Actueel
Viroloog Koopmans: ”Volgende maand een nieuwe pandemie”
Er dreigt slecht nieuws aan de horizon, want viroloog Marion Koopmans waarschuwt dat een nieuwe pandemie dichterbij is dan we denken. Volgens Koopmans, de opvolger van Jaap van Dissel, kan het scenario zich al binnen enkele maanden voltrekken. Ze is onverbiddelijk in haar boodschap: “We moeten voorbereid zijn.”

Een dreiging uit onverwachte hoek: vogelgriep bij koeien
Iedereen herinnert zich nog de ingrijpende coronapandemie die de wereld volledig op zijn kop zette. De gevolgen van die crisis zijn nog steeds voelbaar, zowel op persoonlijk als economisch vlak. Veel mensen worstelen met de gevolgen van long covid, en talloze bedrijven hebben moeite om de coronasteun terug te betalen.
Nu lijkt een nieuwe bedreiging aan de horizon te staan: de vogelgriep. Waar het virus normaal gesproken alleen vogels besmet, is er in de Verenigde Staten sprake van een uitbraak bij koeien. “Dit is echt ongekend,” benadrukt Koopmans.
De situatie is zorgwekkend, omdat er slechts één mutatie nodig is voordat het virus ook mensen kan besmetten. Als dat gebeurt, staan we volgens Koopmans voor een grote uitdaging. “Dan zijn we echt de pineut,” stelt ze onomwonden.
Een gebrek aan paraatheid
Koopmans heeft kritiek op hoe Nederland en de wereld omgaan met de voorbereiding op pandemieën. “Tijdens de coronacrisis zagen we hoe kwetsbaar onze systemen zijn,” legt ze uit. Veel essentiële ingrediënten voor PCR-testen kwamen destijds uit Wuhan, terwijl de bekende wattenstaafjes grotendeels uit Noord-Italië werden geïmporteerd. Toen beide gebieden werden afgesloten, stortte de aanvoerketen in elkaar.

“Het is duidelijk dat er lessen te leren zijn, maar ik maak me zorgen dat we die lessen niet snel genoeg in de praktijk brengen,” voegt Koopmans toe. Ze heeft ook kritiek op plannen van minister Fleur Agema om 300 miljoen euro te bezuinigen op pandemische paraatheid. “Dat is ontzettend onverstandig. We kunnen het ons niet veroorloven om nu onze aandacht te laten verslappen.”
De rol van vaccinaties
Een ander zorgwekkend punt is de dalende bereidheid onder Nederlanders om zich te laten vaccineren. Volgens Koopmans speelt de aanhoudende discussie rondom de coronacrisis hierin een belangrijke rol. “Ik begrijp dat mensen twijfelen en het vertrouwen in vaccins verliezen, maar dat is een gevaarlijke ontwikkeling.”
Vaccinaties blijven volgens Koopmans een cruciaal middel in de strijd tegen z!ektes. “Als steeds minder mensen zich laten vaccineren, verliezen we een van de belangrijkste pijlers in de bestrijding van epidemieën en pandemieën,” waarschuwt ze.

Wat kunnen we leren van de coronacrisis?
Koopmans benadrukt dat we lessen moeten trekken uit de coronacrisis om beter voorbereid te zijn op een volgende pandemie. Ze noemt enkele concrete verbeterpunten:
- Diversificatie van aanvoerketens: Het is essentieel om niet afhankelijk te zijn van een klein aantal leveranciers of regio’s voor cruciale materialen.
- Snelle opschaling van testen: Tijdens de coronacrisis werd duidelijk dat er vertragingen waren in de ontwikkeling en verspreiding van PCR-testen. Dit moet bij een volgende uitbraak beter.
- Communicatie en vertrouwen: “De communicatie rondom vaccinaties moet verbeteren,” stelt Koopmans. “Mensen moeten begrijpen waarom prikken belangrijk zijn, zelfs als de dreiging lijkt mee te vallen.”
De dreiging van vogelgriep: wat nu?
De vogelgriep bij koeien is niet alleen een bedreiging vanwege de mogelijke mutatie naar mensen, maar ook vanwege de snelheid waarmee het virus zich verspreidt. “We zien hoe snel het kan gaan. Een lokale uitbraak kan zich in een mum van tijd over continenten verspreiden,” waarschuwt Koopmans.
Ze pleit voor een wereldwijde samenwerking om de situatie onder controle te houden. “Dit is geen probleem dat één land alleen kan oplossen. Het vereist een gezamenlijke inspanning van virologen, overheden en internationale organisaties zoals de WHO.”

