Actueel
Hond blijft maar blaffen? In Rotterdam kon dat baasjes een hoge boete opleveren
Een hond die blaft wanneer iemand aanbelt of langs het huis loopt, is weinig bijzonders. Maar wat als het dier iedere dag urenlang blijft blaffen en de buren er geen moment rust door krijgen? In Rotterdam liep de discussie over dergelijke hondenoverlast jaren geleden zo hoog op dat er zelfs een boete van 130 euro werd voorgesteld. In het uiterste geval kon er nog verder worden ingegrepen.
Het opvallende verhaal duikt nog regelmatig op, maar daarbij is één detail belangrijk: het gaat om een Rotterdams voorstel uit 2013 en niet om een nieuwe landelijke boete die in 2026 is ingevoerd.
Toch blijft het onderwerp actueel. Aanhoudend geblaf kan voor flinke spanningen tussen buren zorgen en kan bovendien een signaal zijn dat er iets met de hond aan de hand is.
Boete van 130 euro voor hondenbezitter
Het Rotterdamse stadsbestuur wilde destijds harder kunnen optreden tegen ernstige en langdurige geluidsoverlast veroorzaakt door honden.
Daarbij werd een boete van 130 euro genoemd.
Het ging nadrukkelijk niet om een hond die af en toe aanslaat.
Vrijwel iedere hond blaft immers weleens. Dat kan gebeuren wanneer iemand aanbelt, een andere hond voorbijloopt of er plotseling geluid in het trappenhuis klinkt.
Het voorstel richtte zich op veel ernstigere situaties waarbij honden langdurig bleven blaffen en er herhaaldelijk klachten van omwonenden binnenkwamen.
Niet na één klacht meteen een boete
Een belangrijk onderscheid was dat een hondenbezitter niet automatisch een boete zou krijgen zodra één buurman klaagde.
Er moest sprake zijn van aanhoudende overlast.
Bovendien moest het probleem al vaker zijn gemeld.
Het Rotterdamse college wilde daarmee onderscheid maken tussen normale geluiden die bij het dagelijks leven horen en uitzonderlijke situaties waarin het geblaf structureel het woongenot van anderen aantastte.
Een hond die een paar minuten blaft, viel dus niet zomaar onder de maatregel.
Urenlang blaffen kan enorme irritatie veroorzaken
Vooral in appartementen en dichtbebouwde woonwijken kan langdurig hondengeblaf bijzonder hinderlijk zijn.
Geluid trekt door muren, plafonds en vloeren en kan daardoor in verschillende woningen hoorbaar zijn.
Daar komt bij dat de overlast zich soms iedere dag herhaalt.
Een hond die moeite heeft met alleen thuis zijn, kan bijvoorbeeld iedere ochtend beginnen te blaffen zodra zijn eigenaar naar het werk vertrekt.
Voor buren betekent dat mogelijk dat ze uren achter elkaar hetzelfde geluid horen.
Na verloop van tijd kan zo’n situatie leiden tot flinke spanningen.
Complete burenruzies door blaffende honden
Volgens de Rotterdamse gemeente konden voortdurend blaffende honden zelfs aanleiding geven tot ernstige conflicten tussen buurtbewoners.
Dat is niet moeilijk voor te stellen.
Wie één keer last heeft van geluid, kan dat misschien gemakkelijk naast zich neerleggen. Wanneer hetzelfde probleem weken of maanden aanhoudt, kan de irritatie steeds verder oplopen.
Zeker wanneer een buur het gevoel krijgt dat de eigenaar niets met de klachten doet.
Het voorstel moest de gemeente daarom een duidelijk middel geven om in hardnekkige gevallen op te treden.
Hond kon uiteindelijk zelfs in beslag worden genomen
Het meest opvallende onderdeel van de toenmalige berichtgeving was niet eens de boete zelf.
Wanneer een opgelegde boete niet werd betaald, zou volgens Rijnmond uiteindelijk zelfs inbeslagname van de hond aan de orde kunnen komen.
Dat is vanzelfsprekend een veel zwaardere consequentie.
Voor veel mensen is een hond immers geen bezit zoals ieder ander, maar een volwaardig onderdeel van het gezin.
Juist die mogelijke vervolgstap zorgde ervoor dat het Rotterdamse voorstel destijds veel aandacht trok.
Rotterdam moest APV aanpassen
De gemeente kon zo’n specifieke maatregel niet zomaar van de ene op de andere dag invoeren.
Daarvoor moest de Algemene Plaatselijke Verordening, beter bekend als de APV, worden aangepast.
In de APV staan gemeentelijke regels die onder meer betrekking kunnen hebben op overlast en openbare orde.
Het Rotterdamse college wilde daarin opnieuw een mogelijkheid opnemen om tegen ernstige overlast door blaffende honden op te treden.
