Connect with us

Actueel

Hoe loop je het hantavirus op? Dit zijn de symptomen!

Published

on

De recente besmettingen met het hantavirus aan boord van het expeditieschip MV Hondius zorgen voor onrust en veel vragen. Bij sommigen roept het zelfs zorgen op over een mogelijke nieuwe wereldwijde uitbraak. Toch benadrukken experts dat die angst in dit stadium niet nodig is. Wel is het belangrijk om te begrijpen wat er precies speelt, welk type virus is aangetroffen en hoe groot het risico daadwerkelijk is.

Welk virus is aangetroffen?

Uit laboratoriumonderzoek blijkt dat het gaat om het zogeheten Andesvirus. Dit is een variant van het hantavirus die vooral voorkomt in delen van Noord- en Zuid-Amerika, met name in landen als Argentinië en Chili.

Volgens het RIVM kan deze variant bij besmetting leiden tot klachten zoals hoge koorts en ernstige ademhalingsproblemen. In vergelijking met andere hantavirussen kan het z!ektebeeld zwaarder verlopen.

In sommige gevallen kan de infectie ernstige gevolgen hebben. Schattingen laten zien dat een deel van de patiënten zwaar z!ek kan worden, vooral wanneer er complicaties optreden in de longen.

Hoe verspreidt het virus zich?

Hantavirussen worden meestal overgedragen via knaagdieren. In het geval van het Andesvirus speelt een specifieke ratten- of muizensoort een belangrijke rol.

Mensen kunnen besmet raken door:

  • Direct contact met urine, ontlasting of speeksel van besmette dieren
  • Een beet van een knaagdier
  • Het inademen van stofdeeltjes waarin virusresten aanwezig zijn

Dit laatste gebeurt bijvoorbeeld wanneer opgedroogde uitwerpselen worden verstoord en in de lucht terechtkomen.

Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie komt deze virusvariant relatief vaker voor in Argentinië, waar de afgelopen periode een toename van het aantal besmettingen is gemeld.

Situatie rond het schip

Aan boord van de MV Hondius zijn meerdere besmettingen vastgesteld. Daarbij zijn ook mensen betrokken met de Nederlandse nationaliteit. Experts gaan ervan uit dat het virus niet op het schip zelf is ontstaan, maar waarschijnlijk is meegebracht door passagiers die eerder in risicogebieden verbleven.

Voorafgaand aan de reis zouden betrokken personen door delen van Zuid-Amerika hebben gereisd, waaronder Argentinië, Chili en Uruguay. Dat maakt het lastig om exact vast te stellen waar de besmetting heeft plaatsgevonden.

Onderzoek naar de bron

Onderzoekers proberen momenteel het volledige reistraject van de betrokken personen in kaart te brengen. Dat is essentieel om te achterhalen waar het virus mogelijk is opgelopen.

Daarnaast wordt gekeken naar:

  • Mogelijke blootstelling aan knaagdieren
  • Contactmomenten met andere mensen
  • Plaatsen waar besmetting plausibel is

In sommige gevallen worden ook lokale dieren onderzocht om vast te stellen of het virus daar voorkomt.

Waarom is het zo moeilijk te traceren?

Een belangrijke complicatie is de incubatietijd van het virus. Die kan variëren van één tot acht weken. Dat betekent dat iemand pas weken na besmetting klachten kan krijgen.

Daardoor is het lastig om exact te bepalen:

  • Wanneer de besmetting heeft plaatsgevonden
  • Waar iemand het virus heeft opgelopen
  • Met wie iemand in die periode contact heeft gehad

Dit maakt bron- en contactonderzoek complexer dan bij veel andere infecties.

Kan het virus zich tussen mensen verspreiden?

Een van de redenen waarom het Andesvirus extra aandacht krijgt, is dat deze variant in sommige gevallen van mens op mens kan worden overgedragen. Dat is bij de meeste andere hantavirussen niet het geval.

Toch benadrukken experts dat deze overdracht niet eenvoudig gebeurt. Volgens specialisten is er meestal intensief en langdurig contact nodig voordat overdracht mogelijk is.

De kans op grootschalige verspreiding wordt daarom als klein ingeschat. In eerdere uitbraken in Zuid-Amerika bleek dat het virus relatief snel onder controle kon worden gebracht met maatregelen zoals:

  • Contactonderzoek
  • Tijdelijke isolatie van patiënten
  • Monitoring van risicogroepen

Welke klachten horen erbij?

De eerste symptomen van een hantavirusinfectie lijken vaak op een griep. Denk aan:

  • Koorts
  • Hoofdpijn
  • Spierpijn
  • Vermoeidheid
  • Soms buikklachten

Na enkele dagen kan de situatie verergeren. Bij ernstige gevallen ontstaan klachten aan de longen. Er kan vochtophoping optreden, wat leidt tot benauwdheid en ademhalingsproblemen.

Vooral bij kwetsbare groepen, zoals ouderen of mensen met een verminderde weerstand, kan dit een zware belasting vormen.

Hoe worden patiënten behandeld?

Er bestaat op dit moment geen specifieke medicatie die het hantavirus direct bestrijdt. De behandeling richt zich daarom op het verlichten van symptomen en het ondersteunen van het lichaam.

Dat kan bestaan uit:

  • Rust en monitoring
  • Pijnstilling, vaak met paracetamol
  • Zuurstofondersteuning bij ademhalingsproblemen
  • Intensieve zorg in ernstige gevallen

Het tijdig herkennen van klachten is daarbij van groot belang. Hoe sneller medische ondersteuning wordt geboden, hoe beter de vooruitzichten.

