Connect with us

Actueel

Estavana Polman per direct weggestuurd bij Vandaag Inside

Published

on

Het avontuur van Estavana Polman bij Vandaag Inside is alweer voorbij. De voormalig handbalster zou aanvankelijk maandelijks aanschuiven bij Johan Derksen, René van der Gijp en Wilfred Genee, maar na slechts één regulier optreden is besloten de samenwerking stop te zetten. Het programma bevestigt dat Polman niet meer terugkeert als tafelgast.

Nog maar kort geleden werd met de nodige aandacht aangekondigd dat Polman regelmatig te zien zou zijn in Vandaag Inside. Het plan was dat ze ongeveer één keer per maand aan tafel zou plaatsnemen en haar mening zou geven over de uiteenlopende onderwerpen die in het programma voorbijkomen.

Johan Derksen zag haar komst aanvankelijk wel zitten. René van der Gijp zette echter al voordat ze goed en wel begonnen was vraagtekens bij haar geschiktheid voor het programma.

In de podcast KieftJansenEgmondGijp liet Van der Gijp weten dat hij twijfelde of Polman op dat moment voldoende ervaring had voor een vaste rol aan de VI-tafel. De voormalig topsportster was pas net gestopt met handbal en moest zich volgens hem nog ontwikkelen in haar nieuwe televisierol.

Ongemakkelijk moment tijdens eerste uitzending

Die opmerkingen waren Polman niet ontgaan. Toen ze voor het eerst als reguliere tafelgast aanschoof, besloot ze Van der Gijp er rechtstreeks mee te confronteren.

Dat leverde een ongemakkelijk moment op tussen de twee. Polman wilde weten waarom hij vooraf al zo kritisch over haar was geweest, terwijl Van der Gijp zijn eerdere opmerkingen probeerde toe te lichten.

Het optreden bleek uiteindelijk haar eerste én laatste reguliere avond aan tafel.

Deze maand zou Polman opnieuw aanschuiven, maar dat gebeurde niet. Inmiddels is duidelijk waarom: achter de schermen is besloten niet verder te gaan met haar als tafelgast.

Johan Derksen legt uit waarom

Johan Derksen bevestigt tegenover De Telegraaf dat de samenwerking niet wordt voortgezet. Volgens hem was vooraf simpelweg niet duidelijk hoe Polman zich in de setting van Vandaag Inside zou ontwikkelen.

Derksen noemt haar iemand die goed overkomt op televisie, maar zag tegelijkertijd een belangrijk probleem.

Volgens hem kwam Polman vooral goed uit de verf wanneer het gesprek over haar eigen leven, Rafael van der Vaart of haar jarenlange handbalcarrière ging. Zodra andere maatschappelijke en actuele onderwerpen aan bod kwamen, vond hij haar bijdrage minder sterk.

Bij Vandaag Inside wordt volgens Derksen juist verwacht dat een tafelgast over een groot aantal verschillende onderwerpen kan meepraten.

Hij erkent tegelijkertijd dat het programma zelf niet helemaal vrijuit gaat.

Derksen: ‘Onzorgvuldig met haar omgesprongen’

Derksen vindt achteraf dat Vandaag Inside zorgvuldiger met Polman had kunnen omgaan. Vooral de kritiek van Van der Gijp voordat ze daadwerkelijk haar kans had gekregen, zou niet hebben geholpen.

“René heeft afgelopen zomer in zijn podcast gezegd dat ze voor ons te licht was en daardoor nam zij tijdens haar eerste reguliere optreden niet met al te veel zelfvertrouwen aan tafel plaats”, aldus Derksen.

Volgens hem zou het normaal gesproken niet terecht zijn iemand al na één uitzending af te schrijven. Toch denkt hij dat er inmiddels te veel is gebeurd om de samenwerking in dezelfde vorm voort te zetten.

“Ik vind dat we een beetje onzorgvuldig met haar omgesprongen zijn en je iemand niet na een keer moet afschrijven”, zegt hij.