Wat kunnen we doen?
Hoewel de dreiging van een nieuwe pandemie beangstigend klinkt, benadrukt Koopmans dat er ook hoop is. “We hebben in de afgelopen jaren veel geleerd. Nu is het zaak om die kennis te gebruiken.”
- Vaccinatiecampagnes herstructureren: Overheden moeten duidelijk en consistent communiceren over het belang van vaccinaties.
- Investeren in pandemische paraatheid: Ondanks de geplande bezuinigingen van de overheid is het volgens Koopmans essentieel om te blijven investeren in onderzoek, infrastructuur en noodplannen.
- Bewustwording creëren: Mensen moeten begrijpen hoe belangrijk het is om waakzaam te blijven, zelfs als het gevaar nog abstract lijkt.
Hoe nu verder?
De waarschuwing van Koopmans komt op een moment dat veel mensen de coronacrisis nog proberen te verwerken. Toch benadrukt ze dat het belangrijk is om vooruit te kijken. “We kunnen ons geen herhaling van de fouten uit het verleden veroorloven.”
Ze roept de politiek, wetenschappers en het publiek op om samen te werken en de uitdagingen die voor ons liggen aan te pakken. “Het zal niet gemakkelijk zijn, maar met de juiste inspanningen kunnen we de volgende pandemie hopelijk beperken en beheersen.”
Praat mee
Bent u bereid om een vaccinatie te halen als dat nodig is? Hoe denkt u dat we ons het beste kunnen voorbereiden op een volgende pandemie? Laat uw mening achter in de reacties en deel uw ideeën.
Actueel
Slecht nieuws voor Rob Jetten en zijn coalitiegenoten

