Connect with us

Actueel

Martijn Krabbe deelt triest nieuws: “Dat kan ik niet meer”

Published

on

RTL-topman Sven Sauvé heeft in een openhartig interview met Shownieuws gereageerd op het verdrietige nieuws over Martijn Krabbé. De populaire presentator maakte begin deze maand bekend dat hij uitgezaaide longk*nker heeft en niet meer beter zal worden. Dit schokkende nieuws sloeg in als een bom, niet alleen bij zijn fans, maar ook bij collega’s en vrienden.

“Hij is een van onze beste presentatoren, maar vooral een van onze fijnste collega’s. Het is zo’n warme en lieve man,” aldus een geëmotioneerde Sauvé.


Een oneerlijke strijd

Martijn Krabbé, al jarenlang een vertrouwd gezicht bij RTL, onthulde zijn slopende z!ekte in een emotioneel interview. Hij gaf aan dat hij immunotherapie ondergaat, maar dat zijn toekomst zeer onzeker is.

“Ik ben aan het wegrotten… Zo is het gewoon,” zei hij op pijnlijke wijze over zijn situatie.

Zijn dochter Michelle Krabbé deed eveneens haar verhaal in LINDA., waarin ze openhartig sprak over de impact die de z!ekte op de hele familie heeft.

Martijn blijft ondanks alles zoveel mogelijk werken en is nog altijd de voice-over van Kopen Zonder Kijken. Hij wil zich nuttig blijven voelen, al merkt hij steeds meer de gevolgen van zijn z!ekte.


Het dagelijks leven verandert drastisch

Eén van de grootste uitdagingen voor Martijn is dat hij veel dingen niet meer mag doen. Een ingrijpende verandering was bijvoorbeeld dat hij niet meer mag autorijden. Dit besluit volgde nadat hij vorig jaar een epileptische aanval kreeg, waardoor hij zelfs uit huis moest worden getakeld.

“Mijn zoon Achilles was daarbij, het was heel traumatisch,” vertelde Martijn.

De gevolgen van zijn z!ekte beginnen zich steeds duidelijker te manifesteren, en dat maakt het moeilijk om het normale leven voort te zetten. Toch probeert hij zo positief mogelijk te blijven.


‘Elke zes weken een dobbelsteen’

Een van de moeilijkste aspecten van Martijns z!ekte is de onvoorspelbaarheid. Hij weet niet hoelang hij nog heeft, en dat blijft een zware last om te dragen.

“Mijn casemanager zegt dat ik mazzel heb dat ik die eerste maanden ben doorgekomen.”

Zijn behandeling bestaat uit immunotherapie en regelmatige scans, maar de uitslagen hiervan zijn telkens onzeker.

“Je rolt elke zes weken een dobbelsteen… Het kan goed of slecht uitvallen.”

Deze onvoorspelbaarheid maakt het emotioneel zwaar voor zowel Martijn als zijn dierbaren.


De impact op RTL en collega’s

Bij RTL is Martijn al decennialang een belangrijk gezicht. Van The Voice of Holland tot Kopen Zonder Kijken, zijn bijdrage aan de Nederlandse televisie is onmiskenbaar.

Zijn z!ekte raakt dan ook niet alleen zijn familie, maar ook zijn collega’s. RTL-baas Sven Sauvé benadrukt hoe belangrijk Martijn is voor de organisatie.

“Ik bewonder echt zijn positiviteit,” zegt Sauvé.

Hij voegt eraan toe dat hij Martijn vaak spreekt en hem enorm waardeert als collega en als persoon.


Een vechter met een groot hart

Ondanks alles blijft Martijn zich vasthouden aan het leven. Zijn liefde voor zijn gezin, zijn werk en zijn fans geeft hem de kracht om door te gaan.

Zijn openheid over zijn z!ekte en zijn veerkracht maken hem voor velen een inspiratie. Terwijl hij zich voorbereidt op wat komen gaat, blijft hij zoveel mogelijk genieten van de momenten die er nog zijn.

Zijn verhaal herinnert ons eraan hoe kwetsbaar het leven is en hoe belangrijk het is om elke dag te koesteren.

Actueel

Belastingdienst niet blij met tanken over de grens en komt met de volgende maatregelen

Published

on

Steeds meer Nederlandse automobilisten kiezen ervoor om hun tank niet in eigen land, maar in België of Duitsland vol te gooien. Vooral voor mensen die dicht bij de grens wonen, kan het prijsverschil behoorlijk aantrekkelijk zijn. Een tankbeurt wordt bovendien vaak gecombineerd met boodschappen, waardoor de totale besparing verder kan oplopen. Voor Nederland heeft dat gedrag echter een keerzijde: accijnzen en btw verdwijnen naar de buurlanden.

Waarom tanken over de grens goedkoper is

De prijs die automobilisten voor een liter benzine of diesel betalen, bestaat uit verschillende onderdelen. Naast de olieprijs spelen onder meer raffinage, vervoer, opslag en de marge van het tankstation een rol.

Een belangrijk verschil tussen Nederland en de buurlanden zit echter in de belastingen. Nederland heft relatief veel accijns op brandstof en daar komt vervolgens btw bovenop. Daardoor kan benzine of diesel in België en Duitsland aanzienlijk goedkoper zijn.

Een verschil van twintig cent per liter lijkt misschien beperkt, maar bij vijftig liter betekent dat al een besparing van tien euro. Wie een grotere auto heeft of meerdere keren per maand tankt, kan op jaarbasis een aanzienlijk bedrag besparen.

Voor mensen die slechts enkele kilometers van België of Duitsland wonen, is de rekensom daarom snel gemaakt.

Niet voor iedereen voordelig

Wie tientallen kilometers moet rijden om bij een buitenlandse pomp te komen, moet wel goed rekenen. De extra kilometers kosten immers ook brandstof en tijd.

