Connect with us

Actueel

Enorme klap voor Rob Jetten en coalitiepartijen

Published

on

Premier Rob Jetten staat voor een bijzonder lastige periode. De onderhandelingen over de begroting zijn vastgelopen nadat oppositiepartijen besloten niet langer mee te praten, terwijl ook D66, VVD en CDA onderling nog geen overeenstemming hebben bereikt. Jesse Klaver spreekt inmiddels van een crisissituatie. Alsof dat nog niet genoeg is, verschijnt er nu ook een nieuwe peiling van Maurice de Hond waarin de drie kabinetspartijen gezamenlijk fors verliezen.

De tijd begint ondertussen te dringen. Met Prinsjesdag in aantocht moet het kabinet overeenstemming bereiken over de begrotingsplannen en duidelijk maken welke financiële koers Nederland het komende jaar gaat varen.

Juist op dat belangrijke moment lopen de politieke spanningen verder op.

De oppositiepartijen die betrokken waren bij gesprekken over de begroting hebben besloten voorlopig niet verder te onderhandelen. Daarmee komt de verantwoordelijkheid nadrukkelijker bij de drie kabinetspartijen D66, VVD en CDA te liggen.

Maar ook tussen die partijen bestaan nog grote verschillen.

Jesse Klaver waarschuwt voor crisis

Jesse Klaver legt de verantwoordelijkheid voor de ontstane situatie nadrukkelijk bij het kabinet. Volgens hem moeten de drie partijen snel in beweging komen om een verdere politieke escalatie te voorkomen.

“Ik geef ze een laatste aanmoediging om uit deze impasse te komen en het land niet in een crisis te storten”, aldus Klaver.

Hij wil dat D66, VVD en CDA bij de begrotingsplannen meer richting PRO bewegen.

Een belangrijk twistpunt zijn de voorgenomen bezuinigingen. Klaver verzet zich tegen maatregelen die volgens hem mensen raken wanneer zij ziek worden of hun baan verliezen.

“Het kabinet wil bezuinigen op mensen die ziek worden of werkloos raken. Daar kunnen we niet in meegaan. De allerrijksten moeten een eerlijke bijdrage leveren”, stelt hij.

Daarmee lijken de verschillen voorlopig groot.

Jetten moet partijen bij elkaar zien te brengen

Voor premier Rob Jetten worden de komende dagen daardoor cruciaal.

Hij moet niet alleen proberen D66, VVD en CDA op één lijn te krijgen, maar heeft door de minderheidspositie van zijn kabinet uiteindelijk ook steun van buiten de coalitie nodig om belangrijke plannen door het parlement te krijgen.

Dat maakt de situatie ingewikkelder dan bij een kabinet dat zelfstandig over een meerderheid beschikt.

Zelfs wanneer de drie kabinetspartijen onderling een akkoord bereiken, is het politieke werk dus nog niet klaar. Voor voldoende steun in de Tweede Kamer zullen compromissen met oppositiepartijen noodzakelijk blijven.

De mislukte gesprekken van deze week maken duidelijk hoe moeilijk dat kan worden.

Met Prinsjesdag in zicht neemt de tijdsdruk bovendien iedere dag verder toe.

Nieuwe peiling zorgt voor volgende tegenvaller

Naast de begrotingsproblemen krijgt het kabinet nu ook slecht nieuws uit de nieuwste zetelpeiling van Maurice de Hond.

Daaruit komt een beeld naar voren waarin de steun voor de drie kabinetspartijen gezamenlijk fors lager ligt dan bij de laatste Tweede Kamerverkiezingen.

De uitkomst wijkt bovendien behoorlijk af van de peiling van EenVandaag en Verian die enkele dagen eerder verscheen. Dat onderstreept dat peilingen momentopnames zijn en dat verschillende onderzoeksbureaus tot uiteenlopende resultaten kunnen komen.

In de peiling van De Hond is de trend voor de regeringspartijen echter duidelijk negatief.

 

 

Kabinetspartijen zakken samen naar 46 zetels

D66, VVD en CDA behaalden bij de Tweede Kamerverkiezingen gezamenlijk 66 zetels.

