Actueel
Subtropische lucht op komst: Zoveel graden gaat het worden
Extreem Weer: Van IJzige Kou naar Voorjaarstemperaturen in Nederland
De komende dagen beloven waterkoud te worden, maar er staat een ongekende weersomslag op de planning. Terwijl we eerst nog te maken krijgen met strenge vorst en mogelijk natuurijs, stijgt de temperatuur na het weekend spectaculair. De nieuwste berekeningen tonen aan dat we te maken krijgen met een uitzonderlijke warmte-uitbraak, waardoor het kwik fors stijgt.

IJzige kou voor het weekend: winterse omstandigheden domineren
Voordat we kunnen genieten van een lenteachtig intermezzo, krijgen we eerst te maken met een ijzige luchtstroom uit Oost-Europa. Deze ‘koude continentale lucht’ brengt lage temperaturen en bewolking met zich mee. Op zaterdag wordt zelfs enige sneeuwval verwacht, vooral in het noorden en oosten van Nederland. Dit kan leiden tot een dun laagje sneeuw, al zal dit waarschijnlijk niet lang blijven liggen.
Vanaf zondag klaart het weer enigszins op en laat de zon zich vaker zien. Dit betekent echter niet dat het warmer wordt. Integendeel, de temperaturen dalen in de nacht aanzienlijk, en in het noordoosten kan het kwik tot wel -10 graden zakken. Dit zijn geen ongebruikelijke waarden, want eerder deze week werd in het Brabantse Woensdrecht al een minimumtemperatuur van -6,6 graden gemeten. Aan de grond werd zelfs -10 graden geregistreerd, wat aantoont dat de winter nog stevig in het zadel zit.
Een paar ijskoude dagen, maar dan een explosieve temperatuurstijging
Ook op maandag en dinsdag blijft het koud met temperaturen die ruim onder het vriespunt kunnen uitkomen in de nachtelijke uren. Overdag liggen de maxima slechts net boven nul, waardoor het winterse gevoel aanhoudt. Voor schaatsliefhebbers is dit goed nieuws, want de kans op natuurijs neemt toe. De vraag is echter hoe lang deze koude periode aanhoudt, want vanaf woensdag volgt een enorme weersverandering.
De laatste modelberekeningen laten namelijk zien dat Nederland te maken krijgt met een plotse aanvoer van ‘subtropische lucht’ vanuit Spanje. Dit zorgt voor een abrupte stijging van de temperatuur en markeert het einde van de winterkou. De luchtstroom komt rechtstreeks uit Zuid-Europa en duwt de temperatuur omhoog naar ongekend hoge waarden voor februari.
Lentegevoel in februari: temperaturen stijgen explosief
Volgens de huidige voorspellingen kan de temperatuur op vrijdag al oplopen tot 14 graden. Andere weerberekeningen laten zelfs nog extremere waarden zien: 15 tot 16 graden in het binnenland en mogelijk zelfs 17 graden in het zuiden van het land. Dit is uitzonderlijk voor deze tijd van het jaar en kan ervoor zorgen dat het voor even aanvoelt als een vroege lentedag.
Toch is er een kanttekening: hoewel de temperatuur stijgt, zal het weer niet volledig zonnig en droog blijven. Er wordt ook bewolking en mogelijk veel regen voorspeld. Hierdoor kunnen de lenteachtige omstandigheden deels worden overschaduwd door wisselvalligheid. Desondanks zullen er momenten zijn waarop de zon doorbreekt, wat de gelegenheid biedt om even van een terrasje te genieten.
Wat betekent dit voor Nederland?
Deze scherpe temperatuurstijging zal merkbaar zijn in het dagelijks leven. Waar we eerst nog dikke winterjassen en sjaals nodig hebben, kunnen we eind volgende week mogelijk met een lichtere jas naar buiten. Voor de natuur kan deze abrupte omslag verwarrend zijn, vooral voor planten en dieren die gevoelig zijn voor temperatuurveranderingen.
