Actueel
Veel doden bij zwaar Flixbus-ongeluk
Een tragisch ongeluk heeft zich voorgedaan op de A11-snelweg in de Duitse deelstaat Brandenburg. Een Flixbus, een populaire vervoerder in Europa, kantelde bij een afrit naar een parkeerplaats nabij het knooppunt Uckermark. Het ongeval heeft geleid tot de dood van twee mensen en verwondde elf anderen, waarvan vier zwaargewond zijn.

Details van het ongeval
Het ongeluk vond plaats onder winterse omstandigheden, hoewel het nog onduidelijk is of gladheid hierbij een rol speelde. De bus, die onderweg was naar Polen, kantelde en kwam op zijn zij terecht. Er waren geen andere voertuigen betrokken bij het incident. In totaal zaten er veertien mensen in de bus, waaronder de chauffeur.
De slachtoffers zijn een vrouw van 29 jaar en een man van 48 jaar, zo bevestigde de lokale politie. De overige inzittenden zijn via de voorruit uit het voertuig geëvacueerd. Elf personen raakten gewond en zijn met spoed naar ziekenhuizen in de regio gebracht. Vier van hen verkeren in kritieke toestand.
Reactie van Flixbus
In een officiële verklaring heeft Flixbus zijn medeleven betuigd aan de slachtoffers en hun families. Het bedrijf werkt nauw samen met de autoriteiten om de exacte oorzaak van het ongeluk te achterhalen. Flixbus benadrukt dat de veiligheid van passagiers altijd de hoogste prioriteit heeft. “We roepen op om speculaties te vermijden totdat het onderzoek is afgerond,” aldus de vervoerder.

Herhaling van tragedies
Dit is niet het eerste ernstige ongeval waarbij een Flixbus betrokken is. In maart 2024 kwamen vier mensen om het leven bij een soortgelijk ongeluk nabij Leipzig. Deze incidenten roepen vragen op over de veiligheid van langeafstandsbussen in winterse omstandigheden. Hoewel Flixbus strikte veiligheidsnormen hanteert, blijven dergelijke tragische gebeurtenissen het bedrijf achtervolgen.
Weersomstandigheden en onderzoek
De Duitse politie is gestart met een uitgebreid onderzoek naar de oorzaak van het ongeval. Hoewel de exacte omstandigheden nog onduidelijk zijn, wordt bekeken of de winterse weersomstandigheden een rol hebben gespeeld. De A11-snelweg, die Berlijn met Szczecin in Polen verbindt, staat bekend om haar drukke verkeer en kan bij slecht weer verraderlijk zijn.
Impact op passagiers
De inzittenden, voornamelijk Poolse en Duitse burgers, hebben een traumatische ervaring doorgemaakt. De overlevenden zijn opgevangen door hulpdiensten en krijgen zowel medische als psychologische hulp. De betrokken hulpverleners benadrukken het snelle en gecoördineerde optreden van brandweer, politie en ambulancediensten, wat mogelijk meer slachtoffers heeft voorkomen.

Flixbus en passagiersveiligheid
Flixbus, opgericht in 2013, heeft zich ontwikkeld tot een van de grootste langeafstandsbussen in Europa. Hoewel het bedrijf doorgaans een goede veiligheidsreputatie heeft, zorgen herhaalde ongelukken voor een verhoogd bewustzijn bij reizigers over de risico’s van deze vorm van vervoer. De Duitse vervoersautoriteiten hebben aangegeven de bevindingen van het onderzoek te zullen gebruiken om te beoordelen of aanvullende maatregelen nodig zijn om de veiligheid te verbeteren.
Een oproep tot kalmte
Flixbus heeft zijn passagiers en het publiek gevraagd om speculaties over de oorzaak van het ongeval te vermijden totdat het onderzoek is afgerond. Het bedrijf benadrukt dat dergelijke incidenten uitzonderlijk zijn en dat het alles in het werk stelt om haar veiligheidsmaatregelen te blijven verbeteren.