Wanneer er volgens de nieuwste peiling van Maurice de Hond nu verkiezingen zouden worden gehouden, zouden daar nog 46 zetels van overblijven.

Dat betekent een gezamenlijk virtueel verlies van twintig zetels ten opzichte van de verkiezingsuitslag.

Ook ten opzichte van de vorige peiling van De Hond gaat de combinatie iets achteruit. Op 1 augustus stonden de drie partijen gezamenlijk nog op 47 virtuele zetels. Inmiddels is dat er één minder.

Voor een kabinet dat toch al afhankelijk is van steun van oppositiepartijen, is dat politiek geen prettig signaal.

D66 blijft op 18 zetels

D66 zou volgens de nieuwe peiling uitkomen op 18 zetels.

De VVD staat er iets minder goed voor en zou op dit moment 15 zetels behalen. Ook het CDA blijft volgens De Hond achter en komt uit op 13 virtuele zetels.

Samen levert dat de genoemde 46 zetels op.

Daarmee zouden de drie partijen ver verwijderd zijn van de 76 zetels die nodig zijn voor een meerderheid in de Tweede Kamer.

Peilingen bepalen vanzelfsprekend niet direct de machtsverhoudingen in het parlement. De huidige zetelverdeling verandert er niet door. Toch worden de cijfers in Den Haag nauwlettend gevolgd, omdat ze een indicatie geven van hoe kiezers op politieke ontwikkelingen reageren.

Zeker wanneer een kabinet tegelijkertijd verwikkeld is in moeilijke begrotingsonderhandelingen, kunnen tegenvallende peilingen de interne druk verder vergroten.

Opvallende entree voor Mona Keijzer

Een andere opvallende ontwikkeling in de peiling is de positie van Mona Keijzer.

Keijzer kondigde deze week een nieuwe politieke beweging aan en die lijkt volgens de eerste meting van Maurice de Hond direct op behoorlijke belangstelling te kunnen rekenen.

De nieuwe beweging wordt in de peiling meteen op zeven zetels gezet.

Dat is opvallend voor een nieuwe politieke formatie en kan gevolgen hebben voor de toch al sterk verdeelde politieke verhoudingen.

Het blijft uiteraard de vraag of die steun standhoudt. Nieuwe partijen kunnen kort na hun lancering profiteren van veel media-aandacht, terwijl pas later duidelijk wordt hoeveel kiezers daadwerkelijk bij zo’n partij blijven.

Cruciale dagen voor premier Jetten

Voor Jetten komen meerdere problemen daarmee tegelijkertijd samen.

Aan de ene kant moet zijn kabinet snel een oplossing vinden voor de begroting. Aan de andere kant laten de cijfers van De Hond zien dat de drie regeringspartijen gezamenlijk aanzienlijk lager staan dan bij de verkiezingen.

Daar bovenop is het kabinet voor belangrijke besluiten afhankelijk van oppositiepartijen die nu juist uit de begrotingsgesprekken zijn gestapt.

Klaver heeft de druk verder opgevoerd door openlijk over een mogelijke crisis te spreken wanneer het kabinet niet uit de impasse weet te komen.

De komende dagen zullen daarom belangrijk worden.

D66, VVD en CDA moeten eerst hun eigen verschillen zien te overbruggen en vervolgens voldoende steun buiten het kabinet vinden. Met Prinsjesdag steeds dichterbij en gezamenlijk slechts 46 virtuele zetels in de nieuwste peiling van Maurice de Hond, neemt de politieke druk op premier Jetten snel toe.

Actueel

Deze vier provincies doen niet meer aan wintertijd en zetten de klok niet terug

Published

on

Twee keer per jaar de klok verzetten? Op steeds meer plekken willen ze daar definitief vanaf. Verschillende regio’s hebben inmiddels besloten voortaan het hele jaar dezelfde tijd te hanteren. Vooral in Canada is er veel beweging. Daar kiezen meerdere provincies en gebieden ervoor de halfjaarlijkse klokwissel af te schaffen. Toch zorgt één belangrijke vraag nog altijd voor discussie: kiezen we voor permanente zomertijd of juist voor wintertijd?

