dat is voor gezondheidsinstanties reden om de situatie nauwlettend te volgen, maar volgens het RIVM is er geen reden om aan te nemen dat iedere muggenbeet ineens gevaarlijk is.
De meeste mensen die het westnijlvirus oplopen krijgen zelfs helemaal geen klachten. Wie wel ziek wordt, krijgt doorgaans griepachtige verschijnselen zoals koorts, hoofdpijn en spierpijn. Ernstige neurologische complicaties zoals hersenvlies- of hersenontsteking komen slechts bij een klein deel van de besmettingen voor.