Actueel
Kijkers De Kerststal gaan los en zeggen allemaal hetzelfde
De KRO-NCRV hoopte dinsdagavond kijkers in het hele land te raken met De Kerststal, een groots opgezet muzikaal live-evenement vanuit Maastricht. Het programma moest een eigentijdse, verbindende vertelling worden van het klassieke kerstverhaal, met een indrukwekkende cast van bekende Nederlanders, livemuziek en een monumentaal decor. Maar waar de omroep mikte op ontroering en bezinning, klonk op sociale media vooral teleurstelling. Kijkers uitten massaal kritiek op de uitvoering, het tempo en de beleving van de uitzending.

Een ambitieuze kerstvertelling
De Kerststal werd aangekondigd als een nieuw kerstconcept, geïnspireerd op het succes van The Passion, maar dan in winterse sfeer en met een meer intieme insteek. Het verhaal begon bij het moment waarop Jozef en Maria te horen krijgen dat zij een kind verwachten. Van daaruit werd het bekende bijbelse narratief gevolgd, met zang, dialogen en muzikale intermezzo’s die het verhaal moesten verdiepen en toegankelijk maken voor een breed publiek.
De rolverdeling was opvallend sterk:
-
Soy Kroon vertolkte Jozef
-
Sara Afiba nam de rol van Maria op zich
-
Kim-Lian van der Meij verscheen als engel Gabriël
-
Maarten Heijmans speelde koning Herodes
-
Francis van Broekhuizen was te zien als de herbergier
Daarnaast waren er muzikale bijdragen waarin klassieke kerstliederen werden afgewisseld met modernere arrangementen. Het geheel moest zowel vertrouwd als vernieuwend aanvoelen.

Hoge verwachtingen door eerdere successen
De verwachtingen lagen hoog, en dat had alles te maken met eerdere projecten van de omroep. The Passion is inmiddels uitgegroeid tot een vaste waarde rond Pasen, met miljoenen kijkers en een sterke emotionele impact. Veel kijkers gingen er dan ook vanuit dat De Kerststal een vergelijkbare kwaliteit en zeggingskracht zou hebben.
Juist die vergelijking werd het programma uiteindelijk fataal. Op sociale media gaven veel kijkers aan dat ze onbewust bleven vergelijken met The Passion, en dat De Kerststal daarbij het onderspit moest delven.

Kritiek stroomt binnen op sociale media
Al tijdens de uitzending verschenen de eerste reacties op X (voorheen Twitter), en die waren bepaald niet mild. Meerdere kijkers gaven aan dat ze moeite hadden met het acteerwerk en de zang. Eén van de reacties luidde: “I love The Passion, maar dit is echt hilarisch slecht.” Anderen waren nog directer en spraken van “ronduit slecht gespeeld en gezongen.”
Niet alleen het spel, maar ook de technische uitvoering kreeg kritiek. Kijkers klaagden over het geluid, dat volgens hen vlak en levenloos klonk. De muziek zou onvoldoende dragen en de zang kwam niet altijd goed over op televisie. Ook het tempo van de voorstelling werd genoemd: sommige scènes zouden te snel voorbijgaan, terwijl andere juist te lang aanvoelden.

