Connect with us

Actueel

Prinses Margarita zet punt achter haar huwelijk 💔 – Dit is de reden!

Published

on

Prinses Margarita van Bourbon de Parme en Tjalling ten Cate hebben aangekondigd dat hun huwelijk na zestien jaar tot een einde is gekomen. De aankondiging komt voor velen als een verrassing, aangezien het paar lange tijd een stabiel en gelukkig gezin leek te vormen. Toch waren er de afgelopen jaren al geruchten over spanningen binnen de relatie.

Een nieuw begin na een bewogen verleden

Voor Margarita betekende haar huwelijk met Tjalling een frisse start na haar roerige scheiding van Edwin de Roy van Zuydewijn. Die relatie eindigde in een mediastorm, waarbij Edwin openlijk kritiek uitte op de koninklijke familie en Margarita lange tijd in conflict raakte met haar naasten. In jurist Tjalling ten Cate vond ze echter rust en stabiliteit.

Het stel vestigde zich op landgoed De Horsten, in de buurt van koning Willem-Alexander. Samen kregen ze twee dochters en leken ze een harmonieus gezinsleven te leiden. Margarita sprak in interviews met veel liefde over haar man en kinderen en zei: “Ik heb een leuk leven opgebouwd en ben zéér gelukkig.” Nu blijkt echter dat achter die woorden meer schuilging dan aanvankelijk gedacht.

De eerste tekenen van spanning

Al enkele jaren deden geruchten de ronde dat het huwelijk van Margarita en Tjalling onder druk stond. Zo werd gefluisterd dat Tjalling enige tijd in een vakantiewoning verbleef om afstand te nemen van de situatie thuis. Daarnaast werd ontdekt dat hun gezamenlijke villa niet langer op beider naam stond, wat destijds al vragen opriep.

Hoewel het stel aangeeft “uiterst vriendschappelijk” uit elkaar te gaan, blijft de vraag wat er echt is gebeurd. Was er sprake van een derde persoon? Liepen hun interesses uiteen? Of was het huwelijk simpelweg na zestien jaar op?

Een andere scheiding dan haar eerste

De scheiding van Margarita en Tjalling lijkt aanzienlijk rustiger te verlopen dan haar breuk met Edwin de Roy van Zuydewijn. Die relatie eindigde in een ware mediagevecht, waarbij Edwin niet alleen Margarita maar ook de koninklijke familie publiekelijk bekritiseerde.

Margarita heeft in het verleden laten weten geen spijt te hebben van haar eerste scheiding. Over Edwin zei ze destijds: “Hij moet gewoon gaan werken en niet steeds maar jammeren. Ik was ook ongelukkig, maar ik ben dat toch ook niet gebleven?” Haar woorden onderstrepen dat ze vasthoudt aan haar onafhankelijkheid en zelf haar geluk bepaalt.

Waarom nu de breuk?

De vraag blijft: waarom nu? Was de liefde simpelweg uitgeblust, of speelde er iets groters? Hun huwelijk kende geen grote schandalen, geen openbare ruzies en geen juridische conflicten zoals bij haar vorige huwelijk. Maar misschien was juist dát het probleem.

Margarita heeft eerder laten doorschemeren dat haar turbulente relatie met Edwin de Roy van Zuydewijn veel spanning en sensatie met zich meebracht. Mogelijk was haar huwelijk met Tjalling te voorspelbaar geworden, waardoor ze zich niet langer kon vinden in de relatie. Of wellicht groeiden ze simpelweg uit elkaar.

Wat brengt de toekomst?

Voor Margarita betekent deze scheiding opnieuw een nieuw hoofdstuk in haar leven. Ze heeft een succesvolle carrière als juwelenontwerper opgebouwd en lijkt vastberaden haar eigen pad te blijven volgen. Voor Tjalling blijft het afwachten hoe hij zijn nieuwe levensfase vormgeeft. Hoewel hij zich altijd op de achtergrond hield, zal zijn naam ongetwijfeld blijven circuleren in de media nu hij weer vrijgezel is.

Een vreedzame scheiding, of het begin van nieuwe onthullingen?

