Actueel
Jan Versteegh in diepe rouw: ‘Ik hield zoveel van haar!’
Presentator Jan Versteegh heeft een zware dag achter de rug. In een column voor LINDA.nl deelt hij het verlies van zijn peettante, Jannie, die hij met veel liefde herdenkt. De uitvaart, die plaatsvond op woensdag, raakte hem diep. “Nu huilde ik ook omdat ik zélf verdrietig was,” schrijft hij openhartig.

Geen gewone tante, maar een bijzondere band
Jan omschrijft zijn peettante Jannie als een klein, rank persoon, maar met grootse daden. “Ze was niet mijn tante vanwege een familieband, maar omdat ze één van de beste vriendinnen van mijn moeder was,” legt hij uit. Hij herinnert zich haar als een positieve vrouw die altijd klaarstond voor anderen.

“Ze wist je altijd te verrassen met iets attents. Geen verjaardag ging voorbij zonder dat ze even langskwam, ondanks dat ik op oudejaarsdag ben geboren.”

Reflectie op het leven
Tijdens de emotionele speech van Jannies kinderen besefte Jan hoe onverbiddelijk de dood kan zijn. Het bracht hem tot nadenken over de toekomst en zijn eigen ouders. “Ik pakte de hand van mijn moeder en kneep er zacht in,” schrijft hij. Terwijl hij in de kerk zat, vroeg hij zich af hoe hij ooit het leven van zijn moeder in woorden zou kunnen vatten.

“Het leven is niet altijd eerlijk, maar de dood is keihard,” vervolgt hij. De realiteit van verlies bracht niet alleen verdriet om zijn peettante, maar ook om wat de toekomst nog zou kunnen brengen.

Een moment van menselijkheid
Jan’s dag eindigde met een ironisch moment: tijdens het teruglopen naar de auto stapte hij in hondenpoep. Het alledaagse ongelukje contrasteerde scherp met de zwaarte van de dag en bood een onverwacht luchtig slot.

Met zijn openhartige column laat Jan zien hoe intens verdriet en reflectie hand in hand gaan, zelfs op een dag vol afscheid en pijn.
Actueel
Rotterdammer verdacht van ernstig misdrijf meisje (7) dat naar kikkers keek

