Actueel
John de Wolf emotioneel: “Ze herkent me niet meer”
John de Wolf, de legendarische oud-voetballer met de bijnaam ’t Beest van Rotterdam, staat bekend om zijn onverzettelijke houding op het veld. Maar achter zijn stoere uiterlijk gaat een man schuil die worstelt met een hartverscheurende persoonlijke tragedie: de strijd van zijn moeder tegen Alzheimer. Voor de 62-jarige De Wolf is het een gevecht zonder overwinning, een onmenselijke strijd die hem emotioneel diep raakt.

“Ze herkent me niet meer”
In een openhartig interview met weekblad Privé vertelde De Wolf over zijn 82-jarige moeder, bij wie Alzheimer is vastgesteld. De ziekte heeft haar zo ver in zijn greep dat ze haar eigen zoon niet meer herkent. “Er zit geen leven meer in haar,” zei hij eerder dit jaar.
De pijn werd extra duidelijk toen hij haar bezocht en zichzelf probeerde voor te stellen. “Ik zei: ‘Ik ben het, John, je zoon.’ Maar ze antwoordde: ‘Dat kunnen ze allemaal wel zeggen.’” Deze uitspraak toont de harde realiteit van Alzheimer, waarin herinneringen en herkenning langzaam verdwijnen.

“Ze is mijn moeder, maar eigenlijk ook niet”
In een recent interview met sportmagazine Helden ging De Wolf dieper in op de situatie. Hij vertelde hoe de ziekte niet alleen het geheugen van zijn moeder heeft aangetast, maar ook haar persoonlijkheid heeft veranderd. “Ze heeft een heel ander karakter gekregen. Het is mijn moeder nog wel, maar eigenlijk ook niet,” legde hij uit.
De situatie beschrijft hij als “mensonterend.” Het zien van haar achteruitgang zonder te kunnen ingrijpen, voelt machteloos. “Als ik zie hoe mijn moeder er nu aan toe is… ik wil haar zo niet zien lijden,” zei hij met pijn in zijn stem.

Alzheimer: Een wrang familiepatroon
Het is niet de eerste keer dat De Wolf met Alzheimer wordt geconfronteerd. Zijn oma leed ook aan deze slopende ziekte. Destijds verzorgde zijn moeder haar eigen moeder, terwijl ze met angst sprak over het lot dat haar nu zelf heeft getroffen. “Ze zei altijd: ‘Zo wil ik niet worden. Als dat gebeurt, geef me dan maar een spuitje of pillen.’”
Omdat deze wens nooit officieel werd vastgelegd, ondergaat Johns moeder nu precies dat wat ze altijd vreesde. “In mijn ogen is het een daad van liefde om iemand niet langer te laten lijden,” zegt De Wolf, waarbij hij pleit voor een hernieuwde discussie over euthanasie bij Alzheimerpatiënten.
Een ongekende impact
Voor een man die zijn leven lang controle had over het spel en zijn tegenstanders, is het toekijken hoe Alzheimer zijn moeder langzaam wegneemt, bijna ondraaglijk. Het is een strijd die hij niet kan winnen. Toch zet hij zijn bekendheid in om meer aandacht te vragen voor de gevolgen van deze genadeloze ziekte.

Zijn verhaal raakt niet alleen de voetbalwereld, maar duizenden families die met dezelfde worsteling te maken hebben. Op sociale media stromen steunbetuigingen binnen. Mensen delen hun eigen ervaringen en bedanken De Wolf voor zijn openheid. “Je woorden zijn een steun voor iedereen die dit meemaakt,” reageerde een volger.
De bredere discussie
De situatie van De Wolfs moeder zet opnieuw de discussie rondom Alzheimer en euthanasie op scherp. Zijn pleidooi om eerder in te grijpen bij ondraaglijk lijden raakt een gevoelige snaar. Voor veel mensen roept het de vraag op hoe we omgaan met onomkeerbaar lijden, en welke rol mededogen en zelfbeschikking daarin spelen.
Conclusie: Een onmenselijke strijd met een onzichtbare tegenstander
John de Wolf, ooit de belichaming van kracht en vastberadenheid op het voetbalveld, toont nu een kwetsbare kant die ons allemaal raakt. Zijn verhaal laat zien hoe Alzheimer niet alleen de patiënt treft, maar ook de geliefden die machteloos toekijken.
De strijd van zijn moeder is een pijnlijke herinnering aan de complexiteit van deze ziekte, maar ook een oproep om meer begrip, steun en oplossingen te vinden voor de vele families die hiermee worstelen.