De gemeenteraad moest daar vervolgens nog over beslissen.
Rotterdam kende eerder al een blafverbod
Opvallend is dat een dergelijke regel destijds niet volledig nieuw was.
Rotterdam had volgens de berichtgeving eerder al jarenlang een zogenoemd blafverbod gehad.
Nadat de APV was vernieuwd, was die specifieke bepaling verdwenen.
Het stadsbestuur wilde vervolgens opnieuw een mogelijkheid creëren om gericht tegen langdurig hondengeblaf op te treden.
Het ging dus eerder om het terugbrengen van een instrument dan om een compleet nieuw probleem.
Niet iedereen vond aparte regel nodig
Binnen de Rotterdamse politiek was destijds niet iedereen overtuigd van de noodzaak.
GroenLinks vond een afzonderlijk blafverbod bijvoorbeeld overbodig.
Volgens de partij waren er al andere regels waarmee tegen ernstige overlast door honden en hun eigenaren kon worden opgetreden.
Daarmee ontstond de discussie of een specifieke regel voor blaffende honden daadwerkelijk nodig was.
Dat was mede relevant omdat het stadsbestuur zelf aangaf dat echt ernstige gevallen maar enkele keren per jaar voorkwamen.
Wanneer wordt normaal blaffen overlast?
Dat is precies het moeilijke aan dit soort situaties.
Van een hond kan niet worden verwacht dat hij nooit geluid maakt.
Blaffen is normaal hondengedrag en kan allerlei functies hebben.
Het wordt anders wanneer een hond structureel, langdurig en regelmatig zoveel geluid maakt dat omwonenden daar ernstige hinder van ervaren.
Denk bijvoorbeeld aan een hond die vrijwel iedere werkdag urenlang blaft.
Dat is duidelijk iets anders dan een dier dat kort aanslaat wanneer de postbezorger voor de deur staat.
Eigenaar weet soms van niets
Een opvallend probleem bij langdurig geblaf is dat de hondenbezitter het zelf soms helemaal niet hoort.
De hond kan juist gaan blaffen wanneer de eigenaar de woning verlaat.
Wanneer de baas enkele uren later thuiskomt, is het dier misschien weer rustig.
Voor de eigenaar lijkt er dan weinig aan de hand te zijn, terwijl de buren urenlang naar geblaf of gejank hebben geluisterd.
Daarom kan een rustig gesprek tussen buren een belangrijke eerste stap zijn.
De eigenaar kan dan controleren wat de hond tijdens zijn afwezigheid doet.
Langdurig blaffen kan verschillende oorzaken hebben
Een hond die veel blaft, doet dat niet noodzakelijk omdat het dier simpelweg ‘lastig’ is.
Er kunnen allerlei oorzaken achter zitten.
Sommige honden reageren sterk op mensen of dieren die langs het raam lopen. Andere dieren vervelen zich, krijgen onvoldoende beweging of zijn gevoelig voor geluiden uit de omgeving.
Ook moeite met alleen thuis zijn kan een rol spelen.
Een hond kan onrustig worden wanneer zijn eigenaar vertrekt en vervolgens langdurig gaan blaffen, janken of door de woning lopen.
In zo’n geval is niet alleen sprake van een probleem voor de buren. Ook de hond zelf kan stress ervaren.
Oorzaak aanpakken is belangrijk
Alleen proberen het blaffen te stoppen, is daarom niet altijd voldoende.
Het kan belangrijk zijn om eerst te achterhalen waarom de hond zoveel geluid maakt.
Meer beweging, minder prikkels rond ramen, training of professionele begeleiding kunnen afhankelijk van de oorzaak helpen.
Bij problemen met alleen thuis blijven kan bijvoorbeeld een gerichte trainingsaanpak nodig zijn.
Daarmee kan zowel het welzijn van de hond als de rust in de buurt verbeteren.
Bericht uit 2013 wordt opnieuw gedeeld
Wie tegenwoordig online leest over een boete van 130 euro voor een blaffende hond, moet dus goed naar de datum kijken.
Het oorspronkelijke bericht van Rijnmond verscheen op 7 juni 2013.
Het ging om een voorstel dat destijds in Rotterdam speelde.
Het is daarom onjuist om het oude bericht zonder die context te presenteren alsof Nederlandse hondenbezitters in 2026 ineens standaard een boete van precies 130 euro krijgen wanneer hun hond te veel blaft.
Lokale regels en mogelijkheden om tegen overlast op te treden kunnen bovendien per gemeente en situatie verschillen.
Aanhoudend geblaf wel serieus nemen
Dat het verhaal over de specifieke Rotterdamse boete oud is, betekent niet dat hondenbezitters structurele geluidsoverlast kunnen negeren.