Derksen benadrukt daarbij dat hij niet bedoelt dat Polman ongeschikt is voor televisie in het algemeen. Het gaat volgens hem specifiek om de rol binnen Vandaag Inside, waar gasten snel moeten kunnen schakelen tussen sport, entertainment, politiek en andere actuele onderwerpen.

Programma wilde afscheid eigenlijk stilhouden

Ook de redactie van Vandaag Inside heeft inmiddels bevestigd dat Polman niet meer terugkeert in haar oorspronkelijke rol.

Eindredacteur Robbie Boerboom vertelt dat men aanvankelijk van plan was om zonder veel aandacht afscheid te nemen.

“Het klopt dat we Estavana Polman niet meer in Vandaag Inside gaan zien. In ieder geval niet in die rol aan tafel”, laat hij weten.

Volgens Boerboom bestonden de twijfels bovendien aan beide kanten. Uiteindelijk heeft het programma besloten de knoop door te hakken en niet verder te gaan met Polman als terugkerende tafelgast.

Dat betekent overigens niet dat de deur bij VI volledig voor haar wordt dichtgegooid. Boerboom sluit niet uit dat Polman in de toekomst nog eens in een andere setting verschijnt, bijvoorbeeld aan de bar wanneer daar een passende aanleiding voor is.

Mogelijk andere televisierol

Ook binnen andere programma’s liggen volgens de eindredacteur mogelijk nog kansen. Zo noemt hij de programma’s van Hélène Hendriks als een plek waar Polman eventueel beter tot haar recht zou kunnen komen.

Voorlopig is in ieder geval duidelijk dat het oorspronkelijke experiment bij Vandaag Inside vroegtijdig wordt beëindigd.

Wat bedoeld was als een maandelijkse plek aan een van de meest besproken talkshowtafels van Nederland, bleef uiteindelijk beperkt tot één regulier optreden.

Daarmee komt er opvallend snel een einde aan Polmans rol bij Vandaag Inside. Helemaal uitgesloten is een toekomstige terugkeer op televisie zeker niet, maar aan de vaste VI-tafel zullen kijkers haar voorlopig niet meer zien.

Actueel

Woede om opmerking van woonminister over Nederlanders die geen huis kunnen krijgen

Published

on

Woonminister Elanor Boekholt-O’Sullivan krijgt stevige kritiek na uitspraken over de huisvesting van statushouders en Nederlandse starters. In een gesprek met De Telegraaf wordt ze geconfronteerd met de vraag waarom statushouders bij de verdeling van schaarse woningen voorrang zouden moeten kunnen krijgen, terwijl veel jonge woningzoekenden jarenlang moeten wachten. Haar antwoord dat veel starters “gelukkig nog bij hun ouders kunnen, of mogen blijven wonen” valt bij critici bijzonder slecht.

Ook vanuit de politiek wordt fel gereageerd. SGP-leider Chris Stoffer vraagt zich af waarom jongeren die hier zijn opgegroeid telkens achteraan zouden moeten aansluiten. Geert Wilders gaat nog een stap verder en noemt de woonminister naar aanleiding van haar uitspraken een “mafketel”.

Woningnood blijft groot probleem

Nederland kampt al jaren met een groot tekort aan woningen.

Vooral starters merken daar de gevolgen van.

Een betaalbare koopwoning is voor veel jonge mensen moeilijk bereikbaar en ook binnen de sociale huursector kunnen de wachttijden lang zijn.

Wanneer er een betaalbare huurwoning beschikbaar komt, kunnen zich grote aantallen woningzoekenden melden.

Tegelijkertijd moeten gemeenten ook statushouders huisvesten: asielzoekers die een verblijfsvergunning hebben gekregen en daardoor in Nederland mogen blijven.

Precies daar ontstaat een politiek gevoelige discussie.

Discussie over voorrang statushouders

De huisvesting van statushouders zorgt al langere tijd voor debat.