Laten we John, zijn moeder en alle anderen die met Alzheimer te maken hebben, steunen. Deel jouw boodschap of herinnering en laat zien dat zij er niet alleen voor staan.
Actueel
Expert slaat alarm over dodelijk virus in Nederland: ”Kan heel groot worden”

In Utrecht is een persoon overleden na een besmetting met het westnijlvirus. Het nieuws zorgt voor toenemende zorgen over de aanwezigheid van het virus in Nederland. Muggenexpert Bart Knols waarschuwt dat het sterfgeval niet als een op zichzelf staand incident moet worden gezien. Volgens hem is juist nu het moment aangebroken om uiterst alert te zijn en maatregelen te nemen om verdere verspreiding zo goed mogelijk in kaart te brengen.
Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) maakte ongeveer twee weken geleden bekend dat het westnijlvirus op meerdere plekken in Nederland was vastgesteld. Het virus werd aangetroffen bij een mens, een paard en een vogel.
Dat is belangrijk, omdat het westnijlvirus voornamelijk via besmette muggen wordt overgedragen. Wanneer verschillende dieren en mensen besmet raken, betekent dit dat het virus lokaal circuleert en dat muggen een rol spelen bij de verspreiding.
De zorgen zijn verder toegenomen nu bekend is geworden dat iemand uit Utrecht na een besmetting is overleden.
Muggenexpert waarschuwt voor verdere verspreiding
Muggenexpert Bart Knols sprak woensdagavond in het WNL-programma Goedenavond Nederland uitgebreid over de situatie. Volgens hem moeten de Nederlandse autoriteiten het signaal serieus nemen.
“Dit kan groot worden, laat ik het zo zeggen. Het is één geval. Eén sterfgeval. Heel triest natuurlijk”, aldus Knols.
Volgens de deskundige komt de ontwikkeling bovendien niet volledig uit de lucht vallen. Hij wijst erop dat wetenschappers al veel langer waarschuwen voor de mogelijkheid dat het westnijlvirus zich in Nederland verder zou verspreiden.
Knols stelt dat er rond 2020 al duidelijke signalen waren. Zelf schreef hij naar eigen zeggen zelfs in 2009 al over de risico’s van het virus.
“Dat werd toen weggezet als bangmakerij, stemmingmakerij. En nu zijn we 17 jaar verder en nu is het zover. En dat is heel triest”, vertelde hij.
‘Bij één persoon moeten de alarmbellen afgaan’
Presentator Frank van Leeuwen wierp tijdens het gesprek de vraag op of de situatie daadwerkelijk zo alarmerend is. Tot dusver gaat het immers om een beperkt aantal vastgestelde besmettingen in Nederland.
Volgens de cijfers die tijdens de uitzending werden besproken, zijn zes besmettingen bekend en is nu één persoon overleden.
Knols vindt echter dat juist bij infectieziekten niet uitsluitend naar de huidige aantallen moet worden gekeken. Een klein aantal geregistreerde gevallen betekent volgens hem niet automatisch dat het risico beperkt blijft.
“Het begint met één persoon en dan zouden alle alarmbellen moeten afgaan”, waarschuwde hij. Volgens Knols zijn die alarmbellen binnen de wetenschappelijke wereld al veel langer afgegaan.
Om duidelijk te maken waarom vroege signalen volgens hem serieus genomen moeten worden, maakte de muggenexpert een vergelijking met Q-koorts. Ook die uitbraak begon ooit met een beperkt aantal bekende gevallen, waarna de omvang sterk toenam.
Daarmee zegt Knols niet dat het westnijlvirus zich noodzakelijkerwijs op dezelfde manier zal ontwikkelen. Zijn boodschap is vooral dat snel handelen belangrijk kan zijn wanneer een infectieziekte zich begint te verspreiden.
Hoe wordt het westnijlvirus verspreid?
Het westnijlvirus wordt in de natuur voornamelijk in stand gehouden door een cyclus tussen vogels en muggen. Muggen kunnen besmet raken wanneer ze bloed zuigen bij een geïnfecteerde vogel. Vervolgens kunnen ze het virus bij een volgende beet overdragen op mensen of andere zoogdieren, waaronder paarden.