Langdurig geblaf kan voor omwonenden zeer belastend zijn en uiteindelijk tot klachten en verdere stappen leiden.
Daarom is het verstandig om signalen van buren serieus te nemen.
Misschien blijkt dat je hond iedere dag uren blaft zonder dat je daar zelf iets van wist.
In dat geval is het niet alleen vanwege mogelijke overlast verstandig om actie te ondernemen. Het gedrag kan ook duidelijk maken dat je hond ergens moeite mee heeft.
Een paar keer aanslaan bij de deurbel is normaal. Maar wanneer een hond dag na dag urenlang door de muren heen te horen is, wordt het een ander verhaal. Precies voor die uitzonderlijke situaties wilde Rotterdam destijds harder kunnen optreden — met een voorgestelde boete van 130 euro als opvallend middel.
Actueel
Deze vier provincies doen niet meer aan wintertijd en zetten de klok niet terug

Twee keer per jaar de klok verzetten? Op steeds meer plekken willen ze daar definitief vanaf. Verschillende regio’s hebben inmiddels besloten voortaan het hele jaar dezelfde tijd te hanteren. Vooral in Canada is er veel beweging. Daar kiezen meerdere provincies en gebieden ervoor de halfjaarlijkse klokwissel af te schaffen. Toch zorgt één belangrijke vraag nog altijd voor discussie: kiezen we voor permanente zomertijd of juist voor wintertijd?
Die discussie speelt ook onder slaapdeskundigen. Hoewel velen van hen het stoppen met de klokwissel toejuichen, bestaat er kritiek op permanente zomertijd. Een vaste wintertijd zou namelijk beter aansluiten bij het natuurlijke dag-nachtritme.
In Nederland verandert er voorlopig niets. In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober 2026 gaat de klok weer een uur terug.
Steeds meer plekken stoppen met klok verzetten
Voor miljoenen mensen is het ieder voorjaar en najaar hetzelfde ritueel: alle klokken moeten een uur vooruit of achteruit.
Dat heeft niet alleen praktische gevolgen. De verandering kan tijdelijk ook invloed hebben op het slaapritme.
Op verschillende plekken in Canada wordt daarom afscheid genomen van het systeem.
In de aangeleverde berichtgeving wordt Manitoba genoemd als de nieuwste provincie die besloot het verzetten van de klok te beëindigen.
Daar ging eerst een raadpleging onder de bevolking aan vooraf.
Bijna 72.000 inwoners zouden hun mening hebben gegeven. Maar liefst 92 procent van de deelnemers gaf aan dat ze van de halfjaarlijkse tijdswisseling af wilden.
De volgende vraag was welke tijd vervolgens permanent moest worden.
Meeste inwoners kiezen voor zomertijd
Daarover waren de meningen meer verdeeld.
Volgens de aangeleverde cijfers koos 58 procent voor permanente zomertijd, terwijl 34 procent liever permanent de wintertijd zou aanhouden.
Het voordeel van zomertijd is duidelijk zichtbaar aan het einde van de dag.
Het blijft ’s avonds langer licht.
Maar daar staat in de winter een belangrijk nadeel tegenover: de zon komt ’s ochtends later op. In december kan dat betekenen dat mensen veel langer in het donker aan hun dag beginnen.
En precies daar begint de discussie met slaapdeskundigen.
Slaapexperts zien liever wintertijd
Het afschaffen van de klokwissel kan rekenen op steun van deskundigen die wijzen op de verstoring van het slaapritme die het verzetten van de klok kan veroorzaken.
Vooral jonge kinderen en mensen die gevoelig zijn voor veranderingen in hun slaap-waakritme kunnen enkele dagen nodig hebben om zich aan de nieuwe tijd aan te passen.
Maar stoppen met de klokwissel is één ding. Welke tijd daarna permanent wordt ingevoerd, is een andere discussie.
Een deel van de slaap- en chronobiologische experts geeft de voorkeur aan permanente wintertijd.
Die standaardtijd sluit beter aan op de stand van de zon en daarmee op het natuurlijke circadiane ritme.
Bij permanente zomertijd wordt de klok als het ware het hele jaar een uur naar voren geschoven.
Dat levert lichte zomeravonden op, maar betekent tegelijkertijd dat het tijdens de wintermaanden ’s ochtends langer donker blijft.
Gezondheid belangrijke reden
Gezondheidsargumenten speelden volgens de aangeleverde informatie een belangrijke rol bij de Canadese besluitvorming.
Een analyse van het provinciale ministerie van Volksgezondheid zou hebben geconcludeerd dat stoppen met het wisselen van de klok voordelen kan opleveren.
Gezinnen met jonge kinderen worden daarbij specifiek genoemd.
