Connect with us

Actueel

Maarten van Rossem woedend: ‘Nieuwsuur boycot mij door deze reden’ ze willen me gewoon kapot hebben!

Published

on

Maarten van Rossem, bekend als emeritus hoogleraar en jurylid in het populaire televisieprogramma De Slimste Mens, uit zijn frustratie over hoe zijn deelname aan het programma zijn reputatie als Amerikadeskundige lijkt te hebben beïnvloed. In een recent interview met de Volkskrant stelt hij dat zijn jarenlange rol in het tv-amusement hem zijn serieuze verschijningen in programma’s zoals Nieuwsuur heeft gekost. “Ik ben nooit meer door Nieuwsuur uitgenodigd,” zegt hij met lichte ergernis.

Van gerespecteerde Amerikakenner naar tv-amusement

Maarten van Rossem heeft jarenlang een prominente rol gespeeld in de Nederlandse media als expert op het gebied van de Amerikaanse politiek en cultuur. In talkshows en nieuwsprogramma’s werd hij vaak gevraagd om zijn scherpe analyses en inzichten te delen. De laatste jaren heeft hij echter vooral naam gemaakt als de brommende en nukkige jurylid in De Slimste Mens, een programma dat meer draait om luchtig entertainment dan om intellectuele diepgang.

Volgens Van Rossem heeft deze verschuiving in zijn publieke imago een prijs gehad. “De hoofdredacteur van Nieuwsuur zei ooit tegen mij: ‘Ik geloof best dat je nog net zo intelligent bent als vroeger, maar als je in De Slimste Mens zit, kunnen we je niet meer als serieuze gast uitnodigen.’ Sindsdien ben ik nooit meer gevraagd door Nieuwsuur,” vertelt hij.

Boycot door Nieuwsuur

De uitspraken van Van Rossem over de vermeende boycot door Nieuwsuur tonen zijn teleurstelling over hoe hij wordt gezien in de media. Hoewel hij begrijpt dat zijn rol in De Slimste Mens hem een ander soort bekendheid heeft opgeleverd, vindt hij het jammer dat dit zijn geloofwaardigheid als deskundige lijkt te hebben aangetast.

“Ik ben nog steeds dezelfde persoon met dezelfde kennis, maar blijkbaar heeft mijn deelname aan een entertainmentprogramma ervoor gezorgd dat ik niet meer serieus word genomen als Amerikakenner,” legt hij uit. “Het lijkt erop dat de media moeilijk onderscheid kunnen maken tussen mijn rol in een quizprogramma en mijn expertise op andere gebieden.”

Frustratie met talkshows

Toch is Van Rossem niet volledig rouwig om zijn verminderde aanwezigheid in talkshows. Sterker nog, hij heeft zich regelmatig geërgerd aan de gang van zaken in dergelijke programma’s. “Ik heb nooit echt het gevoel gehad dat je via talkshows mensen kunt beïnvloeden. Bovendien krijg je vaak te weinig tijd om iets fatsoenlijk uit te leggen,” zegt hij.

Van Rossem benadrukt dat hij vaak gefrustreerd raakte door de oppervlakkigheid van talkshows. “Je wordt steeds onderbroken en er is nauwelijks ruimte voor een goed gesprek. Het draait meer om snelle meningen dan om inhoudelijke discussies. Dat is niets voor mij,” legt hij uit.

Een nieuwe passie: de podcast

Waar Van Rossem wel zijn ei kwijt kan, is in zijn eigen podcast. “Ik geniet het meest van mijn podcast. Daar kan ik eindeloos doorpraten over actualiteit en historische onderwerpen, zonder dat iemand me onderbreekt,” vertelt hij enthousiast. Samen met zijn vaste podcasthost Tom neemt hij wekelijks afleveringen op die een breed publiek weten te trekken. “Volgens Tom luisteren er regelmatig tweehonderdduizend mensen naar onze podcast. Dat is toch geweldig?”

In de podcast heeft Van Rossem de ruimte om dieper in te gaan op onderwerpen die hij belangrijk vindt. “Het is de ideale vorm voor mij. Ik hoef me niet te haasten, kan alles uitgebreid toelichten en ben niet afhankelijk van de tijdslimieten van een talkshow,” zegt hij.

