Actueel
Drama voor PSV: 😢⚽ Luuk de Jong stopt per direct als profvoetballer
PSV heeft eindelijk een broodnodige versterking binnengehaald voor de spitspositie. Door de langdurige blessure van Ricardo Pepi was Luuk de Jong de enige overgebleven optie in de punt van de aanval. Maar die situatie verandert nu, want de clubloze Spaanse aanvaller Lucas Pérez sluit zich tot het einde van het seizoen aan bij de Eindhovense ploeg. Trainer Peter Bosz krijgt daarmee extra opties in de voorhoede, wat essentieel is nu PSV nog op drie fronten strijdt en de fysieke belasting toeneemt.

Spitsendilemma: Pérez moet De Jong ontlasten
De blessure van Ricardo Pepi bracht PSV in een penibele situatie. Luuk de Jong, de aanvoerder en ervaren targetman, moest vrijwel elke wedstrijd spelen en kon nauwelijks rust krijgen. Gezien de drukke speelkalender – met de Eredivisie, Champions League en KNVB Beker – was dat op lange termijn niet houdbaar. De 35-jarige spits blijft belangrijk, maar kan simpelweg niet elke wedstrijd op topniveau presteren.
Met het aantrekken van Lucas Pérez komt daar nu verandering in. De 35-jarige Spanjaard brengt ervaring met zich mee en kan in cruciale fases van wedstrijden de rol van De Jong overnemen. Dit geeft Bosz meer flexibiliteit in zijn opstellingen en voorkomt overbelasting bij zijn aanvoerder.

Volgens het Eindhovens Dagblad leek Pérez aanvankelijk weinig interesse te hebben in een overstap naar Nederland, met name om persoonlijke redenen. Uiteindelijk heeft hij toch besloten zijn loopbaan tijdelijk bij PSV voort te zetten. Financieel gezien is het geen goedkope oplossing, maar gezien de huidige noodzaak is deze zet goed te verantwoorden.
Wat betekent dit voor Luuk de Jong?
Naast de directe impact op het elftal, brengt de komst van Pérez ook vragen met zich mee over de toekomst van Luuk de Jong. De spits heeft een aflopend contract en PSV is in gesprek over een mogelijke verlenging. Hoewel De Jong heeft aangegeven dat hij voorlopig nog niet denkt aan stoppen, betekent dat niet automatisch dat hij bij PSV blijft.

Rik Elfrink, clubwatcher van het Eindhovens Dagblad, suggereerde eerder dat de kans bestaat dat De Jong ervoor kiest zijn loopbaan elders af te sluiten. Gezien zijn status binnen PSV zou een contractverlenging logisch zijn, maar de spits zou ook kunnen kiezen voor een competitie met minder fysieke belasting, zoals de MLS in de Verenigde Staten of zelfs een lucratieve overstap naar Saudi-Arabië.
PSV zal er alles aan doen om zijn aanvoerder te behouden, maar de uiteindelijke beslissing ligt bij De Jong zelf. Een vertrek van de clubicoon zou niet alleen een sportieve impact hebben, maar ook emotioneel zwaar wegen voor de club en zijn fans.
Een drukke transferzomer in aantocht
Niet alleen De Jong, maar ook meerdere andere belangrijke spelers hebben een aflopend contract bij PSV. Spelers als Walter Benítez, Olivier Boscagli, Mauro Júnior, Richard Ledezma en Ivan Perisic zullen na dit seizoen beslissingen moeten nemen over hun toekomst.

Bij Boscagli lijkt een vertrek vrijwel zeker. De verdediger staat in de belangstelling van verschillende clubs in Europa en PSV lijkt zich al te oriënteren op een mogelijke vervanger. Met de andere spelers wordt nog onderhandeld.
Daarnaast hangt er een grote vraag boven de toekomst van Johan Bakayoko. De Belgische vleugelaanvaller heeft zich in de kijker gespeeld bij diverse Europese topclubs en lijkt klaar voor een volgende stap. Zijn vertrek zou een enorme aderlating zijn voor PSV, maar gezien de financiële belangen zou een transfer niet verrassend zijn.

Ook de namen van Noa Lang, Joël Drommel en Ismael Saibari circuleren in de transfergeruchten. Lang, die eerder dit seizoen kampte met blessures, blijft een interessante speler voor buitenlandse clubs. Voor PSV is het essentieel om een goede balans te vinden tussen inkomende en uitgaande transfers, zodat het team volgend seizoen competitief blijft.
Earnest Stewart, directeur voetbalzaken bij PSV, zal een drukke zomer tegemoet gaan. De club moet niet alleen belangrijke spelers behouden, maar mogelijk ook op zoek naar vervangers als sterkhouders vertrekken.
PSV klaar voor cruciale maanden
Met de komst van Lucas Pérez is een belangrijk probleem tijdelijk opgelost. Bosz kan zijn aanvoerder De Jong nu af en toe rust geven en heeft een extra optie voorin. Maar de situatie blijft complex.

