Connect with us

Actueel

Donald Trump krijgt twee weken voor de midterms verwoestende klap

Published

on

Donald Trump krijgt vlak voor de belangrijke Amerikaanse midterms te maken met zorgwekkende peilingen. De 80-jarige president ziet zijn populariteit onder Amerikanen onder druk staan, terwijl op 3 november wordt bepaald hoe het politieke speelveld er tijdens de tweede helft van zijn ambtstermijn uit gaat zien.

Volgens de aangeleverde cijfers uit een peiling van NBC News vindt 71 procent van de ondervraagden dat de Verenigde Staten de verkeerde kant op gaan. Ook de beoordeling van Trump zelf pakt slecht uit: slechts 34 procent zou tevreden zijn over zijn functioneren als president.

Met nog maar korte tijd tot de verkiezingen zijn dat cijfers die de Republikeinen liever anders hadden gezien.

Waarom de midterms zo belangrijk zijn voor Trump

Op dinsdag 3 november 2026 gaan Amerikanen opnieuw naar de stembus.

Trump zelf staat daarbij niet op het stembiljet. De presidentsverkiezingen vinden pas in 2028 plaats.

Toch zijn de midterms cruciaal voor zijn presidentschap.

Alle 435 zetels in het Huis van Afgevaardigden worden opnieuw verdeeld. Daarnaast wordt ongeveer een derde van de honderd zetels in de Senaat gekozen.

Wie na de verkiezingen de meerderheid in deze twee kamers heeft, bepaalt in belangrijke mate hoeveel politieke ruimte Trump tijdens de resterende twee jaar van zijn termijn krijgt.

Democratische winst kan Trump flink dwarszitten

Wanneer de Republikeinen hun positie in zowel het Huis als de Senaat weten te behouden, houdt Trump een relatief gunstige uitgangspositie om zijn politieke agenda verder uit te voeren.

Verliezen de Republikeinen daarentegen het Huis van Afgevaardigden, dan verandert de situatie aanzienlijk.

Democraten kunnen vanuit een meerderheid in het Huis wetgeving tegenhouden en hebben bovendien mogelijkheden om parlementaire onderzoeken naar de regering te starten.

Een situatie waarin Democraten zowel het Huis als de Senaat controleren, zou voor Trump nog ingewikkelder worden.

Wetgeving door het Congres krijgen wordt dan aanzienlijk moeilijker en ook bij belangrijke benoemingen speelt de Senaat een cruciale rol.

De uitslag van 3 november kan dus grote gevolgen hebben voor de resterende twee jaar van Trumps presidentschap.

Nieuwe peiling bijzonder pijnlijk voor Trump

Juist daarom komen de nieuwe peilingscijfers op een slecht moment.

Volgens de in de bron aangehaalde NBC News-peiling vindt 71 procent van de Amerikanen dat het land de verkeerde richting opgaat.

Het zou volgens de aangeleverde informatie het hoogste percentage zijn sinds het begin van Trumps tweede ambtstermijn.

Ook wanneer Amerikanen rechtstreeks wordt gevraagd naar het functioneren van de president, ontstaat een somber beeld.

Slechts 34 procent zou positief zijn over de manier waarop Trump zijn werk doet.

Daar staat 66 procent tegenover die volgens de aangeleverde cijfers ontevreden is.

Economie zorgt voor onvrede

Een belangrijk pijnpunt is de economie.

Juist op dat terrein heeft Trump zichzelf jarenlang gepresenteerd als iemand die de Amerikaanse economie sterker kan maken.

Volgens de aangeleverde peiling geeft echter meer dan 44 procent van de ondervraagden aan er in ongeveer een jaar tijd financieel op achteruit te zijn gegaan.

Dat kan politiek zwaar wegen.

Voor veel kiezers zijn de kosten van levensonderhoud, koopkracht, werkgelegenheid en de algemene economische situatie immers belangrijke onderwerpen bij het bepalen van hun stem.

Wanneer mensen het gevoel hebben dat hun eigen financiële situatie verslechtert, kan dat uiteindelijk gevolgen hebben voor de partij van de zittende president.

58 procent vindt dat Trump het land schade berokkent

Nog een cijfer uit de aangeleverde peiling zal in het Witte Huis weinig enthousiasme veroorzaken.