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft een gevangenisstraf van vijf jaar en tbs met dwangverpleging geëist tegen een 55-jarige man uit Rotterdam. Hij wordt verdacht van de verkrachting van een destijds 7-jarig meisje in het Zuiderpark in Rotterdam. Daarnaast wordt hij verdacht van vrijheidsberoving en wordt hij in verband gebracht met een eerdere zedenzaak uit 2011.
De rechtbank doet op 28 juli uitspraak in de zaak.
Incident in het Zuiderpark
Volgens het Openbaar Ministerie vond het incident plaats op 12 augustus 2025 in het Zuiderpark in Rotterdam.
Het meisje, dat met haar familie vanuit Oekraïne naar Nederland was gevlucht, was die dag samen met haar moeder in het park. Terwijl haar moeder enige tijd rustte, ging het kind volgens het dossier op zoek naar kikkers.
Korte tijd later keerde het meisje zichtbaar overstuur terug. Haar moeder schakelde direct de politie in, waarna een uitgebreid onderzoek werd gestart.
Volgens justitie verklaarde het meisje dat zij door een onbekende man was meegenomen naar het riet, waar zij seksueel zou zijn misbruikt.
Uitgebreid politieonderzoek
Na de melding startte de politie een grootschalig onderzoek.
Volgens het OM werd op meerdere plaatsen DNA veiliggesteld. Daarnaast werden camerabeelden bekeken en telefoongegevens onderzocht.
Justitie stelt dat deze onderzoeksresultaten gezamenlijk naar de 55-jarige Rotterdammer wijzen.
Het OM noemt de verklaring van het meisje gedetailleerd en consistent en stelt dat deze wordt ondersteund door het verzamelde bewijsmateriaal.
Op basis daarvan acht het Openbaar Ministerie bewezen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan verkrachting, aanranding en vrijheidsberoving.
Verdachte beroept zich grotendeels op zwijgrecht
Tijdens de behandeling van de zaak heeft de verdachte volgens aanwezige media nauwelijks inhoudelijk gereageerd op vragen van de rechtbank.
Ook tijdens eerdere politieverhoren maakte hij gebruik van zijn zwijgrecht.
Wel zou hij tijdens gesprekken met een gedragsdeskundige een verklaring hebben afgelegd over de gebeurtenissen.
De verdediging stelt echter dat deze verklaring onder ontoelaatbare druk tot stand is gekomen en daarom niet als bewijs mag worden gebruikt.
De rechtbank zal zich later uitspreken over de waarde van die verklaring.
Verdediging betwist bewijs
De advocaten van de verdachte zetten vraagtekens bij de bewijsvoering van het Openbaar Ministerie.
Volgens de verdediging is naast DNA van de verdachte ook DNA van een onbekende man aangetroffen.
De raadslieden stellen dat dit alternatieve scenario onvoldoende is onderzocht en wijzen erop dat daardoor volgens hen niet met zekerheid kan worden vastgesteld wie verantwoordelijk is voor het misdrijf.
Daarnaast voert de verdediging aan dat de aanwezigheid van DNA op zichzelf niet automatisch bewijst dat de verdachte de dader is.
Het Openbaar Ministerie verwerpt die redenering en stelt dat het totale bewijsmateriaal juist in onderlinge samenhang moet worden beoordeeld.
Slachtoffer ondervindt nog altijd gevolgen
Volgens de advocaat van het slachtoffer heeft het meisje nog dagelijks te maken met de gevolgen van wat er is gebeurd.
Door lange wachtlijsten kon de traumabehandeling volgens de rechtbankstukken pas geruime tijd na het incident beginnen.
Tijdens de zitting werd aandacht besteed aan de grote impact die het voorval heeft gehad op het jonge slachtoffer en haar familie.
Volgens de advocaat is de zaak extra ingrijpend omdat het gezin juist naar Nederland was gekomen in de hoop hier veiligheid te vinden.
Ook verdacht in oudere zaak
Tijdens het onderzoek kwam volgens het OM ook een DNA-match naar voren met een oudere zaak uit 2011.
In die zaak wordt de verdachte ervan verdacht een minderjarig meisje in Rotterdam-Zuid van haar vrijheid te hebben beroofd.
Het vermeende zedendelict uit die zaak kan volgens justitie niet meer worden vervolgd omdat daarvoor de verjaringstermijn is verstreken.
De verdenking van vrijheidsberoving is volgens het OM echter niet verjaard en maakt daarom eveneens deel uit van de huidige strafzaak.
Openbaar Ministerie ziet ernstig recidiverisico
Volgens het OM laten beide zaken zien dat sprake is van een ernstig risico op herhaling.
Tijdens het requisitoir benadrukte de officier van justitie dat bescherming van kinderen en andere kwetsbare personen centraal staat.
Daarnaast wees het Openbaar Ministerie erop dat de verdachte in het verleden meerdere keren is veroordeeld voor schennispleging.
Volgens justitie heeft eerdere behandeling onvoldoende effect gehad, waardoor naast een gevangenisstraf ook tbs met dwangverpleging noodzakelijk wordt geacht.
Verdediging vraagt om vrijspraak
De advocaten van de verdachte zijn het niet eens met de visie van het Openbaar Ministerie.
Zij stellen dat het beschikbare bewijs onvoldoende is om tot een veroordeling te komen en vinden dat ook de gevraagde tbs-maatregel juridisch niet kan worden opgelegd.
Daarom hebben zij de rechtbank verzocht hun cliënt volledig vrij te spreken.
Uitspraak op 28 juli
De rechtbank in Rotterdam zal op 28 juli uitspraak doen in deze omvangrijke strafzaak.
Tot dat moment geldt voor de verdachte de onschuldpresumptie: hij wordt juridisch als onschuldig beschouwd totdat de rechtbank tot een definitief oordeel is gekomen.
De uitspraak zal duidelijk maken hoe de rechtbank het beschikbare bewijs beoordeelt en of zij de strafeis van het Openbaar Ministerie geheel, gedeeltelijk of niet zal volgen.