De waarde van podcasts versus talkshows

Van Rossem is duidelijk geen fan van talkshows zoals Eva Jinek of Beau. Volgens hem is de podcast een veel betere manier om inhoudelijk iets over te brengen. “In een talkshow krijg je vaak maar een paar minuten om je punt te maken, en als je een beetje pech hebt, word je halverwege onderbroken. Dat is gewoon niet mijn ding,” vertelt hij.

De podcast biedt een platform waar hij zonder onderbrekingen kan praten. “Het is veel minder hectisch. Je hebt alle tijd om zaken uit te leggen en je kunt echt de diepte in,” legt hij uit. Voor Van Rossem is het een manier om trouw te blijven aan zijn intellectuele passie, zonder concessies te doen aan de oppervlakkigheid van tv.

Wat vindt het publiek?

Het verhaal van Maarten van Rossem roept de vraag op hoe het publiek hem ziet. Is hij vooral de brommende en vaak sarcastische jurylid uit De Slimste Mens, of wordt hij nog steeds erkend als de scherpe en onderlegde Amerikakenner die hij ooit was? Voor Van Rossem lijkt het antwoord duidelijk: zijn reputatie als deskundige heeft geleden onder zijn populariteit in het tv-amusement.

Toch lijkt hij zich niet al te veel zorgen te maken. Met zijn podcast bereikt hij een groot publiek dat zijn kennis en inzicht waardeert. Bovendien geeft hij aan dat hij zijn werk in De Slimste Mens met plezier doet, ondanks de gevolgen voor zijn serieuze imago.

Conclusie

Maarten van Rossem bevindt zich in een bijzondere positie. Zijn jarenlange rol in De Slimste Mens heeft hem een breder publiek en nationale bekendheid opgeleverd, maar het lijkt ook zijn status als serieus Amerikakenner te hebben aangetast. Hoewel hij dit jammer vindt, koestert hij de vrijheid die zijn podcast hem biedt. Voor Van Rossem is dat uiteindelijk het belangrijkste: een platform waar hij vrijuit kan spreken, zonder onderbrekingen of tijdsdruk.

Of hij ooit weer opduikt in programma’s zoals Nieuwsuur is de vraag, maar één ding is zeker: Maarten van Rossem blijft een unieke stem in het Nederlandse medialandschap.

Actueel

Rob Jetten wil volgens de nieuwste plannen de AOW flink verlagen

Published

on

Per 1 juli 2026 worden het minimumloon en de AOW-uitkering naar verwachting opnieuw verhoogd. Dat is goed nieuws voor miljoenen Nederlanders, want de AOW is direct gekoppeld aan de ontwikkeling van het wettelijk minimumloon. Hoewel de definitieve bedragen nog officieel moeten worden vastgesteld, geven de huidige berekeningen al een duidelijk beeld van wat mensen straks kunnen verwachten.

Minimumloon gaat opnieuw omhoog

Het wettelijk minimumloon wordt in Nederland ieder jaar twee keer aangepast: op 1 januari en op 1 juli. Daarmee probeert de overheid de inkomens mee te laten groeien met de economische ontwikkelingen, zoals loonstijgingen en inflatie.

Voor de komende aanpassing wordt verwacht dat het minimumuurloon stijgt van €14,77 naar €14,99. Dat betekent een verhoging van ongeveer 1,9 procent, oftewel 22 cent per gewerkt uur.

Ook het zogenoemde referentiemaandloon stijgt mee. Dit bedrag vormt de basis voor verschillende sociale uitkeringen, waaronder de AOW. Naar verwachting komt dit uit op ongeveer €2.337 bruto per maand.

Ook de AOW stijgt mee

Omdat de AOW gekoppeld is aan het minimumloon, profiteren ook gepensioneerden automatisch van deze verhoging. Zodra het minimumloon stijgt, past de Sociale Verzekeringsbank (SVB) de AOW-uitkeringen aan.

Voor veel ouderen betekent dit een kleine verbetering van het maandelijkse inkomen. Zeker nu de kosten voor boodschappen, energie en wonen nog altijd hoog liggen, is iedere verhoging welkom.