Volgens de genoemde resultaten vindt 58 procent van de ondervraagde Amerikanen dat Trump met zijn beleid schade toebrengt aan de Verenigde Staten.

Zo’n oordeel gaat verder dan alleen ontevredenheid over één bepaald beleidsterrein.

Voor Republikeinse kandidaten is de vraag daardoor hoe sterk zij zich in de laatste campagneweken aan Trump willen verbinden.

Zijn trouwe achterban blijft belangrijk voor de partij, maar in competitieve kiesdistricten kunnen juist gematigde en onafhankelijke kiezers uiteindelijk het verschil maken.

Democraten krijgen belangrijke opsteker

De onvrede over Trump lijkt zich volgens de aangeleverde cijfers ook te vertalen naar de strijd om het Congres.

Meer dan 55 procent van de ondervraagden zou het liefst zien dat de Democraten de meerderheid in het Congres krijgen.

Ongeveer 45 procent geeft de voorkeur aan Republikeinse controle.

Dat is een belangrijk signaal, maar nog geen garantie voor de daadwerkelijke verkiezingsuitslag.

Een landelijke peiling kan namelijk niet één op één worden vertaald naar het aantal zetels dat een partij uiteindelijk wint.

Vooral in het Huis van Afgevaardigden draait het om afzonderlijke kiesdistricten. Een partij kan landelijk meer stemmen krijgen, terwijl de verdeling over individuele districten uiteindelijk bepaalt hoeveel zetels dat oplevert.

Alles draait om Huis en Senaat

Voor Trump staat er op 3 november dus veel op het spel.

Behoud van Republikeinse meerderheden zou hem aanzienlijk meer ruimte geven om zijn agenda tijdens de resterende twee jaar van zijn termijn voort te zetten.

Een Democratische meerderheid in het Huis kan daarentegen een belangrijke politieke blokkade vormen.

En mochten de Democraten erin slagen zowel het Huis als de Senaat in handen te krijgen, dan wordt samenwerken met de oppositie voor Trump op veel dossiers vrijwel onvermijdelijk.

Daarnaast kan een oppositiemeerderheid zorgen voor meer onderzoeken en toezicht op zijn regering.

Peiling is nog geen verkiezingsuitslag

Toch is er een belangrijke kanttekening.

Hoe slecht deze cijfers voor Trump ook ogen, een peiling is geen verkiezingsuitslag.

Peilingen zijn momentopnames en kunnen veranderen. Bovendien spelen op 3 november tientallen afzonderlijke verkiezingen een rol.

Lokale kandidaten, opkomst, economische ontwikkelingen en gebeurtenissen tijdens de laatste campagneweken kunnen allemaal invloed hebben.

Daar komt bij dat Senaatsverkiezingen slechts in een deel van de staten plaatsvinden. De landelijke populariteit van Trump vertelt daardoor niet automatisch wie straks de meerderheid in de Senaat bezit.

3 november wordt beslissend

Wat de nieuwe cijfers vooral duidelijk maken, is dat Trump de midterms niet vanuit een comfortabele positie tegemoetgaat.

Wanneer de in de aangeleverde NBC News-peiling gemeten onvrede zich daadwerkelijk vertaalt naar het stemhokje, kunnen de Republikeinen een bijzonder moeilijke verkiezingsavond tegemoetgaan.

Voor Trump gaat het daarbij om veel meer dan alleen prestige.

De machtsverhoudingen die Amerikanen op 3 november 2026 bepalen, kunnen rechtstreeks beïnvloeden hoeveel van zijn politieke plannen hij tijdens de tweede helft van zijn tweede termijn nog kan realiseren.

De peilingen bezorgen hem voorlopig slecht nieuws. Of de kiezers dat over enkele weken daadwerkelijk bevestigen, wordt pas duidelijk wanneer de stemmen zijn geteld.

Actueel

Deze vier provincies doen niet meer aan wintertijd en zetten de klok niet terug

Published

on

Twee keer per jaar de klok verzetten? Op steeds meer plekken willen ze daar definitief vanaf. Verschillende regio’s hebben inmiddels besloten voortaan het hele jaar dezelfde tijd te hanteren. Vooral in Canada is er veel beweging. Daar kiezen meerdere provincies en gebieden ervoor de halfjaarlijkse klokwissel af te schaffen. Toch zorgt één belangrijke vraag nog altijd voor discussie: kiezen we voor permanente zomertijd of juist voor wintertijd?