Het kabinet van premier Rob Jetten krijgt een flinke tik in een nieuwe peiling van Ipsos I&O. Nog slechts 18 procent van de ondervraagden zegt tevreden te zijn over het beleid van het minderheidskabinet van D66, CDA en VVD. Zeven op de tien zijn juist ontevreden. Daarmee bereikt de tevredenheid volgens het onderzoek het laagste niveau sinds het aantreden van het kabinet. Ook onder de eigen achterban van de coalitiepartijen neemt de kritiek toe.
Rob Jetten trad op 23 februari aan als premier en staat daarmee nog geen zeven maanden aan het roer.
Toch lijkt de aanvankelijke hoop bij een aanzienlijk deel van de kiezers inmiddels te zijn verdwenen.
De nieuwste cijfers van Ipsos I&O laten een duidelijke verslechtering zien ten opzichte van de vorige meting.
Nog maar 18 procent tevreden
Volgens de peiling is momenteel slechts 18 procent van de ondervraagden tevreden over het kabinet-Jetten.
Daar staat tegenover dat ongeveer zeven op de tien kiezers aangeven ontevreden te zijn.
Beide cijfers zijn volgens Ipsos I&O opvallend.
De tevredenheid is sinds het aantreden van het kabinet niet eerder zo laag geweest, terwijl het aandeel ontevreden kiezers juist een nieuw hoogtepunt bereikt.
Ook de ontwikkeling ten opzichte van enkele maanden geleden is fors.
Flinke daling sinds juli
Bij de vorige peiling, die in juli werd gehouden, gaf nog 26 procent van de ondervraagden aan tevreden te zijn met het kabinet.
Dat percentage is inmiddels teruggelopen naar 18 procent.
Dat betekent een daling van 8 procentpunt in relatief korte tijd.
Opinieonderzoeker Peter Kanne van Ipsos I&O sprak bij Café Kockelmann over het geringe vertrouwen onder kiezers.
Volgens hem leefde na de vorming van het kabinet bij een deel van Nederland aanvankelijk de gedachte dat er na een politiek ingewikkelde periode eindelijk weer beleid gemaakt zou worden.
De nieuwste cijfers wijzen erop dat die verwachting bij veel kiezers vooralsnog niet is uitgekomen.
Ook eigen kiezers worden kritischer
Voor D66, CDA en VVD is vooral een ander onderdeel van de peiling ongemakkelijk.
De ontevredenheid beperkt zich namelijk niet tot oppositiekiezers.
Ook mensen die bij de verkiezingen op een van de drie coalitiepartijen stemden, blijken lang niet allemaal tevreden over de huidige koers.
Binnen de D66-achterban is volgens het onderzoek nog iets meer dan de helft tevreden.
Bij het CDA ligt dat percentage op 43 procent.
De VVD scoort onder haar eigen kiezers nog lager: daar is volgens de peiling slechts 32 procent tevreden.
Dat betekent dat geen van de drie coalitiepartijen op overweldigende steun voor het kabinetsbeleid vanuit de eigen achterban kan rekenen.
Begrotingsonderhandelingen spelen belangrijke rol
Volgens de onderzoekers hangt de verslechterde beoordeling onder meer samen met de politieke strijd rond de begroting.
D66, CDA en VVD hebben binnen de coalitie overeenstemming bereikt over hun plannen, maar daarmee is de begroting politiek nog niet automatisch verzekerd.
Het kabinet heeft namelijk een minderheidspositie.
De coalitie beschikt niet zelfstandig over voldoende zetels om haar plannen zonder hulp van andere partijen door zowel de Tweede als Eerste Kamer te krijgen.
Daardoor moet het kabinet op zoek naar steun bij de oppositie.
Dat maakt iedere belangrijke politieke afspraak ingewikkelder.
Oppositie krijgt belangrijke positie
Voor het kabinet betekent de minderheidspositie dat er voortdurend onderhandeld moet worden met partijen buiten de coalitie.
Die oppositiepartijen kunnen in ruil voor hun steun aanpassingen of concessies verlangen.
Of het kabinet voldoende steun voor alle begrotingsplannen weet te verzamelen, zal daarom afhangen van de onderhandelingen die worden gevoerd.
Juist die onzekerheid lijkt bij kiezers niet goed te vallen.
Volgens Ipsos I&O hebben veel Nederlanders weinig vertrouwen in het vermogen van het kabinet om grote problemen daadwerkelijk op te lossen.
Slechts 9 procent heeft veel vertrouwen in oplossingen
Een van de opvallendste cijfers uit het onderzoek heeft betrekking op de slagkracht van het kabinet.
Volgens Ipsos I&O heeft slechts 9 procent van de ondervraagden vertrouwen dat het kabinet problemen kan oplossen.
Ook kijken kiezers kritisch naar de rol van de afzonderlijke coalitiepartijen.
Daarbij krijgt met name de VVD volgens de onderzoekers relatief veel verantwoordelijkheid toegeschreven voor de huidige politieke situatie.
Voor de partij is dat extra pijnlijk omdat ook onder de eigen achterban de tevredenheid met het kabinet laag ligt.
PRO volgens peiling grootste partij
De verslechterde beoordeling van het kabinet is ook terug te zien in de virtuele zetelverdeling van Ipsos I&O.
Als er op dit moment Tweede Kamerverkiezingen zouden worden gehouden, zou PRO onder leiding van Jesse Klaver volgens deze peiling de grootste partij worden met 26 zetels.
D66 zou uitkomen op 20 zetels.
De PVV volgt volgens de meting met 17 zetels.
Aan de rechterkant van het politieke spectrum vallen daarnaast de stijgende cijfers van JA21 en Forum voor Democratie op.
Het gaat hierbij nadrukkelijk om een momentopname. Een zetelpeiling voorspelt niet met zekerheid hoe Nederlanders bij daadwerkelijke verkiezingen zouden stemmen.
Peiling onder ongeveer 2.100 mensen
Aan het onderzoek van Ipsos I&O deden ongeveer 2.100 mensen mee.
Dat is vanzelfsprekend maar een klein deel van alle kiesgerechtigde Nederlanders, maar dat maakt een opinieonderzoek op zichzelf niet onbetrouwbaar.
Bij representatief steekproefonderzoek is vooral van belang hoe deelnemers zijn geselecteerd, hoe representatief de steekproef is voor de bevolking en welke statistische onzekerheidsmarges gelden. Een goed samengestelde steekproef van enkele duizenden respondenten kan daarom wel degelijk inzicht geven in verschuivingen onder de Nederlandse bevolking.
Tegelijkertijd moeten percentages en virtuele zetelaantallen niet als exacte verkiezingsuitslagen worden gelezen. Kleine verschillen kunnen binnen de onzekerheidsmarge vallen en politieke voorkeuren kunnen snel veranderen.
Stevige waarschuwing voor Jetten en coalitie
Voor premier Rob Jetten en zijn coalitiepartners zijn de nieuwste cijfers hoe dan ook geen prettig signaal.
Nog geen zeven maanden na zijn aantreden is volgens Ipsos I&O nog maar 18 procent tevreden over het kabinetsbeleid, tegenover 26 procent in juli.
Daar komt bij dat ook binnen de achterban van D66, CDA en vooral VVD aanzienlijke onvrede bestaat.
De komende periode wordt daarmee belangrijk voor het kabinet-Jetten. De coalitie moet niet alleen voldoende oppositiesteun vinden om haar plannen door het parlement te krijgen, maar staat volgens deze peiling ook voor een minstens zo lastige opdracht: het vertrouwen van een groot deel van de kiezers terugwinnen.