Actueel
Uitzendkracht meldt zichzelf ziek omdat zijn arm in het gips zit, maar hij had misschien toch beter een andere foto mee kunnen sturen (2 screens)
Pagina 2
De foto die de uitzendkracht stuurt, is niet echt wat je zou verwachten van iemand die zich ziek meldt. In plaats van een zichtbare arm in het gips, is de afbeelding nogal verwarrend.

De volgers kunnen hun lach niet inhouden. Ze beginnen meteen
opmerkingen te maken over de “creatieve” manier waarop de
uitzendkracht zijn situatie probeert uit te leggen……
Klik op de knop hieronder om de
volgende fotos te zien

Actueel
Om deze reden krijgt Femke Kok véél minder prijzengeld voor goud dan Jutta Leerdam

De Olympische Winterspelen hebben Nederland opnieuw een onvergetelijk sportmoment opgeleverd. Schaatsster Femke Kok schreef geschiedenis door op de 500 meter overtuigend naar olympisch goud te rijden. Haar landgenote Jutta Leerdam eindigde als tweede en pakte daarmee het zilver. Twee Nederlandse vrouwen op het podium: een beeld dat inmiddels bijna vertrouwd voelt, maar daarom niet minder indrukwekkend is.

Toch ontstond er na afloop een opvallende discussie. Ondanks haar gouden medaille ontvangt Kok uiteindelijk minder prijzengeld dan Leerdam eerder deze Spelen kreeg voor haar overwinning op de 1.000 meter. Dat klinkt op het eerste gezicht vreemd, maar heeft alles te maken met de manier waarop de bonusregeling voor Nederlandse olympiërs is ingericht.
Een gouden race onder enorme druk
Voorafgaand aan de 500 meter werd Femke Kok door kenners al als grote favoriet gezien. De Friese sprintster domineert deze afstand al langere tijd en had in de aanloop naar de Spelen een indrukwekkende reeks neergezet. Ze was al twee jaar regerend wereldkampioen en wist maar liefst 23 keer op rij een 500 meter te winnen.
Dat succes brengt echter ook druk met zich mee. Wanneer iedereen verwacht dat je wint, wordt verliezen automatisch een groter risico. Kok gaf eerder al aan dat ze zich daarvan bewust was, maar probeerde zich volledig te focussen op haar eigen rit.
Die focus bleek beslissend. Nadat Jutta Leerdam eerder op de avond een sterke tijd van 37,15 had neergezet, werd duidelijk dat er een uitzonderlijke prestatie nodig was om daaronder te duiken. In de studio’s werd al gespeculeerd dat Kok dat mogelijk zou kunnen, maar zeker was het allerminst.
Toen ze uiteindelijk haar rit reed, werd al snel duidelijk dat ze in topvorm verkeerde. Met een tijd van 36,49 seconden was ze ongenaakbaar. De voorsprong was overtuigend en het goud was binnen. De Japanse Miho Takagi completeerde het podium met brons.
Voor Nederland betekende het opnieuw een succesvolle dag op het ijs, met zowel goud als zilver op één afstand.

Verschillende afstanden, verschillende verhalen
De prestaties van Kok en Leerdam laten mooi zien hoe verschillend schaatsafstanden kunnen zijn. Waar de 500 meter draait om explosiviteit en een perfecte start, vraagt de 1.000 meter meer om uithoudingsvermogen en ritme.
Leerdam had eerder in de week al indruk gemaakt door op die 1.000 meter naar olympisch goud te rijden. Haar overwinning werd gezien als een kroon op jarenlange voorbereiding en mentale kracht. Voor Kok volgde nu haar eigen moment van glorie op haar favoriete afstand.
Dat beide vrouwen elkaar scherp houden, wordt vaak genoemd als een van de redenen waarom Nederland zo sterk blijft in het langebaanschaatsen. Rivaliteit en respect gaan hand in hand, en dat was ook na de race zichtbaar.

Waarom het prijzengeld verschilt
Na de euforie kwam echter een praktische vraag naar boven: hoe kan het dat Femke Kok minder prijzengeld ontvangt voor een gouden medaille dan Jutta Leerdam?
Het antwoord ligt in de bonusregeling van sportkoepel NOC*NSF. Nederlandse olympiërs ontvangen namelijk geen bedrag per medaille, maar per sporter. Dat betekent dat er een maximum geldt voor het totale bonusbedrag dat een atleet tijdens één editie van de Spelen kan ontvangen.
Voor een individuele gouden medaille staat een bruto bonus van 30.000 euro. Voor zilver is dat 15.000 euro. Maar zodra een sporter meerdere medailles wint, wordt niet telkens opnieuw het volledige bedrag uitgekeerd.
Jutta Leerdam won haar gouden medaille op de 1.000 meter als eerste en had op dat moment nog geen andere podiumplek behaald. Daardoor kreeg zij het volledige bedrag van 30.000 euro uitgekeerd.
Femke Kok zat in een andere situatie. Zij had eerder al zilver gewonnen op de 1.000 meter en daarvoor 15.000 euro ontvangen. Toen ze vervolgens goud won op de 500 meter, werd haar totale bonus aangevuld tot het maximum van 30.000 euro. Dat betekent dat ze voor haar gouden medaille nog eens 15.000 euro kreeg, maar niet opnieuw het volledige bedrag.

Bruto bedragen en belasting
Daar komt nog een belangrijk detail bij: het prijzengeld is bruto. Net als bij ander inkomen moeten sporters hierover belasting betalen. Omdat topsporters vaak in een hogere belastingschijf vallen, kan een aanzienlijk deel van het bedrag uiteindelijk naar de Belastingdienst gaan.
In de praktijk betekent dit dat het netto verschil tussen sporters soms anders uitpakt dan het bruto bedrag doet vermoeden. Hoeveel er uiteindelijk overblijft, hangt af van het totale inkomen in dat jaar, inclusief sponsorcontracten en andere inkomsten.
Laatste editie met bonusregeling
Opvallend is dat deze Olympische Spelen ook de laatste zijn waarin deze bonusregeling wordt toegepast. NOC*NSF heeft aangekondigd dat het beschikbare budget in de toekomst volledig wordt ingezet voor talentontwikkeling, begeleiding en faciliteiten voor sporters.
Het idee daarachter is dat investeren in de basis uiteindelijk meer succes oplevert voor toekomstige generaties. Voor huidige atleten betekent het wel dat deze Spelen de laatste kans zijn om een directe financiële beloning voor een medaille te ontvangen.
Trots overheerst
Ondanks de discussie over het prijzengeld overheerst vooral trots. Zowel Femke Kok als Jutta Leerdam leverden prestaties van wereldniveau en bevestigden opnieuw de dominante positie van Nederland in het schaatsen.
Voor Kok is het olympisch goud een bekroning op jarenlange inzet en doorzettingsvermogen. Voor Leerdam blijft haar titel op de 1.000 meter een van de hoogtepunten van de Spelen. Samen zorgden ze voor een sportmoment dat nog lang zal worden herinnerd.
Uiteindelijk draait het voor de meeste atleten niet om het geld, maar om de medaille zelf. De olympische titel, het Wilhelmus en het besef dat jaren van training samenkomen in één perfecte race — dat zijn momenten die geen bedrag kan vervangen.
En precies daarom blijft deze avond vooral een verhaal over snelheid, talent en Nederlandse schaatstrots.