Actueel
Weerman komt met een waarschuwing voor Nederland: op deze dag kans op code rood en diepvrieskou
De winter houdt Nederland stevig in zijn greep en lijkt voorlopig nog niet van plan los te laten. Na meerdere dagen met aanhoudende sneeuwval ligt er inmiddels in een brede zone van het midden tot het noorden lokaal tussen de 25 en zelfs 30 centimeter sneeuw. Zulke hoeveelheden zijn de afgelopen jaren zeldzaam geworden en zorgen voor een winterbeeld dat veel mensen alleen nog uit herinneringen kennen. Volgens de meest recente weerkaarten is dit bovendien nog niet het einde van het winterse hoofdstuk. Vrijdag ligt nieuwe sneeuw op de loer, vooral in het noorden, en daarna neemt de kans toe op een periode met uitgesproken kou.

Een zeldzaam winters decor
Dat er nu zoveel sneeuw ligt, is opvallend. In veel winters blijft Nederland steken bij een dun laagje dat na één of twee dagen weer verdwijnt. Deze keer is dat anders. De sneeuw heeft zich kunnen opstapelen en blijft liggen, mede door de lage temperaturen. Dat zorgt voor prachtige winterse taferelen, maar ook voor praktische uitdagingen in het dagelijks leven.
Wegen zijn lokaal moeilijk begaanbaar, fietspaden verdwijnen onder een witte laag en in open gebieden ontstaan al sneeuwduinen. Toch overheerst bij veel mensen ook verwondering: zo’n uitgesproken winterbeeld zien we niet vaak meer.

Donderdag: een korte adempauze
Na de intensiteit van de afgelopen dagen verloopt donderdag relatief rustig. Het weer bevindt zich als het ware tussen twee wintergolven in. In de ochtend trekken vanuit het westen nog enkele regenbuien het land binnen. Landinwaarts kunnen die buien tijdelijk overgaan in natte sneeuw, vooral waar de temperaturen laag genoeg blijven.
Later op de dag wordt het op veel plaatsen droog en ontstaat er ruimte voor wat rust in het weerbeeld. De temperatuur schommelt tussen 1 en 3 graden, wat betekent dat de bestaande sneeuwlaag grotendeels intact blijft. De wind is beperkt, waardoor donderdag voelt als een korte pauze voordat de winter opnieuw aantrekt.

Vrijdag wordt een sleuteldag
Vrijdag staat met rood omcirkeld op de weerkaarten. Een lagedrukgebied trekt over of langs Nederland en zal het weerbeeld sterk bepalen. Dit systeem verdiept zich voldoende om als storm te worden aangemerkt en draagt de naam Goretti. De exacte koers van deze storm is cruciaal, en volgens de laatste berekeningen ligt die dicht bij het midden van het land.
Juist die positie zorgt voor grote contrasten binnen Nederland. Kleine verschillen in afstand tot de kern van het lagedrukgebied kunnen grote gevolgen hebben voor neerslagsoort, windrichting en temperatuur.