De komende maanden worden cruciaal voor PSV. De ploeg moet blijven presteren in de Eredivisie en hoopt een succes te boeken in Europa. Daarnaast wil de club ook in de KNVB Beker een gooi doen naar de prijs. De fysieke belasting op spelers is hoog, en blessures kunnen het seizoen nog flink beïnvloeden.
Tegelijkertijd moet PSV achter de schermen werken aan de toekomst. Wie blijft en wie vertrekt? En hoe zorgt de club ervoor dat de selectie volgend seizoen minstens net zo sterk blijft?
Eén ding is zeker: de directie van PSV heeft veel werk te doen. Maar voor nu kan Bosz in ieder geval opgelucht ademhalen – hij heeft weer een tweede spits tot zijn beschikking.

Conclusie
De komst van Lucas Pérez bij PSV lost een acuut probleem op, maar roept ook nieuwe vragen op over de lange termijnplannen van de club. Met het seizoen op een cruciaal punt, zal het interessant zijn om te zien hoe Peter Bosz zijn nieuwe aanwinst inzet en welke beslissingen PSV neemt richting de zomer.
Voor nu betekent dit dat Luuk de Jong eindelijk wat rust kan krijgen en dat PSV iets minder kwetsbaar is in de aanvalslinie. Maar de grote vraag blijft: wat gebeurt er na dit seizoen?
Actueel
Enorme klap voor iedereen met een huurwoning

Woningtekort blijft groeien: verkoopgolf van huurwoningen dreigt de crisis verder te verdiepen
Het woningtekort in Nederland blijft hardnekkig oplopen en is inmiddels uitgekomen op circa 410.000 woningen. Daarmee staat de druk op de woningmarkt op een historisch hoog niveau. Alsof dat nog niet genoeg is, wijst nieuw onderzoek erop dat er nog meer problemen op komst zijn. Zowel beleggers als woningcorporaties zijn namelijk van plan om de komende jaren nog meer huurwoningen te verkopen. De gevolgen daarvan kunnen ingrijpend zijn voor huurders, starters en gezinnen.

Het vooruitzicht: een verder krimpend huuraanbod, stijgende huren in de vrije sector en een generatie jongeren die noodgedwongen langer bij hun ouders blijft wonen.
Alarmerend rapport over de toekomst van huurwoningen
Uit een gezamenlijk rapport van Capital Value en ABF Research, opgesteld in opdracht van de overheid, blijkt dat de bereidheid om huurwoningen te verkopen groot is. Meer dan de helft van de ondervraagde partijen geeft aan dat zij hun huurbezit verder willen afbouwen.
Concreet zegt 56 procent van de woningcorporaties te verwachten dat zij in de komende jaren meer woningen zullen “uitponden”. Uitponden betekent dat huurwoningen bij mutatie — dus wanneer een huurder vertrekt — niet opnieuw worden verhuurd, maar te koop worden gezet.
Ook particuliere en institutionele beleggers volgen deze strategie steeds vaker.

Waarom corporaties en beleggers verkopen
Voor woningcorporaties is de verkoop van huurwoningen geen doel op zich, maar een middel. De opbrengsten worden ingezet voor nieuwbouwprojecten en voor het verduurzamen van bestaande woningen. In theorie zou dat op lange termijn moeten bijdragen aan meer en betere woningen.
In de praktijk wringt het echter. De verkoop gebeurt sneller dan de nieuwbouw kan worden gerealiseerd, waardoor het netto-aanbod aan huurwoningen verder afneemt.
Beleggers hebben weer andere motieven. Volgens Arjan Peerboom, directeur van Capital Value, speelt vooral de veranderde financiële context een rol. “Beleggers kiezen steeds vaker voor individuele verkoop vanwege hogere fiscale lasten en lagere rendementen bij het aanhouden van huurwoningen,” aldus Peerboom.

Een harde klap voor huurders en starters
De gevolgen van deze verkoopgolf zijn aanzienlijk. Minder huurwoningen betekent meer concurrentie op een markt die al extreem krap is. Vooral in de vrije huursector, waar de huren minder gereguleerd zijn, zal dat leiden tot forse prijsstijgingen.
Voor jongeren en starters wordt het daardoor steeds moeilijker om een zelfstandige woning te vinden. Veel twintigers en dertigers blijven noodgedwongen langer thuis wonen of delen een woning, simpelweg omdat er geen betaalbare alternatieven zijn.
Ook gezinnen die willen doorstromen, lopen vast. Wie een betaalbare huurwoning verlaat, heeft geen garantie dat er iets passends voor terugkomt.