Moeilijk te volgen verhaal
Opvallend was dat zelfs kijkers die het kerstverhaal door en door kennen, aangaven dat het lastig was om de verhaallijn te volgen. Een veelgeciteerde reactie luidde: “Je kent het verhaal, maar het is toch moeilijk te volgen. Het stuk is rommelig en mist emotie.”
Volgens deze kijkers lag dat niet zozeer aan het verhaal zelf, maar aan de manier waarop scènes elkaar opvolgden. Overgangen zouden onduidelijk zijn geweest en dialogen misten volgens sommigen de emotionele lading die nodig is om het publiek mee te nemen.
Discussie over het ‘live’-karakter
Alsof de inhoudelijke kritiek nog niet genoeg was, ontstond er ook discussie over het feit dat De Kerststal als ‘live’ werd aangekondigd. Meerdere kijkers wezen erop dat het tijdens de uitzending nog licht leek in Maastricht, wat vragen opriep over het tijdstip van de opnames.
Op sociale media verschenen opmerkingen als: “Live vanuit Maastricht? Het is nog licht daar? Apart.” Hoewel het goed mogelijk is dat dit te maken had met camerabelichting of eerdere opnames, zorgde het wel voor extra scepsis bij een deel van het publiek.
Verdeeldheid onder kijkers
Toch was niet iedereen negatief. Er waren ook kijkers die de ambitie van het project waardeerden en begrip toonden voor het feit dat een nieuw format tijd nodig heeft om te groeien. Zij prezen de poging om het kerstverhaal op een andere manier te vertellen en vonden het verfrissend dat bekende Nederlanders zich waagden aan zo’n klassiek en beladen thema.
Sommigen gaven aan dat ze vooral genoten van het decor, de locatie in Maastricht en de intentie achter het programma. Voor hen hoefde het niet perfect te zijn, zolang de boodschap van verbinding en hoop maar overeind bleef.
Een lastige balans
De reacties laten vooral zien hoe lastig het is om een bekend religieus verhaal opnieuw te vertellen voor een breed televisiepubliek. Aan de ene kant verwacht men respect voor de traditie, aan de andere kant verlangt men vernieuwing. Die balans vinden is ingewikkeld, zeker wanneer de lat door eerdere successen extreem hoog ligt.
De Kerststal wilde duidelijk meer zijn dan een simpel kerstconcert. Het probeerde een verhaal te vertellen, emoties op te roepen en betekenis te geven aan Kerstmis in een moderne context. Volgens een groot deel van de kijkers is dat niet gelukt, al erkennen velen dat de intentie oprecht was.
Wat betekent dit voor de toekomst?
Of De Kerststal een eenmalig experiment blijft of dat KRO-NCRV het concept verder wil ontwikkelen, is nog niet duidelijk. De felle reacties op sociale media laten zien dat er werk aan de winkel is als de omroep hiermee door wil gaan. Tegelijkertijd tonen ze ook aan dat er wel degelijk belangstelling is: mensen keken, reageerden en voelden zich betrokken genoeg om hun mening te geven.
Misschien is dat uiteindelijk ook de waarde van zo’n uitzending. Kerst is een periode waarin verhalen, emoties en tradities samenkomen. Dat een programma daar discussie over oproept, zegt ook iets over de plek die het onderwerp nog altijd inneemt in de samenleving.
Voor nu overheerst bij veel kijkers het gevoel dat De Kerststal de hoge verwachtingen niet heeft waargemaakt. Maar zoals bij veel nieuwe formats geldt: soms heeft een idee meerdere edities nodig om echt tot bloei te komen. Of de omroep die kans krijgt van het publiek, zal de toekomst moeten uitwijzen.
Actueel
Enorme klap voor iedereen met een huurwoning

Woningtekort blijft groeien: verkoopgolf van huurwoningen dreigt de crisis verder te verdiepen
Het woningtekort in Nederland blijft hardnekkig oplopen en is inmiddels uitgekomen op circa 410.000 woningen. Daarmee staat de druk op de woningmarkt op een historisch hoog niveau. Alsof dat nog niet genoeg is, wijst nieuw onderzoek erop dat er nog meer problemen op komst zijn. Zowel beleggers als woningcorporaties zijn namelijk van plan om de komende jaren nog meer huurwoningen te verkopen. De gevolgen daarvan kunnen ingrijpend zijn voor huurders, starters en gezinnen.

Het vooruitzicht: een verder krimpend huuraanbod, stijgende huren in de vrije sector en een generatie jongeren die noodgedwongen langer bij hun ouders blijft wonen.
Alarmerend rapport over de toekomst van huurwoningen
Uit een gezamenlijk rapport van Capital Value en ABF Research, opgesteld in opdracht van de overheid, blijkt dat de bereidheid om huurwoningen te verkopen groot is. Meer dan de helft van de ondervraagde partijen geeft aan dat zij hun huurbezit verder willen afbouwen.
Concreet zegt 56 procent van de woningcorporaties te verwachten dat zij in de komende jaren meer woningen zullen “uitponden”. Uitponden betekent dat huurwoningen bij mutatie — dus wanneer een huurder vertrekt — niet opnieuw worden verhuurd, maar te koop worden gezet.
Ook particuliere en institutionele beleggers volgen deze strategie steeds vaker.

Waarom corporaties en beleggers verkopen
Voor woningcorporaties is de verkoop van huurwoningen geen doel op zich, maar een middel. De opbrengsten worden ingezet voor nieuwbouwprojecten en voor het verduurzamen van bestaande woningen. In theorie zou dat op lange termijn moeten bijdragen aan meer en betere woningen.
In de praktijk wringt het echter. De verkoop gebeurt sneller dan de nieuwbouw kan worden gerealiseerd, waardoor het netto-aanbod aan huurwoningen verder afneemt.
Beleggers hebben weer andere motieven. Volgens Arjan Peerboom, directeur van Capital Value, speelt vooral de veranderde financiële context een rol. “Beleggers kiezen steeds vaker voor individuele verkoop vanwege hogere fiscale lasten en lagere rendementen bij het aanhouden van huurwoningen,” aldus Peerboom.

Een harde klap voor huurders en starters
De gevolgen van deze verkoopgolf zijn aanzienlijk. Minder huurwoningen betekent meer concurrentie op een markt die al extreem krap is. Vooral in de vrije huursector, waar de huren minder gereguleerd zijn, zal dat leiden tot forse prijsstijgingen.
Voor jongeren en starters wordt het daardoor steeds moeilijker om een zelfstandige woning te vinden. Veel twintigers en dertigers blijven noodgedwongen langer thuis wonen of delen een woning, simpelweg omdat er geen betaalbare alternatieven zijn.
Ook gezinnen die willen doorstromen, lopen vast. Wie een betaalbare huurwoning verlaat, heeft geen garantie dat er iets passends voor terugkomt.