Critici vinden het moeilijk uit te leggen dat jonge Nederlanders jarenlang op een woning kunnen wachten, terwijl statushouders via gemeentelijke regelingen sneller aan woonruimte kunnen komen.

Voorstanders wijzen er juist op dat statushouders na het verkrijgen van hun verblijfsvergunning niet in een asielzoekerscentrum kunnen blijven wonen.

Wanneer zij daar langer blijven, worden bovendien plekken bezet gehouden die nodig zijn voor nieuwe asielzoekers.

De vraag is daarom niet alleen wie een woning krijgt, maar ook waar statushouders terecht moeten wanneer zij het azc moeten verlaten.

SGP-leider begrijpt frustratie jongeren

SGP-fractievoorzitter Chris Stoffer zegt begrip te hebben voor de noodzaak om mensen met een verblijfsstatus onderdak te bieden.

“Ik snap heel goed dat mensen die hier naartoe komen ook een woning moeten hebben”, zegt hij.

Maar volgens Stoffer mag dat niet betekenen dat jonge Nederlanders structureel het gevoel krijgen dat zij achteraan staan.

“Maar dat je nu telkens ziet dat onze jonge mensen die hier altijd al wonen en op zoek zijn naar een huis en een gezin willen stichten, niet aan een woning komen? Het kan toch niet zo zijn dat zij altijd achter komen te staan?”

Daarmee verwoordt hij een frustratie die bij een deel van de woningzoekenden leeft.

Woonminister wijst op verschillende groepen migranten

In het gesprek met De Telegraaf wordt woonminister Boekholt-O’Sullivan gevraagd hoe zij naar het probleem kijkt.

Ze benadrukt eerst dat migratie uit verschillende groepen bestaat.

“We hebben kennismigranten, we hebben arbeidsmigranten, daar moeten ook huizen voor komen, en we hebben statushouders.”

Vervolgens gaat ze specifiek in op die laatste groep.

“En de statushouders zijn nu precies die groep, die mogen in Nederland blijven wonen. Die willen ook in Nederland blijven wonen. En dan is het mijn opgave om ervoor te zorgen dat zij een dak boven hun hoofd hebben.”

 

 

Hebben statushouders recht op voorrang?

De verslaggever legt vervolgens de gevoelige kwestie rechtstreeks aan haar voor.

“Maar hebben die recht op voorrang als het gaat over bijvoorbeeld starters op de woningmarkt die geen huis kunnen vinden?”

Boekholt-O’Sullivan erkent daarop het probleem.

“Ik zie die uitdaging ook.”

De verslaggever neemt daar geen genoegen mee en vraagt verder of het niet tijd is om de voorrangspositie van statushouders te beëindigen.

De minister kiest ervoor de vraag vanuit een ander uitgangspunt te beantwoorden.

‘Waar moet zo iemand dan heen?’

“Voor mij is de principiële vraag dat iedereen die in Nederland mag en wil wonen, dat die een dak boven zijn hoofd heeft”, zegt Boekholt-O’Sullivan.

Volgens haar moet daarbij ook worden gekeken naar de situatie waarin iemand zich bevindt voordat hij of zij een woning krijgt.

“Ik vind dat je naar het uitgangspunt moet kijken, waar iemand vanuit vertrekt. En een statushouder vertrekt vanuit een azc. En waar moet zo iemand dan heen?”

Daarmee wijst ze op een probleem dat ontstaat wanneer statushouders geen reguliere woonruimte krijgen.

Minister noemt alternatieven

Wanneer statushouders na het verkrijgen van hun verblijfsvergunning in het azc blijven, zijn volgens de minister uiteindelijk meer opvangplekken nodig.

“Dus dan blijft een statushouder óf in het azc, dat willen we niet, want dan hebben we meer azc’s nodig.”

Een andere mogelijkheid vindt ze evenmin wenselijk.

“Wat ook kan is dat je zegt: dan belanden ze op straat. Dat willen we denk ik met elkaar ook niet.”