Voor nu lijkt alles in rust te verlopen, maar zal dat zo blijven? Of komt er later meer informatie naar buiten over de werkelijke reden van hun scheiding? Voor Margarita en Tjalling breekt een nieuwe fase aan, en de vraag is of zij deze in alle discretie kunnen doorlopen, of dat er alsnog meer aan het licht komt dan nu bekend is.

Actueel

Slecht nieuws voor Rob Jetten en zijn coalitiegenoten

Published

on

Het kabinet van premier Rob Jetten krijgt een flinke tik in een nieuwe peiling van Ipsos I&O. Nog slechts 18 procent van de ondervraagden zegt tevreden te zijn over het beleid van het minderheidskabinet van D66, CDA en VVD. Zeven op de tien zijn juist ontevreden. Daarmee bereikt de tevredenheid volgens het onderzoek het laagste niveau sinds het aantreden van het kabinet. Ook onder de eigen achterban van de coalitiepartijen neemt de kritiek toe.

Rob Jetten trad op 23 februari aan als premier en staat daarmee nog geen zeven maanden aan het roer.

Toch lijkt de aanvankelijke hoop bij een aanzienlijk deel van de kiezers inmiddels te zijn verdwenen.

De nieuwste cijfers van Ipsos I&O laten een duidelijke verslechtering zien ten opzichte van de vorige meting.

Nog maar 18 procent tevreden

Volgens de peiling is momenteel slechts 18 procent van de ondervraagden tevreden over het kabinet-Jetten.

Daar staat tegenover dat ongeveer zeven op de tien kiezers aangeven ontevreden te zijn.

Beide cijfers zijn volgens Ipsos I&O opvallend.

De tevredenheid is sinds het aantreden van het kabinet niet eerder zo laag geweest, terwijl het aandeel ontevreden kiezers juist een nieuw hoogtepunt bereikt.

Ook de ontwikkeling ten opzichte van enkele maanden geleden is fors.

Flinke daling sinds juli

Bij de vorige peiling, die in juli werd gehouden, gaf nog 26 procent van de ondervraagden aan tevreden te zijn met het kabinet.

Dat percentage is inmiddels teruggelopen naar 18 procent.

Dat betekent een daling van 8 procentpunt in relatief korte tijd.

Opinieonderzoeker Peter Kanne van Ipsos I&O sprak bij Café Kockelmann over het geringe vertrouwen onder kiezers.

Volgens hem leefde na de vorming van het kabinet bij een deel van Nederland aanvankelijk de gedachte dat er na een politiek ingewikkelde periode eindelijk weer beleid gemaakt zou worden.

De nieuwste cijfers wijzen erop dat die verwachting bij veel kiezers vooralsnog niet is uitgekomen.

 

 

Ook eigen kiezers worden kritischer

Voor D66, CDA en VVD is vooral een ander onderdeel van de peiling ongemakkelijk.

De ontevredenheid beperkt zich namelijk niet tot oppositiekiezers.

Ook mensen die bij de verkiezingen op een van de drie coalitiepartijen stemden, blijken lang niet allemaal tevreden over de huidige koers.

Binnen de D66-achterban is volgens het onderzoek nog iets meer dan de helft tevreden.

Bij het CDA ligt dat percentage op 43 procent.

De VVD scoort onder haar eigen kiezers nog lager: daar is volgens de peiling slechts 32 procent tevreden.

Dat betekent dat geen van de drie coalitiepartijen op overweldigende steun voor het kabinetsbeleid vanuit de eigen achterban kan rekenen.

Begrotingsonderhandelingen spelen belangrijke rol

Volgens de onderzoekers hangt de verslechterde beoordeling onder meer samen met de politieke strijd rond de begroting.

D66, CDA en VVD hebben binnen de coalitie overeenstemming bereikt over hun plannen, maar daarmee is de begroting politiek nog niet automatisch verzekerd.

Het kabinet heeft namelijk een minderheidspositie.

De coalitie beschikt niet zelfstandig over voldoende zetels om haar plannen zonder hulp van andere partijen door zowel de Tweede als Eerste Kamer te krijgen.