Voor wie hoopt op een langere periode van warm weer: het is nog te vroeg om te zeggen of deze trend zich zal doorzetten. Nederland staat bekend om zijn grillige februariweer, en het is niet uitgesloten dat de kou later in de maand weer terugkeert. Desondanks belooft de aankomende week een opmerkelijke weersverandering te brengen, van vrieskou en schaatsplezier naar bijna voorjaarsachtige temperaturen.
Blijf het weer in de gaten houden en bereid je voor op een spectaculaire omslag van winterse kou naar vroeg lenteweer!
Actueel
Slecht nieuws voor Rob Jetten en zijn coalitiegenoten

Het kabinet van premier Rob Jetten krijgt een flinke tik in een nieuwe peiling van Ipsos I&O. Nog slechts 18 procent van de ondervraagden zegt tevreden te zijn over het beleid van het minderheidskabinet van D66, CDA en VVD. Zeven op de tien zijn juist ontevreden. Daarmee bereikt de tevredenheid volgens het onderzoek het laagste niveau sinds het aantreden van het kabinet. Ook onder de eigen achterban van de coalitiepartijen neemt de kritiek toe.
Rob Jetten trad op 23 februari aan als premier en staat daarmee nog geen zeven maanden aan het roer.
Toch lijkt de aanvankelijke hoop bij een aanzienlijk deel van de kiezers inmiddels te zijn verdwenen.
De nieuwste cijfers van Ipsos I&O laten een duidelijke verslechtering zien ten opzichte van de vorige meting.
Nog maar 18 procent tevreden
Volgens de peiling is momenteel slechts 18 procent van de ondervraagden tevreden over het kabinet-Jetten.
Daar staat tegenover dat ongeveer zeven op de tien kiezers aangeven ontevreden te zijn.
Beide cijfers zijn volgens Ipsos I&O opvallend.
De tevredenheid is sinds het aantreden van het kabinet niet eerder zo laag geweest, terwijl het aandeel ontevreden kiezers juist een nieuw hoogtepunt bereikt.
Ook de ontwikkeling ten opzichte van enkele maanden geleden is fors.
Flinke daling sinds juli
Bij de vorige peiling, die in juli werd gehouden, gaf nog 26 procent van de ondervraagden aan tevreden te zijn met het kabinet.
Dat percentage is inmiddels teruggelopen naar 18 procent.
Dat betekent een daling van 8 procentpunt in relatief korte tijd.
Opinieonderzoeker Peter Kanne van Ipsos I&O sprak bij Café Kockelmann over het geringe vertrouwen onder kiezers.
Volgens hem leefde na de vorming van het kabinet bij een deel van Nederland aanvankelijk de gedachte dat er na een politiek ingewikkelde periode eindelijk weer beleid gemaakt zou worden.
De nieuwste cijfers wijzen erop dat die verwachting bij veel kiezers vooralsnog niet is uitgekomen.
Ook eigen kiezers worden kritischer
Voor D66, CDA en VVD is vooral een ander onderdeel van de peiling ongemakkelijk.
De ontevredenheid beperkt zich namelijk niet tot oppositiekiezers.
Ook mensen die bij de verkiezingen op een van de drie coalitiepartijen stemden, blijken lang niet allemaal tevreden over de huidige koers.
Binnen de D66-achterban is volgens het onderzoek nog iets meer dan de helft tevreden.
Bij het CDA ligt dat percentage op 43 procent.
De VVD scoort onder haar eigen kiezers nog lager: daar is volgens de peiling slechts 32 procent tevreden.
Dat betekent dat geen van de drie coalitiepartijen op overweldigende steun voor het kabinetsbeleid vanuit de eigen achterban kan rekenen.
Begrotingsonderhandelingen spelen belangrijke rol
Volgens de onderzoekers hangt de verslechterde beoordeling onder meer samen met de politieke strijd rond de begroting.
D66, CDA en VVD hebben binnen de coalitie overeenstemming bereikt over hun plannen, maar daarmee is de begroting politiek nog niet automatisch verzekerd.
Het kabinet heeft namelijk een minderheidspositie.
De coalitie beschikt niet zelfstandig over voldoende zetels om haar plannen zonder hulp van andere partijen door zowel de Tweede als Eerste Kamer te krijgen.