Die discussie speelt ook onder slaapdeskundigen. Hoewel velen van hen het stoppen met de klokwissel toejuichen, bestaat er kritiek op permanente zomertijd. Een vaste wintertijd zou namelijk beter aansluiten bij het natuurlijke dag-nachtritme.

In Nederland verandert er voorlopig niets. In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober 2026 gaat de klok weer een uur terug.

Steeds meer plekken stoppen met klok verzetten

Voor miljoenen mensen is het ieder voorjaar en najaar hetzelfde ritueel: alle klokken moeten een uur vooruit of achteruit.

Dat heeft niet alleen praktische gevolgen. De verandering kan tijdelijk ook invloed hebben op het slaapritme.

Op verschillende plekken in Canada wordt daarom afscheid genomen van het systeem.

In de aangeleverde berichtgeving wordt Manitoba genoemd als de nieuwste provincie die besloot het verzetten van de klok te beëindigen.

Daar ging eerst een raadpleging onder de bevolking aan vooraf.

Bijna 72.000 inwoners zouden hun mening hebben gegeven. Maar liefst 92 procent van de deelnemers gaf aan dat ze van de halfjaarlijkse tijdswisseling af wilden.

De volgende vraag was welke tijd vervolgens permanent moest worden.

Meeste inwoners kiezen voor zomertijd

Daarover waren de meningen meer verdeeld.

Volgens de aangeleverde cijfers koos 58 procent voor permanente zomertijd, terwijl 34 procent liever permanent de wintertijd zou aanhouden.

Het voordeel van zomertijd is duidelijk zichtbaar aan het einde van de dag.

Het blijft ’s avonds langer licht.

Maar daar staat in de winter een belangrijk nadeel tegenover: de zon komt ’s ochtends later op. In december kan dat betekenen dat mensen veel langer in het donker aan hun dag beginnen.

En precies daar begint de discussie met slaapdeskundigen.

Slaapexperts zien liever wintertijd

Het afschaffen van de klokwissel kan rekenen op steun van deskundigen die wijzen op de verstoring van het slaapritme die het verzetten van de klok kan veroorzaken.

Vooral jonge kinderen en mensen die gevoelig zijn voor veranderingen in hun slaap-waakritme kunnen enkele dagen nodig hebben om zich aan de nieuwe tijd aan te passen.

Maar stoppen met de klokwissel is één ding. Welke tijd daarna permanent wordt ingevoerd, is een andere discussie.

Een deel van de slaap- en chronobiologische experts geeft de voorkeur aan permanente wintertijd.

Die standaardtijd sluit beter aan op de stand van de zon en daarmee op het natuurlijke circadiane ritme.

Bij permanente zomertijd wordt de klok als het ware het hele jaar een uur naar voren geschoven.

Dat levert lichte zomeravonden op, maar betekent tegelijkertijd dat het tijdens de wintermaanden ’s ochtends langer donker blijft.

Gezondheid belangrijke reden

Gezondheidsargumenten speelden volgens de aangeleverde informatie een belangrijke rol bij de Canadese besluitvorming.

Een analyse van het provinciale ministerie van Volksgezondheid zou hebben geconcludeerd dat stoppen met het wisselen van de klok voordelen kan opleveren.

Gezinnen met jonge kinderen worden daarbij specifiek genoemd.

Een verandering van één uur klinkt misschien beperkt, maar kan het dagelijkse ritme tijdelijk behoorlijk verstoren.

Daarnaast worden economische en praktische argumenten genoemd.

Wanneer aangrenzende gebieden dezelfde tijd hanteren, wordt bijvoorbeeld zakendoen en reizen over provinciegrenzen eenvoudiger.

Canada krijgt steeds meer uitzonderingen

Canada vormt sowieso een ingewikkelde lappendeken als het om tijdzones en zomertijd gaat.

Naast Manitoba worden in de aangeleverde berichtgeving British Columbia, Alberta en de Northwest Territories genoemd als gebieden waar recent stappen zijn gezet om de klokwissel te beëindigen.

