Connect with us

Actueel

Foto’s: Jen woont al meer dan tweeënhalf jaar op een boot, maar dit is geen gewone boot😍

Published

on

Jen bouwt haar eigen droomboot en woont er al meer dan tweeënhalf jaar op

Een huis op het water is voor velen een droom, maar voor Jen is het werkelijkheid. Al meer dan tweeënhalf jaar leeft ze op haar zelfgebouwde boot, die niet alleen een thuis is, maar ook symbool staat voor vrijheid en avontuur. Met haar unieke levensstijl laat Jen zien dat wonen op het water niet alleen mogelijk, maar ook duurzaam en lonend kan zijn.

Jen woont al meer dan tweeënhalf jaar op een boot, maar dit is geen gewone boot: Bekijk de foto's

Een drijvend huis, volledig met de hand gebouwd

Jen, een jonge vrouw uit Engeland, besloot haar traditionele woonruimte te verruilen voor een drijvende woning. Ze bouwde haar boot eigenhandig en gaf hem de naam Ad Shakti. Voor haar is deze boot veel meer dan een woonplek; het is een manier om te ontsnappen aan de drukte van de stad en een bestaan te leiden dat nauw verbonden is met de natuur.

Elke twee weken verandert Jen van locatie, afhankelijk van de beperkingen van haar zeilvergunning. Dit nomadische leven stelt haar in staat om steeds nieuwe plekken te ontdekken en volledig op te gaan in de rust en schoonheid van het waterleven.

Jen woont al meer dan tweeënhalf jaar op een boot, maar dit is geen gewone boot: Bekijk de foto's

De voordelen en uitdagingen van een leven op het water

Voor Jen biedt het wonen op een boot een ongekende vrijheid. Ze hoeft geen hoge huur of hypotheek te betalen en heeft de mogelijkheid om zelf te bepalen waar ze woont. De connectie met de natuur is een ander groot pluspunt. Ze wordt elke ochtend wakker met een prachtig uitzicht over het water en kan op elk gewenst moment haar anker lichten en verder trekken.

Toch brengt het leven op het water ook uitdagingen met zich mee. In de winter, wanneer de kanalen bevriezen, kan het lastig zijn om zich te verplaatsen. Daarnaast is er een constante noodzaak om voorraden aan te vullen en onderhoud te plegen aan de boot. Maar volgens Jen wegen deze kleine ongemakken niet op tegen de voordelen.

Compact, maar compleet ingericht

Hoewel haar boot slechts 20 meter lang is, biedt deze voldoende ruimte voor een comfortabel dagelijks leven. Jen heeft de binnenkant slim ingericht om optimaal gebruik te maken van de beschikbare ruimte. Ze heeft zelfs een kleine drijvende tuin aangelegd waarin ze kruiden kweekt.

Binnen beschikt haar boot over:

  • Een moderne keuken met slimme opbergoplossingen
  • Een gezellige woonkamer waar ze kan ontspannen
  • Een slaapkamer met een comfortabel bed
  • Een badkamer met douche en toilet

Dankzij deze indeling ontbreekt het haar aan niets en voelt haar boot net zo comfortabel aan als een traditioneel huis.

Duurzaam en energiezuinig wonen

Een van de grootste voordelen van haar drijvende woning is de duurzaamheid. In de zomer voorziet haar boot zichzelf volledig van stroom via vier zonnepanelen die aan boord zijn geïnstalleerd. Dit betekent dat ze geen externe elektriciteit nodig heeft en volledig zelfvoorzienend kan leven.

In de winter, wanneer de zon minder schijnt, gebruikt Jen een kleine hoeveelheid diesel om haar stroomvoorziening aan te vullen. Dit maakt haar manier van wonen niet alleen milieuvriendelijk, maar ook kostenbesparend. De combinatie van zonnepanelen en zuinig energiegebruik zorgt ervoor dat ze met minimale middelen comfortabel kan leven.

Jen woont al meer dan tweeënhalf jaar op een boot, maar dit is geen gewone boot: Bekijk de foto's

Een inspiratiebron voor velen

Het verhaal van Jen inspireert duizenden mensen online. Haar reis laat zien dat het mogelijk is om simpel en duurzaam te leven, zonder concessies te doen aan comfort en kwaliteit van leven. Door slim gebruik te maken van energie, ruimte en middelen, heeft ze een levensstijl gecreëerd die zowel avontuurlijk als milieuvriendelijk is.