Een verandering van één uur klinkt misschien beperkt, maar kan het dagelijkse ritme tijdelijk behoorlijk verstoren.
Daarnaast worden economische en praktische argumenten genoemd.
Wanneer aangrenzende gebieden dezelfde tijd hanteren, wordt bijvoorbeeld zakendoen en reizen over provinciegrenzen eenvoudiger.
Canada krijgt steeds meer uitzonderingen
Canada vormt sowieso een ingewikkelde lappendeken als het om tijdzones en zomertijd gaat.
Naast Manitoba worden in de aangeleverde berichtgeving British Columbia, Alberta en de Northwest Territories genoemd als gebieden waar recent stappen zijn gezet om de klokwissel te beëindigen.
Yukon hanteert al sinds 2020 een vaste tijd.
Saskatchewan stopte er zelfs tientallen jaren geleden al mee.
Ook in delen van Ontario spelen veranderingen. Het noordwesten van de provincie zou zich aanpassen om gelijk te blijven lopen met Manitoba.
Zonder zo’n aanpassing kunnen bijzondere situaties ontstaan waarbij nabijgelegen plaatsen gedurende een deel van het jaar verschillende tijden hanteren.

Ontario wacht op andere regio’s
Ontario nam volgens de aangeleverde informatie al in 2020 wetgeving aan die het mogelijk maakt om met de klokwissel te stoppen.
Daar zit echter een belangrijke voorwaarde aan.
De verandering zou pas worden doorgevoerd wanneer onder andere Quebec en de Amerikaanse staat New York eveneens meedoen.
Dat illustreert meteen waarom het afschaffen van zomer- en wintertijd ingewikkelder is dan simpelweg besluiten de klok niet meer te verzetten.
Wanneer één gebied verandert en de buren niet, ontstaan nieuwe tijdsverschillen.
Dat kan gevolgen hebben voor woon-werkverkeer, scholen, transport, televisie-uitzendingen en bedrijven die over regionale grenzen werken.
Europa praat er al jaren over
Ook binnen de Europese Unie is het stoppen met de klokwissel bepaald geen nieuw onderwerp.
De Europese Commissie kwam in 2018 met een voorstel om de halfjaarlijkse wisseling te beëindigen.
Daaraan voorafgaand werd een grote online raadpleging gehouden.
Van de ruim 4,5 miljoen deelnemers zou ongeveer 84 procent voor het afschaffen van de klokwissel hebben gestemd.
Daarmee leek er aanvankelijk veel draagvlak.
Toch bleek het in de praktijk ingewikkelder.
Zomertijd of wintertijd zorgt voor discussie
Wanneer de klok niet meer wordt verzet, moet namelijk worden bepaald welke tijd permanent wordt.
En juist daarover konden Europese landen het niet eens worden.
Sommige landen en burgers geven de voorkeur aan zomertijd vanwege de langere lichte avonden.
Andere landen en deskundigen zien juist meer voordelen in permanente standaardtijd, oftewel wintertijd.
Daarnaast is afstemming tussen buurlanden belangrijk.
Wanneer Nederland bijvoorbeeld voor een andere permanente tijd zou kiezen dan België of Duitsland, kan dat nieuwe tijdsverschillen opleveren.
Het Europese voorstel is daardoor nog altijd niet definitief uitgevoerd.
Nederland zet klok op 25 oktober terug
Voor Nederland verandert er dit jaar dan ook niets.
De wintertijd gaat in op zondag 25 oktober 2026.
Om 03.00 uur wordt de klok één uur teruggezet naar 02.00 uur.
Daardoor duurt die nacht officieel een uur langer.
Voor veel mensen betekent dat simpelweg een extra uur slaap.
De omschakeling naar wintertijd vindt binnen de Europese Unie steeds plaats op de laatste zondag van oktober.
In het voorjaar gebeurt het tegenovergestelde en gaat de klok op de laatste zondag van maart weer een uur vooruit.
Wanneer stopt Nederland ermee?
Daar is voorlopig geen definitieve datum voor.
Hoewel het onderwerp al jarenlang op Europees niveau wordt besproken, is nog geen overeenstemming bereikt over de manier waarop de klokwissel moet worden afgeschaft.
Tot die tijd blijft het bestaande systeem in Nederland van kracht.
De ontwikkelingen in Canada laten ondertussen zien dat het wel degelijk anders kan.
Maar ze tonen ook meteen het grootste probleem: stoppen met het verzetten van de klok is relatief eenvoudig, bepalen welke tijd daarna permanent moet gelden is een stuk ingewikkelder.
Voor Nederland is de situatie dit weekend in ieder geval duidelijk: in de nacht van zaterdag op zondag gaat de klok om 03.00 uur terug naar 02.00 uur.