Daardoor moet het kabinet op zoek naar steun bij de oppositie.

Dat maakt iedere belangrijke politieke afspraak ingewikkelder.

Oppositie krijgt belangrijke positie

Voor het kabinet betekent de minderheidspositie dat er voortdurend onderhandeld moet worden met partijen buiten de coalitie.

Die oppositiepartijen kunnen in ruil voor hun steun aanpassingen of concessies verlangen.

Of het kabinet voldoende steun voor alle begrotingsplannen weet te verzamelen, zal daarom afhangen van de onderhandelingen die worden gevoerd.

Juist die onzekerheid lijkt bij kiezers niet goed te vallen.

Volgens Ipsos I&O hebben veel Nederlanders weinig vertrouwen in het vermogen van het kabinet om grote problemen daadwerkelijk op te lossen.

Slechts 9 procent heeft veel vertrouwen in oplossingen

Een van de opvallendste cijfers uit het onderzoek heeft betrekking op de slagkracht van het kabinet.

Volgens Ipsos I&O heeft slechts 9 procent van de ondervraagden vertrouwen dat het kabinet problemen kan oplossen.

Ook kijken kiezers kritisch naar de rol van de afzonderlijke coalitiepartijen.

Daarbij krijgt met name de VVD volgens de onderzoekers relatief veel verantwoordelijkheid toegeschreven voor de huidige politieke situatie.

Voor de partij is dat extra pijnlijk omdat ook onder de eigen achterban de tevredenheid met het kabinet laag ligt.

PRO volgens peiling grootste partij

De verslechterde beoordeling van het kabinet is ook terug te zien in de virtuele zetelverdeling van Ipsos I&O.

Als er op dit moment Tweede Kamerverkiezingen zouden worden gehouden, zou PRO onder leiding van Jesse Klaver volgens deze peiling de grootste partij worden met 26 zetels.

D66 zou uitkomen op 20 zetels.

De PVV volgt volgens de meting met 17 zetels.

Aan de rechterkant van het politieke spectrum vallen daarnaast de stijgende cijfers van JA21 en Forum voor Democratie op.

Het gaat hierbij nadrukkelijk om een momentopname. Een zetelpeiling voorspelt niet met zekerheid hoe Nederlanders bij daadwerkelijke verkiezingen zouden stemmen.

Peiling onder ongeveer 2.100 mensen

Aan het onderzoek van Ipsos I&O deden ongeveer 2.100 mensen mee.

Dat is vanzelfsprekend maar een klein deel van alle kiesgerechtigde Nederlanders, maar dat maakt een opinieonderzoek op zichzelf niet onbetrouwbaar.

Bij representatief steekproefonderzoek is vooral van belang hoe deelnemers zijn geselecteerd, hoe representatief de steekproef is voor de bevolking en welke statistische onzekerheidsmarges gelden. Een goed samengestelde steekproef van enkele duizenden respondenten kan daarom wel degelijk inzicht geven in verschuivingen onder de Nederlandse bevolking.

Tegelijkertijd moeten percentages en virtuele zetelaantallen niet als exacte verkiezingsuitslagen worden gelezen. Kleine verschillen kunnen binnen de onzekerheidsmarge vallen en politieke voorkeuren kunnen snel veranderen.

Stevige waarschuwing voor Jetten en coalitie

Voor premier Rob Jetten en zijn coalitiepartners zijn de nieuwste cijfers hoe dan ook geen prettig signaal.

Nog geen zeven maanden na zijn aantreden is volgens Ipsos I&O nog maar 18 procent tevreden over het kabinetsbeleid, tegenover 26 procent in juli.

Daar komt bij dat ook binnen de achterban van D66, CDA en vooral VVD aanzienlijke onvrede bestaat.

De komende periode wordt daarmee belangrijk voor het kabinet-Jetten. De coalitie moet niet alleen voldoende oppositiesteun vinden om haar plannen door het parlement te krijgen, maar staat volgens deze peiling ook voor een minstens zo lastige opdracht: het vertrouwen van een groot deel van de kiezers terugwinnen.

Continue Reading