Cijfers laten trend duidelijk zien
De trend is al zichtbaar in de cijfers. In 2024 werden 26.180 huurwoningen verkocht. Dat aantal ligt fors hoger dan in eerdere jaren en vormt een duidelijke aanwijzing dat het uitponden structureel is geworden.
Als deze ontwikkeling doorzet — en daar wijzen de huidige plannen op — zal het tekort aan huurwoningen verder oplopen. Dat werkt als een vicieuze cirkel: minder aanbod leidt tot hogere prijzen, waardoor nog meer mensen buiten de boot vallen.
Nieuwbouw kan tempo niet bijhouden
Tegenover de verkoop van huurwoningen staat de bouw van nieuwe woningen. In 2025 werden 69.200 nieuwbouwwoningen opgeleverd. Voor dit jaar wordt een stijging verwacht naar ongeveer 88.000 woningen. Dat lijkt positief, maar het is onvoldoende om het bestaande tekort snel terug te dringen.
Bovendien is er een zorgwekkende ontwikkeling zichtbaar aan de voorkant van de bouwketen. Het aantal bouwvergunningen bevindt zich momenteel in een “stevige dip”, zo meldt De Telegraaf. Minder vergunningen vandaag betekent minder opleveringen over enkele jaren.
Buitenlandse investeerders haken af
Een belangrijke factor in de teruglopende bouwactiviteit is het afhaken van buitenlandse beleggers. Hun aandeel in de financiering van Nederlandse woningbouwprojecten is gedaald naar slechts 7 procent, het laagste niveau ooit gemeten.
Internationale investeerders noemen meerdere obstakels:
-
De hoge overdrachtsbelasting in Nederland
-
Strenge huurwetgeving, vooral in de gereguleerde sector
-
Veranderde fiscale regels, waardoor rendementen onder druk staan
Als gevolg daarvan bouwen buitenlandse partijen hun vastgoedportefeuilles in Nederland af.
Afnemend buitenlands bezit
De cijfers onderstrepen die trend. Begin vorig jaar bezaten buitenlandse beleggers nog ongeveer 80.000 huurwoningen in Nederland. Inmiddels is dat aantal gedaald naar 72.500. Die woningen verdwijnen niet van de markt, maar worden verkocht — vaak aan particulieren die ze zelf gaan bewonen.
Hoewel dat voor individuele kopers gunstig kan zijn, betekent het op macroniveau opnieuw een krimp van het huuraanbod.
Politieke en maatschappelijke onrust
De ontwikkelingen zorgen voor groeiende maatschappelijke en politieke onrust. Op sociale media en in het publieke debat klinkt steeds vaker de vraag hoe het mogelijk is dat het woningtekort blijft oplopen, terwijl de behoefte aan betaalbare woonruimte zo groot is.
Sommige opiniemakers wijzen erop dat vooral Nederlandse starters en jonge gezinnen de gevolgen voelen. Zij stellen hun toekomstplannen uit, wonen langer bij hun ouders en ervaren steeds meer onzekerheid over wonen en samenleven.
Structureel probleem vraagt structurele oplossingen
Experts zijn het erover eens dat het woningtekort niet met één maatregel kan worden opgelost. Het gaat om een structureel probleem, waarin bouwtempo, regelgeving, financiering en demografie samenkomen.
Zonder versnelling van de bouw, stabiel beleid voor investeerders en bescherming van het huuraanbod dreigt de situatie verder te verslechteren. De verkoop van huurwoningen kan op korte termijn geld opleveren, maar vergroot het probleem zolang de nieuwbouw achterblijft.
Wat betekent dit voor de komende jaren?
Als de huidige trends zich doorzetten, moeten huurders zich voorbereiden op:
-
Minder keuze op de huurmarkt
-
Langere wachttijden voor betaalbare woningen
-
Stijgende huren, vooral in de vrije sector
-
Meer jongeren die langer thuis blijven wonen
Zonder ingrijpen kan het woningtekort de komende jaren nog verder oplopen, ondanks alle ambities en plannen.
Conclusie: druk op woningmarkt neemt verder toe
Het oplopende woningtekort, gecombineerd met de geplande verkoop van huurwoningen door corporaties en beleggers, vormt een zorgwekkende cocktail. Hoewel nieuwbouwprojecten in de planning staan, blijft het tempo onvoldoende om de uitstroom uit de huursector te compenseren.
Voor huurders, starters en gezinnen betekent dit aanhoudende onzekerheid. De cijfers laten zien dat het probleem niet vanzelf verdwijnt. Zonder duidelijke koers en langdurige oplossingen blijft de Nederlandse woningmarkt gevangen in een crisis die steeds meer mensen direct raakt.