Groot verschil tussen noord en zuid
De verwachting laat een duidelijke tweedeling zien. In het zuiden waait de wind uit de zuidwesthoek, wat zachtere lucht aanvoert. Daar valt de neerslag vooral in de vorm van regen. In het noorden draait de wind juist naar oost tot noordoost, waardoor koudere lucht wordt aangevoerd. In dat gebied valt de neerslag waarschijnlijk opnieuw als sneeuw.
Hierdoor kunnen de verschillen binnen relatief korte afstand groot zijn. Terwijl het in het zuiden nat en guur is, kan het noorden opnieuw veranderen in een winters sneeuwlandschap.
Sneeuw en wind: een lastige combinatie
Bij lagedrukgebieden is de windverdeling complex. Dicht bij de kern is de wind vaak minder sterk, terwijl iets verder weg juist zware windstoten kunnen voorkomen. Dat maakt de verwachting lastig. Toch tekent zich een scenario af waarin het noorden vrijdag opnieuw een verse sneeuwlaag krijgt. Lokaal kan dat oplopen tot ongeveer 15 centimeter extra sneeuw.
In combinatie met stevige wind neemt de kans op sneeuwjacht toe. Losse sneeuw wordt dan door de wind voortgejaagd, wat het zicht plots sterk kan verminderen. Wegen kunnen snel dichtwaaien, vooral in open gebieden en op dijken.
Waarschuwingen blijven mogelijk
Zowel in het uiterste noorden als in het uiterste zuiden zijn zware windstoten mogelijk. In combinatie met sneeuw of natte neerslag kan dat voor gevaarlijke situaties zorgen. Het is dan ook niet uitgesloten dat het KNMI de waarschuwingen verder opschaalt. Een code oranje of zelfs rood behoort tot de mogelijkheden als de situatie verslechtert.
Tegelijk blijft alles afhankelijk van de exacte koers van storm Goretti. Een kleine verschuiving kan de sneeuwgrens tientallen kilometers verplaatsen, met grote gevolgen voor de impact per regio.
Na vrijdag: oostelijke stroming en kou
Na de passage van Goretti blijft het lagedrukgebied nog enige tijd in de buurt. Daardoor kan neerslag in de loop van vrijdag en in de nacht naar zaterdag op meer plaatsen in sneeuw overgaan. Vervolgens trekt het systeem richting Duitsland. Volgens de huidige verwachtingen komt die koers iets zuidelijk uit, waardoor bij ons de wind uit oostelijke richtingen gaat waaien.
Ten oosten van Nederland ligt al geruime tijd zeer koude lucht opgeslagen. Zodra die lucht vrij spel krijgt, stroomt ze richting ons land. Zaterdag blijft de temperatuur op veel plaatsen onder het vriespunt. Door de wind en de aanwezige sneeuw voelt het bovendien extra koud aan.
Strenge nachten in aantocht
In de nacht van zaterdag op zondag kan het op grote schaal tot matige vorst komen. Minima rond -5 graden lijken haalbaar, met regionaal zelfs waarden tot rond -10 graden. Dat zijn temperaturen die passen bij een klassieke winter en die de sneeuwlaag goed conserveren.
Zondag zelf belooft een echte winterdag te worden. De middagtemperaturen blijven waarschijnlijk steken tussen -1 en -5 graden. Met sneeuw op de grond levert dat een winters beeld op dat doet denken aan vroegere winters.
Blijft de vorst aanhouden?
Vanaf het begin van volgende week wordt de verwachting onzeker. Nederland komt dan precies op de grens te liggen tussen koude continentale lucht in het oosten en zachtere oceaanlucht vanuit het westen. Kleine verschuivingen in druksystemen kunnen dan grote gevolgen hebben voor het weerbeeld.
Dat is duidelijk zichtbaar in de grote spreiding van de weermodellen. Sommige berekeningen laten aanhoudende vorst zien, terwijl andere sneller richting dooi gaan.
Lessen uit het verleden
Ervaringen uit het verleden tonen aan dat zachte lucht na een sneeuwrijke periode vaak moeite heeft om snel terrein te winnen. De sneeuw zorgt voor afkoeling van de onderste luchtlagen. In februari 2021 lukte het oceaandepressies na een sneeuwstorm ook niet om direct door te breken, wat toen resulteerde in meerdere ijsdagen.
Of zo’n scenario zich nu herhaalt, is nog onzeker. Wel valt op dat de gemiddelde verwachting de afgelopen dagen steeds kouder is geworden. De vorst die dit weekend waarschijnlijk wordt bereikt, was eerder nauwelijks zichtbaar in de berekeningen.
Winter nog lang niet beslist
Ook voor volgende week blijven meerdere scenario’s temperaturen rond of onder het vriespunt tonen. Dat betekent dat de winter voorlopig allesbehalve beslist is. De komende dagen worden bepalend voor het verdere verloop.
Of Nederland zich kan opmaken voor een langere winterperiode of dat de dooi uiteindelijk toch doorzet, zal snel duidelijk worden. Eén ding staat vast: deze winter heeft zich al stevig laten gelden en is nog niet uitgespeeld.
Actueel
Bart De Wever zegt wat geen enkele Belg wil horen: “De put is nog nooit zo groot en zo diep geweest”

Geen verzachting. Geen omweg. Geen belofte dat het wel zal meevallen. Met een paar zinnen heeft Bart De Wever een boodschap neergezet die harder aankwam dan veel Belgen hadden verwacht. Niet omdat ze volledig nieuw was, maar omdat ze zo onomwonden werd uitgesproken. Wat voor ons ligt, zo liet hij doorschemeren, is dieper en zwaarder dan ooit. Geen tijdelijke dip, geen storm die vanzelf overwaait, maar een structurele realiteit waar niet langer omheen kan worden gedraaid.

Een waarheid die niemand bestelt
Waar politici traditioneel proberen te kalmeren, koos De Wever voor het tegenovergestelde. Geen geruststellende woorden, geen zachte formuleringen. Hij sprak over structurele problemen, over schulden die zich jarenlang hebben opgestapeld en over politieke keuzes die telkens werden uitgesteld. Volgens mensen in zijn omgeving is dit geen plots inzicht, maar een conclusie die al langer rijpt.
“Dit is niet iets van gisteren,” klinkt het dichtbij hem. “Dit is jarenlang genegeerd.” Juist die zin raakt een gevoelige snaar. Want voor veel Belgen voelt het alsof problemen die ze al langer aanvoelen nu pas openlijk worden benoemd. Niet verhuld, niet verpakt, maar rauw en direct.
Een klap die binnenkomt
De impact van zijn woorden was groot. Niet omdat mensen het niet zagen aankomen, maar omdat de façade van voorzichtig optimisme werd weggetrokken. Voor velen voelde het als een klap in het gezicht. Niet onverwacht, maar confronterend. Alsof iemand eindelijk hardop zegt wat iedereen fluistert, maar niemand echt wil horen.
Die eerlijkheid roept ongemak op. Want waar ga je naartoe als de boodschap luidt dat het erger wordt voordat het beter kan worden? En vooral: wie draagt de last?