Voor veel mensen die dromen van een alternatieve manier van wonen, biedt Jen’s verhaal een waardevol inzicht in hoe het leven op een boot echt is. Ze bewijst dat een eigen huis op het water niet alleen een droom hoeft te blijven, maar daadwerkelijk gerealiseerd kan worden met de juiste inzet en creativiteit.

Jen woont al meer dan tweeënhalf jaar op een boot, maar dit is geen gewone boot: Bekijk de foto's

Een blik op de toekomst

Jen is niet van plan om haar bootleven snel op te geven. Ze blijft haar woonruimte verbeteren en zoekt steeds naar nieuwe manieren om haar leven op het water nog duurzamer te maken. Ze overweegt zelfs om een tweede, grotere boot te bouwen die nog meer zelfvoorzienend is en ruimte biedt voor gasten.

Ondertussen blijft ze haar ervaringen delen via sociale media, waar ze steeds meer volgers krijgt die geïnteresseerd zijn in haar manier van leven. Voor veel mensen is ze een inspiratiebron en een voorbeeld van hoe het leven ook anders ingericht kan worden.

Conclusie

Jen’s verhaal is een krachtig bewijs dat het mogelijk is om op een alternatieve, duurzame en avontuurlijke manier te wonen. Haar boot biedt haar niet alleen vrijheid en flexibiliteit, maar stelt haar ook in staat om op een milieuvriendelijke manier te leven. Voor velen is dit een droomleven, en Jen bewijst dat die droom werkelijkheid kan worden.

Wil je meer zien van Jen’s boot en haar manier van leven? Bekijk dan de foto’s en video’s waarin ze haar unieke thuis laat zien! 🚤🌿✨

Actueel

Belastingdienst niet blij met tanken over de grens en komt met de volgende maatregelen

Published

on

Steeds meer Nederlandse automobilisten kiezen ervoor om hun tank niet in eigen land, maar in België of Duitsland vol te gooien. Vooral voor mensen die dicht bij de grens wonen, kan het prijsverschil behoorlijk aantrekkelijk zijn. Een tankbeurt wordt bovendien vaak gecombineerd met boodschappen, waardoor de totale besparing verder kan oplopen. Voor Nederland heeft dat gedrag echter een keerzijde: accijnzen en btw verdwijnen naar de buurlanden.

Waarom tanken over de grens goedkoper is

De prijs die automobilisten voor een liter benzine of diesel betalen, bestaat uit verschillende onderdelen. Naast de olieprijs spelen onder meer raffinage, vervoer, opslag en de marge van het tankstation een rol.

Een belangrijk verschil tussen Nederland en de buurlanden zit echter in de belastingen. Nederland heft relatief veel accijns op brandstof en daar komt vervolgens btw bovenop. Daardoor kan benzine of diesel in België en Duitsland aanzienlijk goedkoper zijn.

Een verschil van twintig cent per liter lijkt misschien beperkt, maar bij vijftig liter betekent dat al een besparing van tien euro. Wie een grotere auto heeft of meerdere keren per maand tankt, kan op jaarbasis een aanzienlijk bedrag besparen.

Voor mensen die slechts enkele kilometers van België of Duitsland wonen, is de rekensom daarom snel gemaakt.

Niet voor iedereen voordelig

Wie tientallen kilometers moet rijden om bij een buitenlandse pomp te komen, moet wel goed rekenen. De extra kilometers kosten immers ook brandstof en tijd.

Daarnaast kunnen files ervoor zorgen dat een goedkope tankbeurt uiteindelijk nauwelijks voordeel oplevert. Veel automobilisten combineren het tanken daarom met boodschappen of andere aankopen.

Op die manier wordt één rit gebruikt voor meerdere besparingen en wordt het aantrekkelijker om regelmatig de grens over te steken.

Nederlandse schatkist loopt inkomsten mis

Voor de Nederlandse overheid is tanktoerisme minder gunstig. Wie in Duitsland tankt, betaalt daar de accijnzen en btw. Nederland ontvangt van die tankbeurt niets.

Bij één automobilist stelt dat relatief weinig voor, maar wanneer grote aantallen Nederlanders hetzelfde doen, lopen de bedragen snel op.

Schattingen over de totale omvang verschillen. Volgens het aangeleverde artikel zou het mogelijk om honderden miljoenen euro’s per jaar gaan, waarbij sommige berekeningen zelfs richting één miljard euro gaan.

Dat levert een ingewikkeld dilemma op. Hoge brandstofaccijnzen zorgen enerzijds voor inkomsten en zijn bedoeld om vervuilend gedrag minder aantrekkelijk te maken. Anderzijds kunnen grote prijsverschillen automobilisten juist richting buitenlandse tankstations sturen.