Daarna noemt ze tijdelijke opvangmogelijkheden.

“Dan zou je kunnen zeggen, dan gaan we hotels afhuren of cruiseschepen neerleggen. Dat willen we ook niet.”

Volgens Boekholt-O’Sullivan moet daarom eerst een werkbaar alternatief worden gevonden voordat een voorrangsregeling kan verdwijnen.

“Dus er moet wel een echte oplossing komen voor je een voorrangsregeling eraf zou kunnen halen.”

Verslaggever draait redenering om

De journalist van De Telegraaf legt de minister vervolgens een andere situatie voor.

Want wat gebeurt er met een jonge Nederlander die geen woning kan krijgen?

“Je zou het ook om kunnen draaien en kunnen zeggen: die jonge starter die moet dan bij zijn ouders wonen. Dat huis is misschien te klein. Die belandt misschien ook wel op straat?”

Daarmee wordt de tegenstelling scherp neergezet.

“Dus dan krijgt die statushouder, die misschien anders op een cruiseschip komt te wonen, wel een woning, maar die starter niet.”

Het antwoord van de minister zorgt vervolgens voor de meeste discussie.

‘Starters kunnen gelukkig nog bij hun ouders wonen’

Boekholt-O’Sullivan reageert:

“We zien dat heel veel starters gelukkig nog bij hun ouders kunnen, of mogen blijven wonen.”

Juist die uitspraak schiet bij critici in het verkeerde keelgat.

Voor jonge woningzoekenden die al jarenlang proberen zelfstandig te gaan wonen, kan thuis blijven wonen immers juist het gevolg zijn van het gebrek aan betaalbare woningen.

Bovendien geldt vanzelfsprekend niet voor iedere starter dat thuis wonen daadwerkelijk mogelijk of wenselijk is.

De minister zegt in het gesprek echter niet dat starters geen probleem hebben. Ze erkent eerder juist dat er een uitdaging ligt, maar benadrukt dat statushouders die een azc moeten verlaten eveneens ergens moeten worden ondergebracht.

Nieuw plan op komst

Boekholt-O’Sullivan laat tijdens het gesprek weten dat ze binnenkort met verdere plannen komt.

“Dus als u nog een paar dagen geduld heeft…”, zegt ze.

Daarmee lijkt de minister erop te wijzen dat er op korte termijn meer duidelijkheid moet komen over de manier waarop het kabinet met de huisvestingsproblematiek wil omgaan.

Welke concrete maatregelen daarin worden opgenomen, blijkt uit de aangeleverde uitspraken nog niet.

Veel kritiek op uitspraken minister

Onder de berichtgeving van De Telegraaf wordt ondertussen stevig gediscussieerd.

Vooral de opmerking dat veel starters nog bij hun ouders kunnen blijven wonen, roept weerstand op.

Critici vinden dat de uitspraak onvoldoende recht doet aan jongeren die soms jarenlang wachten voordat zij zelfstandig kunnen wonen.

Tegelijkertijd blijft de vraag bestaan welk alternatief er voor statushouders moet komen wanneer zij geen woonruimte krijgen en het azc moeten verlaten.

Het is precies die botsing tussen twee groepen die afhankelijk zijn van een zeer krappe woningmarkt die het onderwerp politiek zo explosief maakt.

Geert Wilders haalt uit

Ook Geert Wilders mengt zich in de discussie.

De PVV-leider reageert bijzonder fel op de uitspraken van Boekholt-O’Sullivan en noemt haar een “mafketel”.

Daarmee is duidelijk dat de discussie over de verdeling van schaarse woningen voorlopig nog lang niet voorbij is.

De minister belooft op korte termijn met een plan te komen. Vooral jonge woningzoekenden zullen willen weten wat dat concreet voor hen betekent.

Want één vraag blijft boven de discussie hangen: hoe verdeel je woningen wanneer er simpelweg niet genoeg zijn voor iedereen die dringend woonruimte nodig heeft?

Continue Reading