Verwachte AOW voor alleenstaanden

Voor alleenstaande AOW-gerechtigden wordt vanaf juli 2026 een bruto-uitkering verwacht van ongeveer €1.662,35 per maand.

Na aftrek van loonheffing en de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet (Zvw) blijft naar schatting ongeveer €1.285 netto per maand over.

Daarnaast bouwen AOW’ers iedere maand vakantiegeld op. Dat bedraagt naar verwachting ongeveer €108,52 bruto per maand, dat jaarlijks wordt uitbetaald.

Verwachte bedragen voor alleenstaanden:

  • Bruto AOW: €1.662,35
  • Netto AOW: circa €1.285
  • Vakantiegeld: €108,52 bruto per maand

Bedragen voor gehuwden en samenwonenden

Voor mensen die getrouwd zijn of samenwonen en beiden AOW ontvangen, ligt de uitkering per persoon lager. Dat komt doordat de AOW voor partners is gebaseerd op een gezamenlijke huishouding.

Vanaf 1 juli 2026 wordt per persoon een bruto-uitkering verwacht van ongeveer €1.139,80 per maand. Gezamenlijk ontvangen partners daarmee ongeveer €2.279,60 bruto.

Na inhoudingen blijft naar verwachting ongeveer €881 netto per persoon over. Ook partners bouwen vakantiegeld op, naar verwachting ongeveer €77,52 bruto per maand.

Verwachte bedragen per partner:

  • Bruto AOW: €1.139,80
  • Netto AOW: circa €881
  • Vakantiegeld: €77,52 bruto per maand

Waarom is het nettobedrag lager?

Het verschil tussen bruto en netto inkomen wordt veroorzaakt door belastingen en verplichte inhoudingen.

Daarbij gaat het onder meer om:

  • loonheffing;
  • de bijdrage voor de Zorgverzekeringswet (Zvw);
  • eventuele andere persoonlijke belastingcorrecties.

Hoeveel iemand uiteindelijk netto ontvangt, verschilt per situatie. Dat hangt onder andere af van de loonheffingskorting, eventuele aanvullende inkomsten en de persoonlijke belastingpositie.

Niet iedereen ontvangt een volledige AOW

De genoemde bedragen gelden uitsluitend voor mensen die recht hebben op een volledige AOW-uitkering.

Om daarvoor in aanmerking te komen, moet iemand vanaf zijn of haar 17e levensjaar tot aan de AOW-leeftijd in Nederland hebben gewoond of gewerkt. Wie gedurende een bepaalde periode niet verzekerd is geweest voor de AOW, bouwt minder pensioen op.

Voor ieder jaar dat iemand niet verzekerd is geweest, wordt de AOW met 2 procent verlaagd.

Wie bijvoorbeeld tien jaar in het buitenland heeft gewoond of gewerkt zonder AOW-opbouw, ontvangt uiteindelijk 20 procent minder AOW dan iemand met een volledige opbouw.

Kleine verhoging, maar toch welkom

Hoewel de verwachte stijging beperkt is, kan deze voor veel huishoudens toch een verschil maken. Vooral ouderen en mensen met een minimuminkomen merken iedere verhoging direct in hun maandelijkse budget.

Tegelijkertijd blijft de discussie bestaan of dergelijke verhogingen voldoende zijn om de stijgende kosten van levensonderhoud op te vangen. De afgelopen jaren zijn uitgaven voor onder meer energie, huur en dagelijkse boodschappen flink gestegen.

Definitieve bedragen volgen later

De bedragen die nu worden genoemd zijn gebaseerd op voorlopige berekeningen. De overheid maakt de definitieve hoogte van het minimumloon en de AOW doorgaans pas kort voor de ingangsdatum officieel bekend.

Grote afwijkingen worden op dit moment echter niet verwacht, waardoor de huidige prognoses een goede indicatie geven van wat Nederlanders vanaf 1 juli 2026 kunnen verwachten.

Voor zowel werknemers als AOW-gerechtigden blijft het verstandig om niet alleen naar de bruto bedragen te kijken, maar vooral naar het bedrag dat uiteindelijk netto op de bankrekening wordt gestort. Dat geeft immers het beste beeld van wat de verhoging daadwerkelijk oplevert.

Continue Reading