Die discussie speelt ook onder slaapdeskundigen. Hoewel velen van hen het stoppen met de klokwissel toejuichen, bestaat er kritiek op permanente zomertijd. Een vaste wintertijd zou namelijk beter aansluiten bij het natuurlijke dag-nachtritme.

In Nederland verandert er voorlopig niets. In de nacht van zaterdag 24 op zondag 25 oktober 2026 gaat de klok weer een uur terug.

Steeds meer plekken stoppen met klok verzetten

Voor miljoenen mensen is het ieder voorjaar en najaar hetzelfde ritueel: alle klokken moeten een uur vooruit of achteruit.

Dat heeft niet alleen praktische gevolgen. De verandering kan tijdelijk ook invloed hebben op het slaapritme.

Op verschillende plekken in Canada wordt daarom afscheid genomen van het systeem.

In de aangeleverde berichtgeving wordt Manitoba genoemd als de nieuwste provincie die besloot het verzetten van de klok te beëindigen.

Daar ging eerst een raadpleging onder de bevolking aan vooraf.

Bijna 72.000 inwoners zouden hun mening hebben gegeven. Maar liefst 92 procent van de deelnemers gaf aan dat ze van de halfjaarlijkse tijdswisseling af wilden.

De volgende vraag was welke tijd vervolgens permanent moest worden.

Meeste inwoners kiezen voor zomertijd

Daarover waren de meningen meer verdeeld.

Volgens de aangeleverde cijfers koos 58 procent voor permanente zomertijd, terwijl 34 procent liever permanent de wintertijd zou aanhouden.

Het voordeel van zomertijd is duidelijk zichtbaar aan het einde van de dag.

Het blijft ’s avonds langer licht.

Maar daar staat in de winter een belangrijk nadeel tegenover: de zon komt ’s ochtends later op. In december kan dat betekenen dat mensen veel langer in het donker aan hun dag beginnen.

En precies daar begint de discussie met slaapdeskundigen.

Slaapexperts zien liever wintertijd

Het afschaffen van de klokwissel kan rekenen op steun van deskundigen die wijzen op de verstoring van het slaapritme die het verzetten van de klok kan veroorzaken.

Vooral jonge kinderen en mensen die gevoelig zijn voor veranderingen in hun slaap-waakritme kunnen enkele dagen nodig hebben om zich aan de nieuwe tijd aan te passen.

Maar stoppen met de klokwissel is één ding. Welke tijd daarna permanent wordt ingevoerd, is een andere discussie.

Een deel van de slaap- en chronobiologische experts geeft de voorkeur aan permanente wintertijd.

Die standaardtijd sluit beter aan op de stand van de zon en daarmee op het natuurlijke circadiane ritme.

Bij permanente zomertijd wordt de klok als het ware het hele jaar een uur naar voren geschoven.

Dat levert lichte zomeravonden op, maar betekent tegelijkertijd dat het tijdens de wintermaanden ’s ochtends langer donker blijft.

Gezondheid belangrijke reden

Gezondheidsargumenten speelden volgens de aangeleverde informatie een belangrijke rol bij de Canadese besluitvorming.

Een analyse van het provinciale ministerie van Volksgezondheid zou hebben geconcludeerd dat stoppen met het wisselen van de klok voordelen kan opleveren.

Gezinnen met jonge kinderen worden daarbij specifiek genoemd.

Een verandering van één uur klinkt misschien beperkt, maar kan het dagelijkse ritme tijdelijk behoorlijk verstoren.

Daarnaast worden economische en praktische argumenten genoemd.

Wanneer aangrenzende gebieden dezelfde tijd hanteren, wordt bijvoorbeeld zakendoen en reizen over provinciegrenzen eenvoudiger.

Canada krijgt steeds meer uitzonderingen

Canada vormt sowieso een ingewikkelde lappendeken als het om tijdzones en zomertijd gaat.