Is er een vaccin?

Op dit moment is er geen vaccin beschikbaar tegen het hantavirus. Preventie speelt daarom een belangrijke rol.

Dat betekent onder andere:

  • Contact met knaagdieren vermijden
  • Hygiënisch omgaan met ruimtes waar muizen of ratten aanwezig zijn
  • Bescherming gebruiken bij het schoonmaken van vervuilde plekken

Moeten we ons zorgen maken?

Hoewel het nieuws over besmettingen begrijpelijkerwijs onrust veroorzaakt, benadrukken experts dat er op dit moment geen aanwijzingen zijn voor een grootschalige uitbraak.

Belangrijke redenen daarvoor zijn:

  • Het virus is niet makkelijk overdraagbaar tussen mensen
  • Verspreiding kan effectief worden beperkt met gerichte maatregelen
  • Het aantal gevallen blijft relatief beperkt

Dat neemt niet weg dat waakzaamheid belangrijk blijft. Door goed onderzoek en snelle opvolging van mogelijke besmettingen kan verdere verspreiding worden voorkomen.

Conclusie

De situatie rond het hantavirus op de MV Hondius laat zien hoe complex infectiez!ekten kunnen zijn, zeker wanneer reizen en internationale contacten een rol spelen.

Hoewel het Andesvirus in sommige gevallen ernstige klachten kan veroorzaken, is de kans op grootschalige verspreiding volgens experts klein. Met goede monitoring, medische zorg en preventieve maatregelen blijft de situatie beheersbaar.

Voor nu ligt de focus vooral op onderzoek, zorg voor de betrokken patiënten en het voorkomen van verdere besmettingen.

Actueel

Steeds meer mensen komen uit de kast als ‘berriseksueel’: dit is wat het betekent

Published

on

Binnen de LGBTQIA+-gemeenschap ontstaan regelmatig nieuwe termen die mensen helpen om hun seksuele oriëntatie of genderidentiteit nauwkeuriger te omschrijven. Een van de begrippen die de laatste tijd steeds vaker opduikt op sociale media en online platforms is ‘berriseksueel’.

Hoewel de term nog relatief onbekend is, herkennen sommige mensen zich er juist beter in dan in bestaande labels zoals biseksueel of panseksueel.

Wat betekent berriseksueel?

Volgens definities die onder meer op online platforms als Reddit en Urban Dictionary circuleren, verwijst berriseksualiteit naar een seksuele oriëntatie waarbij iemand zich aangetrokken kan voelen tot meerdere of alle genders, maar waarbij die aantrekkingskracht doorgaans sterker is richting vrouwen, vrouwelijke, non-binaire of androgyne personen dan richting mannen.

Dat betekent niet dat iemand zich helemaal niet tot mannen aangetrokken voelt, maar wel dat die aantrekkingskracht minder vaak voorkomt of minder sterk wordt ervaren.

Microlabel binnen het spectrum

Berriseksualiteit wordt vaak omschreven als een zogenoemd microlabel. Dat zijn specifiekere termen die binnen bredere seksuele oriëntaties worden gebruikt.

Sommige mensen vinden begrippen als biseksueel, panseksueel of omniseksueel te algemeen om hun gevoelens goed te beschrijven. Een microlabel kan dan meer nuance bieden en beter aansluiten bij hun persoonlijke ervaring.

Steeds meer bekendheid online

Op sociale media en discussieplatforms laten verschillende gebruikers weten blij te zijn met de term.

Sommigen schrijven dat zij zich jarenlang niet volledig herkenden in bestaande omschrijvingen van hun seksuele oriëntatie. Volgens hen biedt berriseksueel een nauwkeurigere beschrijving van hoe zij aantrekkingskracht ervaren.

Een aantal gebruikers noemt de term daarom een waardevolle aanvulling op de bestaande begrippen binnen de LGBTQIA+-gemeenschap.

Vergelijkbaar met panseksualiteit

Op verschillende online informatieplatforms wordt berriseksualiteit omschreven als een oriëntatie die overeenkomsten vertoont met panseksualiteit en omniseksualiteit.

Bij al deze oriëntaties kunnen mensen zich aangetrokken voelen tot personen van verschillende genders. Het onderscheid zit vooral in de voorkeur of intensiteit van die aantrekkingskracht.

Bij berriseksualiteit ligt die volgens de meest gebruikte omschrijvingen vaker bij vrouwen, non-binaire of androgyne personen dan bij mannen.

Niet officieel erkende term

Hoewel de term online steeds vaker wordt gebruikt, is berriseksueel geen officieel vastgelegde of universeel geaccepteerde seksuele oriëntatie. De betekenis kan per persoon of gemeenschap verschillen.

Zoals bij veel microlabels geldt dat mensen zelf bepalen welk begrip het beste past bij hoe zij hun gevoelens en identiteit ervaren.

Voor een kleine groep mensen biedt berriseksueel precies de nuance die zij zochten, terwijl anderen zich blijven herkennen in bekendere termen als biseksueel of panseksueel.

De opkomst van dergelijke begrippen laat zien dat taal voortdurend in ontwikkeling is en dat sommige mensen behoefte hebben aan woorden die hun persoonlijke ervaringen zo nauwkeurig mogelijk beschrijven.

Bron: Showblad

Continue Reading