Hoe nu verder?
De resultaten van het onderzoek zullen cruciaal zijn voor de verdere stappen die Flixbus en de Duitse overheid nemen. Voor de nabestaanden en gewonden blijft het vooral een tijd van rouw en herstel. Het incident herinnert ons eraan hoe belangrijk verkeersveiligheid is, vooral onder uitdagende weersomstandigheden.
Met de komende wintermaanden in zicht, wordt de roep om verbeterde verkeersveiligheidsmaatregelen luider. Het is te hopen dat dit tragische ongeluk leidt tot nieuwe inzichten en preventieve maatregelen, zodat dergelijke tragedies in de toekomst kunnen worden voorkomen.
Actueel
GGD meldt nieuwe besmetting met westnijlvirus: DIT zijn de eerste symptomen

In Nederland is opnieuw een besmetting met het westnijlvirus gemeld. Volgens AT5 gaat het om een 39-jarige vrouw uit Amstelveen. De GGD bevestigt dat er sprake is van een besmetting, maar doet vanwege de privacy geen verdere uitspraken over de patiënt. De nieuwe melding trekt extra aandacht omdat eerder al iemand in Nederland aan westnijlkoorts overleed. Toch benadrukt het RIVM dat de kans om het virus in Nederland op te lopen en er ziek van te worden nog altijd erg klein is.
Volgens AT5 zou de 39-jarige vrouw het virus in Nederland hebben opgelopen. De regionale omroep meldt bovendien dat zij hersenvliesontsteking heeft gekregen.
De GGD doet vanwege de privacy geen mededelingen over dergelijke persoonlijke medische details. Daardoor kunnen niet alle bijzonderheden die over de vrouw naar buiten zijn gebracht officieel worden bevestigd.
Wel is duidelijk dat het westnijlvirus deze zomer opnieuw lokaal in Nederland wordt overgedragen.
Eerder al meerdere besmettingen vastgesteld
Het westnijlvirus dook in augustus opnieuw op bij mensen in Nederland.
Op 17 augustus maakte het RIVM bekend dat bij een bloeddonor een infectie was vastgesteld. De betreffende persoon woonde in de provincie Utrecht, was niet recent in het buitenland geweest en had milde klachten.
Het was de eerste bevestigde menselijke besmetting van 2026 waarvan werd aangenomen dat deze in Nederland was ontstaan.
Later maakte het RIVM bekend dat er in 2026 meerdere meldingen waren van mensen die het virus waarschijnlijk in Nederland hadden opgelopen.
Een van die patiënten is uiteindelijk in een ziekenhuis overleden aan westnijlkoorts.
Het RIVM benadrukt tegelijkertijd dat het risico voor de Nederlandse bevolking klein blijft.
Muggenexpert waarschuwt voor ontwikkeling
De nieuwe besmettingen zorgen wel voor extra aandacht onder deskundigen.
Muggenexpert Bart Knols waarschuwde bij WNL dat de ontwikkeling volgens hem serieus moet worden genomen.
„Het begint met één persoon en dan zouden alle alarmbellen moeten afgaan”, stelde hij.
Knols wees erop dat wetenschappers al veel langer rekening houden met de mogelijkheid dat het westnijlvirus zich verder naar het noorden van Europa zou verspreiden.
Hij pleitte daarbij voor een stevige aanpak en goede monitoring.
Zijn uitspraken betekenen overigens niet dat er op dit moment sprake is van een grote Nederlandse uitbraak. Het RIVM houdt de situatie samen met andere organisaties nauwlettend in de gaten en noemt de kans om in Nederland westnijlkoorts op te lopen nog steeds erg klein.
Hoe raak je besmet met het westnijlvirus?
Het westnijlvirus circuleert voornamelijk onder vogels.
Muggen kunnen besmet raken wanneer zij bloed zuigen bij een vogel die het virus bij zich draagt. Een besmette mug kan het virus vervolgens bij een volgende beet doorgeven aan andere vogels, maar soms ook aan mensen en zoogdieren zoals paarden.