De aanwezigheid van besmettingen bij zowel vogels als paarden en mensen is daarom een belangrijk signaal voor deskundigen die de verspreiding volgen.
Dat betekent overigens niet dat iedere mug in Nederland het virus bij zich draagt. Ook leidt een besmetting niet automatisch tot ernstige ziekte. Het geregistreerde sterfgeval in Utrecht maakt volgens Knols echter duidelijk dat ernstige gevolgen mogelijk zijn.
Virus komt ook elders in Europa voor
Nederland staat bovendien niet op zichzelf. Het westnijlvirus komt al langer voor in delen van Europa, waarbij vooral Zuid-Europese landen regelmatig besmettingen melden.
Tijdens de uitzending wees Knols erop dat er inmiddels 625 besmettingen in Europa zijn geregistreerd.
Volgens hem ligt het werkelijke aantal mensen dat met het virus in aanraking is gekomen waarschijnlijk hoger. Niet iedere besmetting wordt immers herkend of geregistreerd.
“Het virus waart rond”, aldus Knols. Juist daarom vindt hij dat Nederland zich goed moet voorbereiden op een situatie waarin meer besmettingen worden vastgesteld.
Pleidooi voor Outbreak Management Team
De muggenexpert vindt dat na het sterfgeval in Utrecht verschillende deskundigen en instanties gezamenlijk naar de situatie moeten kijken.
“Als het goed is moet er, na Utrecht, een soort OMT komen”, zei hij.
Met OMT doelt Knols op een Outbreak Management Team: een groep deskundigen die bij een mogelijke uitbraak de beschikbare informatie beoordeelt en adviseert over eventuele maatregelen.
Volgens Knols zouden onder meer het RIVM, de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA), de GGD en verschillende medische en veterinaire deskundigen daarbij betrokken moeten worden.
Hij noemt daarbij niet alleen huisartsen, maar ook dierenartsen. Dat is van belang omdat het virus niet uitsluitend bij mensen wordt aangetroffen. Ook besmettingen onder dieren kunnen informatie opleveren over waar het virus circuleert.
Onderzoek rond besmettingen Utrecht
Bijzondere aandacht zou volgens Knols moeten uitgaan naar de regio Utrecht. Daar zijn volgens de besproken gegevens drie menselijke besmettingen vastgesteld.
Hij pleit ervoor om grondig te onderzoeken waar deze mensen mogelijk met het virus in aanraking zijn gekomen en welke overeenkomsten er tussen de besmettingen bestaan.
Ook monitoring van muggen, vogels en paarden kan helpen om een beter beeld te krijgen van de geografische verspreiding.
Het doel daarvan is vooral om zo vroeg mogelijk te ontdekken waar besmette muggen voorkomen en of er aanwijzingen zijn dat het virus zich naar andere gebieden verplaatst.
Deskundige wil maximale alertheid
Knols benadrukt dat zijn oproep niet betekent dat Nederland onmiddellijk met een grootschalige uitbraak te maken krijgt. Wel vindt hij dat het onverstandig zou zijn om af te wachten totdat het aantal besmettingen sterk begint toe te nemen.
Juist omdat muggen zich kunnen verspreiden en het virus via vogels over grotere afstanden kan circuleren, is volgens hem vroegtijdige surveillance van groot belang.
Het overlijden van de persoon uit Utrecht vormt voor de muggenexpert daarom een belangrijk waarschuwingssignaal.
Waar momenteel nog sprake is van een beperkt aantal bevestigde menselijke besmettingen, moet volgens hem alles in het werk worden gesteld om zicht te krijgen op wat er daadwerkelijk gaande is.
“Het begint met één persoon”, waarschuwt Knols. Voor hem is het dan ook duidelijk: het eerste Nederlandse sterfgeval moet aanleiding zijn om de ontwikkelingen rond het westnijlvirus uiterst serieus te volgen.