Daarnaast kunnen files ervoor zorgen dat een goedkope tankbeurt uiteindelijk nauwelijks voordeel oplevert. Veel automobilisten combineren het tanken daarom met boodschappen of andere aankopen.

Op die manier wordt één rit gebruikt voor meerdere besparingen en wordt het aantrekkelijker om regelmatig de grens over te steken.

Nederlandse schatkist loopt inkomsten mis

Voor de Nederlandse overheid is tanktoerisme minder gunstig. Wie in Duitsland tankt, betaalt daar de accijnzen en btw. Nederland ontvangt van die tankbeurt niets.

Bij één automobilist stelt dat relatief weinig voor, maar wanneer grote aantallen Nederlanders hetzelfde doen, lopen de bedragen snel op.

Schattingen over de totale omvang verschillen. Volgens het aangeleverde artikel zou het mogelijk om honderden miljoenen euro’s per jaar gaan, waarbij sommige berekeningen zelfs richting één miljard euro gaan.

Dat levert een ingewikkeld dilemma op. Hoge brandstofaccijnzen zorgen enerzijds voor inkomsten en zijn bedoeld om vervuilend gedrag minder aantrekkelijk te maken. Anderzijds kunnen grote prijsverschillen automobilisten juist richting buitenlandse tankstations sturen.

De auto rijdt vervolgens nog steeds dezelfde kilometers, maar de belastinginkomsten gaan naar België of Duitsland. Wanneer iemand speciaal voor een tankbeurt extra kilometers rijdt, levert dat bovendien extra uitstoot op.

Nederlandse tankstations merken gevolgen

Ook pomphouders in Nederlandse grensgebieden voelen de gevolgen. Zij zien potentiële klanten letterlijk voorbijrijden richting een goedkoper tankstation over de grens.

Daarbij verliezen tankstations meer dan alleen inkomsten uit brandstof. Veel pompen verdienen een belangrijk deel van hun geld met hun winkel, waar klanten koffie, broodjes, frisdrank en andere producten kopen.

Wanneer automobilisten in Duitsland of België tanken, bestaat een grote kans dat ze dergelijke aankopen eveneens daar doen.

Vooral kleinere zelfstandige tankstations kunnen daar last van krijgen. Personeel, verzekeringen, onderhoud en energiekosten moeten immers gewoon betaald worden, terwijl de omzet terugloopt.

Sommige ondernemers proberen klanten daarom met kortingsacties, spaarsystemen, horeca of laadpalen terug te winnen. Toch is het lastig concurreren wanneer het prijsverschil aan de pomp groot blijft.

Ook Nederlandse winkels verliezen omzet

De gevolgen beperken zich niet tot tankstations. Omdat Nederlanders hun tankbeurt regelmatig combineren met boodschappen, profiteren ook buitenlandse supermarkten en winkels.

Geld dat anders mogelijk in Nederlandse grensplaatsen zou worden uitgegeven, belandt zo in België of Duitsland.

Dat maakt tanktoerisme een veel breder economisch vraagstuk dan alleen het verschil van enkele centen aan de pomp.

Wereldwijde ontwikkelingen spelen mee

Ook internationale gebeurtenissen hebben invloed op de brandstofprijzen. Oorlogen, politieke spanningen, productieproblemen en onzekerheid rond belangrijke handelsroutes kunnen olie duurder maken.

Wanneer de olieprijs stijgt, worden benzine en diesel doorgaans in meerdere landen duurder. De verschillen in belasting blijven echter bestaan, waardoor automobilisten nog steeds voordeel kunnen hebben bij een buitenlandse pomp.

Voor transportbedrijven zijn zelfs kleine verschillen belangrijk. Bedrijven die enorme hoeveelheden diesel verbruiken, kunnen door een paar cent verschil per liter al duizenden euro’s besparen. Tankstops worden daarom soms bewust buiten Nederland gepland.

Accijnzen verlagen dan maar?

Een voor de hand liggende oplossing lijkt het verlagen van de Nederlandse brandstofaccijnzen. Het prijsverschil met België en Duitsland zou daardoor kleiner worden en mogelijk zouden meer automobilisten weer in Nederland tanken.

Maar ook daar zit een keerzijde aan. Een lagere accijns betekent dat de overheid minder belasting ontvangt over iedere verkochte liter. Het is onzeker of de extra tankbeurten in Nederland voldoende zouden zijn om dat verlies te compenseren.

Daarnaast worden brandstofbelastingen gebruikt om automobilisten te stimuleren minder fossiele brandstoffen te gebruiken en bijvoorbeeld voor elektrisch rijden of het openbaar vervoer te kiezen.

Zelf goed rekenen

Voor automobilisten blijft het uiteindelijk vooral een rekensom. Kijk niet uitsluitend naar het bedrag dat op het prijsbord van het buitenlandse tankstation staat.

Neem ook de afstand, het eigen brandstofverbruik en de extra reistijd mee. Wie twintig euro bespaart maar daarvoor tientallen kilometers moet omrijden, houdt uiteindelijk een stuk minder voordeel over.

Voor inwoners van Nederlandse grensgebieden ligt dat anders. Wanneer een Belgische of Duitse pomp slechts enkele kilometers verderop ligt, kan regelmatig tanken over de grens op jaarbasis behoorlijk wat geld schelen.

En zolang het prijsverschil groot genoeg blijft, lijkt tanktoerisme voorlopig niet te verdwijnen. Daarmee blijft Nederland met een ingewikkeld dilemma zitten: automobilisten willen betaalbaar tanken, ondernemers willen hun klanten behouden en de overheid wil zowel belastinginkomsten veiligstellen als klimaatdoelstellingen halen.

Continue Reading