In Nederland kan de gewone huissteekmug het virus overbrengen.
Mensen spelen normaal gesproken geen rol bij de verdere verspreiding via muggen. Je krijgt het virus dus niet simpelweg door in de buurt te zijn van iemand die besmet is.
Meeste besmette mensen merken helemaal niets
Een belangrijk gegeven is dat een infectie lang niet altijd tot ziekte leidt.
Volgens het RIVM krijgt ongeveer 80 procent van de besmette mensen helemaal geen klachten.
Ongeveer 19 procent ontwikkelt een mild ziektebeeld dat op griep kan lijken.
Slechts ongeveer 1 procent van de geïnfecteerde mensen krijgt ernstige neurologische klachten, zoals een hersenontsteking of hersenvliesontsteking.
Het feit dat een mug het virus overdraagt, betekent dus niet automatisch dat iemand ernstig ziek wordt.
Dit zijn de eerste symptomen
Wanneer er wel klachten ontstaan, gebeurt dat doorgaans enkele dagen na de beet van een besmette mug.
De incubatietijd bedraagt volgens het RIVM twee tot veertien dagen, waarbij klachten meestal na twee tot zes dagen beginnen.
De eerste verschijnselen kunnen bestaan uit:
- koorts;
- hoofdpijn;
- spierpijn;
- buikpijn;
- diarree;
- soms huiduitslag;
- soms opgezwollen lymfeklieren.
Omdat deze klachten ook bij allerlei andere infecties voorkomen, kan op basis van symptomen alleen niet worden vastgesteld dat iemand het westnijlvirus heeft.
Wanneer kan het ernstig worden?
Bij een klein percentage van de patiënten kan de infectie het zenuwstelsel aantasten.
Er kan dan bijvoorbeeld hersenvliesontsteking of hersenontsteking ontstaan.
Vooral mensen ouder dan vijftig jaar en mensen met een verminderde weerstand door ziekte of medicijngebruik hebben volgens het RIVM een grotere kans om ernstig ziek te worden.
Bij ernstige neurologische ziekte kan ziekenhuisopname noodzakelijk zijn.
Een klein gedeelte van de patiënten met een ernstige vorm van westnijlkoorts overlijdt aan de gevolgen ervan.
Geen vaccin voor mensen beschikbaar
Er bestaat momenteel geen vaccin voor mensen tegen westnijlkoorts.
Ook is er geen specifiek geneesmiddel waarmee het virus kan worden uitgeschakeld. Bij een mild ziektebeeld richt behandeling zich daarom voornamelijk op het verminderen van de klachten.
Bij ernstige ziekte kan opname in het ziekenhuis nodig zijn.
Voorkomen dat je door muggen wordt gestoken blijft daarom de belangrijkste manier om het risico verder te verkleinen.
Zo verklein je de kans op muggenbeten
De huissteekmuggen die het virus kunnen overbrengen zijn vooral actief rond de schemering.
Het RIVM adviseert onder meer om bedekkende kleding te dragen, horren voor ramen en deuren te gebruiken en muggenwerende middelen op onbedekte huid aan te brengen.
Ook een klamboe kan helpen om muggenbeten tijdens het slapen te voorkomen.
Risico in Nederland blijft klein
De nieuwe besmettingen laten zien dat het westnijlvirus opnieuw lokaal in Nederland kan circuleren.
Dat is voor gezondheidsinstanties reden om de situatie nauwlettend te volgen, maar volgens het RIVM is er geen reden om aan te nemen dat iedere muggenbeet ineens gevaarlijk is.
De meeste mensen die het westnijlvirus oplopen krijgen zelfs helemaal geen klachten. Wie wel ziek wordt, krijgt doorgaans griepachtige verschijnselen zoals koorts, hoofdpijn en spierpijn. Ernstige neurologische complicaties zoals hersenvlies- of hersenontsteking komen slechts bij een klein deel van de besmettingen voor.