Cijfers laten trend duidelijk zien
De trend is al zichtbaar in de cijfers. In 2024 werden 26.180 huurwoningen verkocht. Dat aantal ligt fors hoger dan in eerdere jaren en vormt een duidelijke aanwijzing dat het uitponden structureel is geworden.
Als deze ontwikkeling doorzet — en daar wijzen de huidige plannen op — zal het tekort aan huurwoningen verder oplopen. Dat werkt als een vicieuze cirkel: minder aanbod leidt tot hogere prijzen, waardoor nog meer mensen buiten de boot vallen.
Nieuwbouw kan tempo niet bijhouden
Tegenover de verkoop van huurwoningen staat de bouw van nieuwe woningen. In 2025 werden 69.200 nieuwbouwwoningen opgeleverd. Voor dit jaar wordt een stijging verwacht naar ongeveer 88.000 woningen. Dat lijkt positief, maar het is onvoldoende om het bestaande tekort snel terug te dringen.
Bovendien is er een zorgwekkende ontwikkeling zichtbaar aan de voorkant van de bouwketen. Het aantal bouwvergunningen bevindt zich momenteel in een “stevige dip”, zo meldt De Telegraaf. Minder vergunningen vandaag betekent minder opleveringen over enkele jaren.
Buitenlandse investeerders haken af
Een belangrijke factor in de teruglopende bouwactiviteit is het afhaken van buitenlandse beleggers. Hun aandeel in de financiering van Nederlandse woningbouwprojecten is gedaald naar slechts 7 procent, het laagste niveau ooit gemeten.
Internationale investeerders noemen meerdere obstakels:
-
De hoge overdrachtsbelasting in Nederland
-
Strenge huurwetgeving, vooral in de gereguleerde sector
-
Veranderde fiscale regels, waardoor rendementen onder druk staan
Als gevolg daarvan bouwen buitenlandse partijen hun vastgoedportefeuilles in Nederland af.
Afnemend buitenlands bezit
De cijfers onderstrepen die trend. Begin vorig jaar bezaten buitenlandse beleggers nog ongeveer 80.000 huurwoningen in Nederland. Inmiddels is dat aantal gedaald naar 72.500. Die woningen verdwijnen niet van de markt, maar worden verkocht — vaak aan particulieren die ze zelf gaan bewonen.
Hoewel dat voor individuele kopers gunstig kan zijn, betekent het op macroniveau opnieuw een krimp van het huuraanbod.
Politieke en maatschappelijke onrust
De ontwikkelingen zorgen voor groeiende maatschappelijke en politieke onrust. Op sociale media en in het publieke debat klinkt steeds vaker de vraag hoe het mogelijk is dat het woningtekort blijft oplopen, terwijl de behoefte aan betaalbare woonruimte zo groot is.
Sommige opiniemakers wijzen erop dat vooral Nederlandse starters en jonge gezinnen de gevolgen voelen. Zij stellen hun toekomstplannen uit, wonen langer bij hun ouders en ervaren steeds meer onzekerheid over wonen en samenleven.
Structureel probleem vraagt structurele oplossingen
Experts zijn het erover eens dat het woningtekort niet met één maatregel kan worden opgelost. Het gaat om een structureel probleem, waarin bouwtempo, regelgeving, financiering en demografie samenkomen.
Zonder versnelling van de bouw, stabiel beleid voor investeerders en bescherming van het huuraanbod dreigt de situatie verder te verslechteren. De verkoop van huurwoningen kan op korte termijn geld opleveren, maar vergroot het probleem zolang de nieuwbouw achterblijft.
Wat betekent dit voor de komende jaren?
Als de huidige trends zich doorzetten, moeten huurders zich voorbereiden op:
-
Minder keuze op de huurmarkt
-
Langere wachttijden voor betaalbare woningen
-
Stijgende huren, vooral in de vrije sector
-
Meer jongeren die langer thuis blijven wonen
Zonder ingrijpen kan het woningtekort de komende jaren nog verder oplopen, ondanks alle ambities en plannen.
Conclusie: druk op woningmarkt neemt verder toe
Het oplopende woningtekort, gecombineerd met de geplande verkoop van huurwoningen door corporaties en beleggers, vormt een zorgwekkende cocktail. Hoewel nieuwbouwprojecten in de planning staan, blijft het tempo onvoldoende om de uitstroom uit de huursector te compenseren.
Voor huurders, starters en gezinnen betekent dit aanhoudende onzekerheid. De cijfers laten zien dat het probleem niet vanzelf verdwijnt. Zonder duidelijke koers en langdurige oplossingen blijft de Nederlandse woningmarkt gevangen in een crisis die steeds meer mensen direct raakt.