Daardoor moet het kabinet op zoek naar steun bij de oppositie.
Dat maakt iedere belangrijke politieke afspraak ingewikkelder.
Oppositie krijgt belangrijke positie
Voor het kabinet betekent de minderheidspositie dat er voortdurend onderhandeld moet worden met partijen buiten de coalitie.
Die oppositiepartijen kunnen in ruil voor hun steun aanpassingen of concessies verlangen.
Of het kabinet voldoende steun voor alle begrotingsplannen weet te verzamelen, zal daarom afhangen van de onderhandelingen die worden gevoerd.
Juist die onzekerheid lijkt bij kiezers niet goed te vallen.
Volgens Ipsos I&O hebben veel Nederlanders weinig vertrouwen in het vermogen van het kabinet om grote problemen daadwerkelijk op te lossen.
Slechts 9 procent heeft veel vertrouwen in oplossingen
Een van de opvallendste cijfers uit het onderzoek heeft betrekking op de slagkracht van het kabinet.
Volgens Ipsos I&O heeft slechts 9 procent van de ondervraagden vertrouwen dat het kabinet problemen kan oplossen.
Ook kijken kiezers kritisch naar de rol van de afzonderlijke coalitiepartijen.
Daarbij krijgt met name de VVD volgens de onderzoekers relatief veel verantwoordelijkheid toegeschreven voor de huidige politieke situatie.
Voor de partij is dat extra pijnlijk omdat ook onder de eigen achterban de tevredenheid met het kabinet laag ligt.
PRO volgens peiling grootste partij
De verslechterde beoordeling van het kabinet is ook terug te zien in de virtuele zetelverdeling van Ipsos I&O.
Als er op dit moment Tweede Kamerverkiezingen zouden worden gehouden, zou PRO onder leiding van Jesse Klaver volgens deze peiling de grootste partij worden met 26 zetels.
D66 zou uitkomen op 20 zetels.
De PVV volgt volgens de meting met 17 zetels.
Aan de rechterkant van het politieke spectrum vallen daarnaast de stijgende cijfers van JA21 en Forum voor Democratie op.
Het gaat hierbij nadrukkelijk om een momentopname. Een zetelpeiling voorspelt niet met zekerheid hoe Nederlanders bij daadwerkelijke verkiezingen zouden stemmen.
Peiling onder ongeveer 2.100 mensen
Aan het onderzoek van Ipsos I&O deden ongeveer 2.100 mensen mee.
Dat is vanzelfsprekend maar een klein deel van alle kiesgerechtigde Nederlanders, maar dat maakt een opinieonderzoek op zichzelf niet onbetrouwbaar.
Bij representatief steekproefonderzoek is vooral van belang hoe deelnemers zijn geselecteerd, hoe representatief de steekproef is voor de bevolking en welke statistische onzekerheidsmarges gelden. Een goed samengestelde steekproef van enkele duizenden respondenten kan daarom wel degelijk inzicht geven in verschuivingen onder de Nederlandse bevolking.
Tegelijkertijd moeten percentages en virtuele zetelaantallen niet als exacte verkiezingsuitslagen worden gelezen. Kleine verschillen kunnen binnen de onzekerheidsmarge vallen en politieke voorkeuren kunnen snel veranderen.
Stevige waarschuwing voor Jetten en coalitie
Voor premier Rob Jetten en zijn coalitiepartners zijn de nieuwste cijfers hoe dan ook geen prettig signaal.
Nog geen zeven maanden na zijn aantreden is volgens Ipsos I&O nog maar 18 procent tevreden over het kabinetsbeleid, tegenover 26 procent in juli.
Daar komt bij dat ook binnen de achterban van D66, CDA en vooral VVD aanzienlijke onvrede bestaat.
De komende periode wordt daarmee belangrijk voor het kabinet-Jetten. De coalitie moet niet alleen voldoende oppositiesteun vinden om haar plannen door het parlement te krijgen, maar staat volgens deze peiling ook voor een minstens zo lastige opdracht: het vertrouwen van een groot deel van de kiezers terugwinnen.