Naast Manitoba worden in de aangeleverde berichtgeving British Columbia, Alberta en de Northwest Territories genoemd als gebieden waar recent stappen zijn gezet om de klokwissel te beëindigen.

Yukon hanteert al sinds 2020 een vaste tijd.

Saskatchewan stopte er zelfs tientallen jaren geleden al mee.

Ook in delen van Ontario spelen veranderingen. Het noordwesten van de provincie zou zich aanpassen om gelijk te blijven lopen met Manitoba.

Zonder zo’n aanpassing kunnen bijzondere situaties ontstaan waarbij nabijgelegen plaatsen gedurende een deel van het jaar verschillende tijden hanteren.

Ontario wacht op andere regio’s

Ontario nam volgens de aangeleverde informatie al in 2020 wetgeving aan die het mogelijk maakt om met de klokwissel te stoppen.

Daar zit echter een belangrijke voorwaarde aan.

De verandering zou pas worden doorgevoerd wanneer onder andere Quebec en de Amerikaanse staat New York eveneens meedoen.

Dat illustreert meteen waarom het afschaffen van zomer- en wintertijd ingewikkelder is dan simpelweg besluiten de klok niet meer te verzetten.

Wanneer één gebied verandert en de buren niet, ontstaan nieuwe tijdsverschillen.

Dat kan gevolgen hebben voor woon-werkverkeer, scholen, transport, televisie-uitzendingen en bedrijven die over regionale grenzen werken.

Europa praat er al jaren over

Ook binnen de Europese Unie is het stoppen met de klokwissel bepaald geen nieuw onderwerp.

De Europese Commissie kwam in 2018 met een voorstel om de halfjaarlijkse wisseling te beëindigen.

Daaraan voorafgaand werd een grote online raadpleging gehouden.

Van de ruim 4,5 miljoen deelnemers zou ongeveer 84 procent voor het afschaffen van de klokwissel hebben gestemd.

Daarmee leek er aanvankelijk veel draagvlak.

Toch bleek het in de praktijk ingewikkelder.

Zomertijd of wintertijd zorgt voor discussie

Wanneer de klok niet meer wordt verzet, moet namelijk worden bepaald welke tijd permanent wordt.

En juist daarover konden Europese landen het niet eens worden.

Sommige landen en burgers geven de voorkeur aan zomertijd vanwege de langere lichte avonden.

Andere landen en deskundigen zien juist meer voordelen in permanente standaardtijd, oftewel wintertijd.

Daarnaast is afstemming tussen buurlanden belangrijk.

Wanneer Nederland bijvoorbeeld voor een andere permanente tijd zou kiezen dan België of Duitsland, kan dat nieuwe tijdsverschillen opleveren.

Het Europese voorstel is daardoor nog altijd niet definitief uitgevoerd.

Nederland zet klok op 25 oktober terug

Voor Nederland verandert er dit jaar dan ook niets.

De wintertijd gaat in op zondag 25 oktober 2026.

Om 03.00 uur wordt de klok één uur teruggezet naar 02.00 uur.

Daardoor duurt die nacht officieel een uur langer.

Voor veel mensen betekent dat simpelweg een extra uur slaap.

De omschakeling naar wintertijd vindt binnen de Europese Unie steeds plaats op de laatste zondag van oktober.

In het voorjaar gebeurt het tegenovergestelde en gaat de klok op de laatste zondag van maart weer een uur vooruit.

Wanneer stopt Nederland ermee?

Daar is voorlopig geen definitieve datum voor.

Hoewel het onderwerp al jarenlang op Europees niveau wordt besproken, is nog geen overeenstemming bereikt over de manier waarop de klokwissel moet worden afgeschaft.

Tot die tijd blijft het bestaande systeem in Nederland van kracht.

De ontwikkelingen in Canada laten ondertussen zien dat het wel degelijk anders kan.

Maar ze tonen ook meteen het grootste probleem: stoppen met het verzetten van de klok is relatief eenvoudig, bepalen welke tijd daarna permanent moet gelden is een stuk ingewikkelder.

Voor Nederland is de situatie dit weekend in ieder geval duidelijk: in de nacht van zaterdag op zondag gaat de klok om 03.00 uur terug naar 02.00 uur.

Continue Reading