De “diepe put” zonder handleiding
Wat De Wever precies bedoelde met zijn metafoor van een “diepe put”, bleef bewust vaag. En juist die vaagheid voedt de onrust. Want als de situatie zo ernstig is, wat betekent dat concreet voor het dagelijks leven van mensen?
De vragen stapelen zich
op:
– Gaat de koopkracht verder onder druk komen te
staan?
– Worden pensioenen opnieuw onderwerp van discussie?
– Komt de sociale bescherming in het vizier van besparingen?
Het zijn vragen die leven aan keukentafels, op werkvloeren en op sociale media. Voorlopig blijven antwoorden uit. En die leegte wordt snel gevuld met speculatie.
Verdeeld land, verdeelde reacties
De reacties laten zien hoe diep deze boodschap snijdt. Op sociale media buitelen emoties over elkaar heen. Woede en angst, maar ook opvallend veel instemming.

“Eindelijk iemand die niet liegt,” klinkt het bij voorstanders. Zij zien in De Wevers woorden een zeldzame vorm van politieke eerlijkheid. Geen zoethoudertjes, maar duidelijkheid, hoe pijnlijk ook.
Tegenstanders zien het anders. “Dit is geen eerlijkheid, dit is mensen bang maken,” klinkt het daar. Zij vrezen dat harde taal zonder concreet perspectief vooral onzekerheid vergroot, vooral bij mensen die al moeite hebben om rond te komen.
Tussen die twee kampen zit een grote groep die vooral worstelt met één vraag: waarom lijkt de pijn altijd bij dezelfde mensen terecht te komen?
Leiderschap zonder vangnet
Door zo te spreken, plaatst De Wever zichzelf bewust op scherp. Hij biedt geen troost, geen kortetermijnperspectief en geen belofte dat iedereen wordt ontzien. Zijn boodschap draait om discipline, volhouden en accepteren dat verandering pijn doet.
Critici vragen zich af of dit nog leiderschap is, of het normaliseren van soberheid zonder duidelijke sociale bescherming. Voorstanders noemen het moed. Zij zien een leider die weigert de werkelijkheid mooier voor te stellen dan ze is.
“Hij zegt wat anderen niet durven,” klinkt het vaak. Maar daar volgt steevast een tweede vraag op: “Durft hij ook te zeggen wie zal betalen?”
De stilte die volgt
Misschien wel het meest opvallend was wat er níét kwam na zijn uitspraak. Geen snelle persconferentie om details toe te lichten. Geen lijst met maatregelen. Geen tijdlijn. Alleen stilte.

Die stilte werkt als brandstof. Wat weet de regering dat de bevolking nog niet weet? Is deze uitspraak een voorbereiding op ingrepen die binnenkort volgen? Of is het een strategische zet om mensen mentaal klaar te stomen voor moeilijke beslissingen?
In politiek opzicht is stilte soms krachtiger dan woorden. Maar voor burgers voelt ze vaak als onzekerheid.
Eerlijkheid versus angst
De kern van het debat draait niet alleen om geld of beleid, maar om communicatie. Hoe ver ga je als leider in het benoemen van pijn zonder perspectief te bieden? Wanneer wordt eerlijkheid verlammend in plaats van mobiliserend?
Voor sommigen is de harde boodschap een vorm van respect: liever nu duidelijkheid dan later een schok. Voor anderen voelt het als het afschuiven van verantwoordelijkheid: de rekening aankondigen zonder te zeggen hoe die eerlijk wordt verdeeld.
Een land op een kruispunt
Wat vaststaat, is dat De Wever met één zin het debat heeft opengebroken. Niet langer de vraag óf België moet veranderen, maar hoe diep de prijs zal zijn. En vooral: wie die prijs zal betalen.
Het gaat niet alleen om economische cijfers, maar om vertrouwen. Vertrouwen dat offers zinvol zijn. Vertrouwen dat ze eerlijk worden verdeeld. En vertrouwen dat er aan het einde van die diepe put ook daadwerkelijk een weg omhoog is.

Het pijnlijkste besef
Misschien is dat wel het meest pijnlijke inzicht dat uit zijn woorden spreekt: niet dat de put diep is, maar dat we er al lang in zitten. Dat uitstel, compromissen en halve oplossingen de situatie hebben verdiept.
De Wever heeft die realiteit benoemd, zonder verzachting. Of dat hem uiteindelijk wordt aangerekend of juist geprezen, zal de tijd leren. Maar één ding is zeker: de toon is gezet. En terug naar comfortabel optimisme lijkt voorlopig geen optie meer.
De vraag die blijft hangen, is niet of België verandert — maar hoe we omgaan met de waarheid dat verandering pijn doet, en voor wie.