De auto rijdt vervolgens nog steeds dezelfde kilometers, maar de belastinginkomsten gaan naar België of Duitsland. Wanneer iemand speciaal voor een tankbeurt extra kilometers rijdt, levert dat bovendien extra uitstoot op.

Nederlandse tankstations merken gevolgen

Ook pomphouders in Nederlandse grensgebieden voelen de gevolgen. Zij zien potentiële klanten letterlijk voorbijrijden richting een goedkoper tankstation over de grens.

Daarbij verliezen tankstations meer dan alleen inkomsten uit brandstof. Veel pompen verdienen een belangrijk deel van hun geld met hun winkel, waar klanten koffie, broodjes, frisdrank en andere producten kopen.

Wanneer automobilisten in Duitsland of België tanken, bestaat een grote kans dat ze dergelijke aankopen eveneens daar doen.

Vooral kleinere zelfstandige tankstations kunnen daar last van krijgen. Personeel, verzekeringen, onderhoud en energiekosten moeten immers gewoon betaald worden, terwijl de omzet terugloopt.

Sommige ondernemers proberen klanten daarom met kortingsacties, spaarsystemen, horeca of laadpalen terug te winnen. Toch is het lastig concurreren wanneer het prijsverschil aan de pomp groot blijft.

Ook Nederlandse winkels verliezen omzet

De gevolgen beperken zich niet tot tankstations. Omdat Nederlanders hun tankbeurt regelmatig combineren met boodschappen, profiteren ook buitenlandse supermarkten en winkels.

Geld dat anders mogelijk in Nederlandse grensplaatsen zou worden uitgegeven, belandt zo in België of Duitsland.

Dat maakt tanktoerisme een veel breder economisch vraagstuk dan alleen het verschil van enkele centen aan de pomp.

Wereldwijde ontwikkelingen spelen mee

Ook internationale gebeurtenissen hebben invloed op de brandstofprijzen. Oorlogen, politieke spanningen, productieproblemen en onzekerheid rond belangrijke handelsroutes kunnen olie duurder maken.

Wanneer de olieprijs stijgt, worden benzine en diesel doorgaans in meerdere landen duurder. De verschillen in belasting blijven echter bestaan, waardoor automobilisten nog steeds voordeel kunnen hebben bij een buitenlandse pomp.

Voor transportbedrijven zijn zelfs kleine verschillen belangrijk. Bedrijven die enorme hoeveelheden diesel verbruiken, kunnen door een paar cent verschil per liter al duizenden euro’s besparen. Tankstops worden daarom soms bewust buiten Nederland gepland.

Accijnzen verlagen dan maar?

Een voor de hand liggende oplossing lijkt het verlagen van de Nederlandse brandstofaccijnzen. Het prijsverschil met België en Duitsland zou daardoor kleiner worden en mogelijk zouden meer automobilisten weer in Nederland tanken.

Maar ook daar zit een keerzijde aan. Een lagere accijns betekent dat de overheid minder belasting ontvangt over iedere verkochte liter. Het is onzeker of de extra tankbeurten in Nederland voldoende zouden zijn om dat verlies te compenseren.

Daarnaast worden brandstofbelastingen gebruikt om automobilisten te stimuleren minder fossiele brandstoffen te gebruiken en bijvoorbeeld voor elektrisch rijden of het openbaar vervoer te kiezen.

Zelf goed rekenen

Voor automobilisten blijft het uiteindelijk vooral een rekensom. Kijk niet uitsluitend naar het bedrag dat op het prijsbord van het buitenlandse tankstation staat.

Neem ook de afstand, het eigen brandstofverbruik en de extra reistijd mee. Wie twintig euro bespaart maar daarvoor tientallen kilometers moet omrijden, houdt uiteindelijk een stuk minder voordeel over.

Voor inwoners van Nederlandse grensgebieden ligt dat anders. Wanneer een Belgische of Duitse pomp slechts enkele kilometers verderop ligt, kan regelmatig tanken over de grens op jaarbasis behoorlijk wat geld schelen.

En zolang het prijsverschil groot genoeg blijft, lijkt tanktoerisme voorlopig niet te verdwijnen. Daarmee blijft Nederland met een ingewikkeld dilemma zitten: automobilisten willen betaalbaar tanken, ondernemers willen hun klanten behouden en de overheid wil zowel belastinginkomsten veiligstellen als klimaatdoelstellingen halen.

Continue Reading