Yukon hanteert al sinds 2020 een vaste tijd.

Saskatchewan stopte er zelfs tientallen jaren geleden al mee.

Ook in delen van Ontario spelen veranderingen. Het noordwesten van de provincie zou zich aanpassen om gelijk te blijven lopen met Manitoba.

Zonder zo’n aanpassing kunnen bijzondere situaties ontstaan waarbij nabijgelegen plaatsen gedurende een deel van het jaar verschillende tijden hanteren.

Ontario wacht op andere regio’s

Ontario nam volgens de aangeleverde informatie al in 2020 wetgeving aan die het mogelijk maakt om met de klokwissel te stoppen.

Daar zit echter een belangrijke voorwaarde aan.

De verandering zou pas worden doorgevoerd wanneer onder andere Quebec en de Amerikaanse staat New York eveneens meedoen.

Dat illustreert meteen waarom het afschaffen van zomer- en wintertijd ingewikkelder is dan simpelweg besluiten de klok niet meer te verzetten.

Wanneer één gebied verandert en de buren niet, ontstaan nieuwe tijdsverschillen.

Dat kan gevolgen hebben voor woon-werkverkeer, scholen, transport, televisie-uitzendingen en bedrijven die over regionale grenzen werken.

Europa praat er al jaren over

Ook binnen de Europese Unie is het stoppen met de klokwissel bepaald geen nieuw onderwerp.

De Europese Commissie kwam in 2018 met een voorstel om de halfjaarlijkse wisseling te beëindigen.

Daaraan voorafgaand werd een grote online raadpleging gehouden.

Van de ruim 4,5 miljoen deelnemers zou ongeveer 84 procent voor het afschaffen van de klokwissel hebben gestemd.

Daarmee leek er aanvankelijk veel draagvlak.

Toch bleek het in de praktijk ingewikkelder.

Zomertijd of wintertijd zorgt voor discussie

Wanneer de klok niet meer wordt verzet, moet namelijk worden bepaald welke tijd permanent wordt.

En juist daarover konden Europese landen het niet eens worden.

Sommige landen en burgers geven de voorkeur aan zomertijd vanwege de langere lichte avonden.

Andere landen en deskundigen zien juist meer voordelen in permanente standaardtijd, oftewel wintertijd.

Daarnaast is afstemming tussen buurlanden belangrijk.

Wanneer Nederland bijvoorbeeld voor een andere permanente tijd zou kiezen dan België of Duitsland, kan dat nieuwe tijdsverschillen opleveren.

Het Europese voorstel is daardoor nog altijd niet definitief uitgevoerd.

Nederland zet klok op 25 oktober terug

Voor Nederland verandert er dit jaar dan ook niets.

De wintertijd gaat in op zondag 25 oktober 2026.

Om 03.00 uur wordt de klok één uur teruggezet naar 02.00 uur.

Daardoor duurt die nacht officieel een uur langer.

Voor veel mensen betekent dat simpelweg een extra uur slaap.

De omschakeling naar wintertijd vindt binnen de Europese Unie steeds plaats op de laatste zondag van oktober.

In het voorjaar gebeurt het tegenovergestelde en gaat de klok op de laatste zondag van maart weer een uur vooruit.

Wanneer stopt Nederland ermee?

Daar is voorlopig geen definitieve datum voor.

Hoewel het onderwerp al jarenlang op Europees niveau wordt besproken, is nog geen overeenstemming bereikt over de manier waarop de klokwissel moet worden afgeschaft.

Tot die tijd blijft het bestaande systeem in Nederland van kracht.

De ontwikkelingen in Canada laten ondertussen zien dat het wel degelijk anders kan.

Maar ze tonen ook meteen het grootste probleem: stoppen met het verzetten van de klok is relatief eenvoudig, bepalen welke tijd daarna permanent moet gelden is een stuk ingewikkelder.

Voor Nederland is de situatie dit weekend in ieder geval duidelijk: in de nacht van zaterdag op zondag gaat de klok om 03.00 uur terug naar 02.00 uur.

Continue Reading