Actueel
Frans Bauer onder vuur vanwege groot aantal zoons: ´Dit is gewoon onredelijk´
Frans Bauer en zijn vrouw Mariska worden momenteel gevolgd in een kerstsoap op NPO 1, en dit heeft heel wat reacties opgeleverd. Eén daarvan komt van de tv-recensente van NRC Handelsblad, die zich uitsprak over het gezin Bauer en hun opmerkelijke gezinsuitbreiding. Het dagblad noemde het aantal kinderen van Frans en Mariska “onredelijk.” Het gaat om vier zoons: Christiaan, Jan, Frans Junior en Lucas, die binnen zeven jaar tijd zijn geboren.

Waarom ‘onredelijk’?
Het is niet helemaal duidelijk waarom
het NRC het aantal kinderen van Frans en Mariska
als “onredelijk” bestempelt. Het kan te maken hebben met de
ecologische voetafdruk van het gezin, aangezien vier kinderen in
een korte tijdspanne meer middelen consumeren dan twee, één of
zelfs geen kinderen. In een tijd waarin klimaatverandering steeds
urgenter wordt, worden grote gezinnen vaak als een belasting voor
het milieu gezien.

Kerstsoap krijgt kritische beoordeling
Frans en zijn gezin verschijnen in de kerstsoap, waarin ze onder
andere te zien zijn in een tuincentrum. De recensente
van NRC vond het opvallend om het gezin met hun
“onredelijk grote aantal zoons” te zien lopen langs de kerstbomen.
De kerstspecial leverde echter gemengde reacties op. De recensente
geeft aan dat ze niet helemaal wist waar ze naar aan het kijken
was, maar dat ze wel Frans’ gevoel voor drama waardeerde. “Na zijn
dag in de tuinmarkt zeeg hij neer op de bank. ‘Ik ben helemaal
gebroken,’ kermde Frans,” schreef ze.

Frans Junior over de kerstsoap
Frans Junior, de oudste zoon van het gezin, gaf in een interview
met AD aan dat het waarschijnlijk bij één
seizoen van de kerstsoap blijft. “Papa heeft gezegd dat het bij één
seizoen blijft, en daar hoort ook deze kerstspecial bij. Ik
vergelijk het altijd met de Home Alone-films: de
eerste was top, de tweede was leuk, vanaf de derde heeft niemand er
meer een actieve herinnering aan,” aldus Frans Junior.

Stoppen op je hoogtepunt
Frans Junior is van mening dat het gezin Bauer moet stoppen met de
kerstspecials voordat ze te veel verwateren. “Er is in ieder geval
nog niks besproken over een volgend seizoen, maar ik denk: je moet
stoppen op je hoogtepunt,” zei hij. Dit lijkt te wijzen op een
voorkeur om niet door te gaan met de soap als het succes afneemt en
de show uiteindelijk zijn charme verliest.

Toekomstige tv-plannen
Ondanks het einde van de kerstsoap, is Frans Junior nog niet klaar
met tv-programma’s. Hij gaf aan in de toekomst graag weer mee te
doen aan een programma, zoals een BN’er-variant van Heel
Holland Bakt, waarvoor hij al is uitgenodigd. “Als ze me nog
een keer vragen voor een tv-programma, zeg ik volmondig ‘ja’,” zei
hij enthousiast.

Een grote familie en een kleine voetafdruk?
Het blijft onduidelijk of de kritiek op de gezinsgrootte van Frans
Bauer voortkomt uit zorgen over het milieu of uit andere
persoonlijke overwegingen. Wat wel duidelijk is, is dat het gezin
Bauer een grote indruk blijft maken op het Nederlandse publiek. Of
hun televisie-avonturen verder zullen gaan, is nog onzeker, maar ze
blijven een opvallende aanwezigheid in de media.
Actueel
Slecht nieuws voor Rob Jetten en zijn coalitiegenoten

Het kabinet van premier Rob Jetten krijgt een flinke tik in een nieuwe peiling van Ipsos I&O. Nog slechts 18 procent van de ondervraagden zegt tevreden te zijn over het beleid van het minderheidskabinet van D66, CDA en VVD. Zeven op de tien zijn juist ontevreden. Daarmee bereikt de tevredenheid volgens het onderzoek het laagste niveau sinds het aantreden van het kabinet. Ook onder de eigen achterban van de coalitiepartijen neemt de kritiek toe.
Rob Jetten trad op 23 februari aan als premier en staat daarmee nog geen zeven maanden aan het roer.
Toch lijkt de aanvankelijke hoop bij een aanzienlijk deel van de kiezers inmiddels te zijn verdwenen.
De nieuwste cijfers van Ipsos I&O laten een duidelijke verslechtering zien ten opzichte van de vorige meting.
Nog maar 18 procent tevreden
Volgens de peiling is momenteel slechts 18 procent van de ondervraagden tevreden over het kabinet-Jetten.
Daar staat tegenover dat ongeveer zeven op de tien kiezers aangeven ontevreden te zijn.
Beide cijfers zijn volgens Ipsos I&O opvallend.
De tevredenheid is sinds het aantreden van het kabinet niet eerder zo laag geweest, terwijl het aandeel ontevreden kiezers juist een nieuw hoogtepunt bereikt.
Ook de ontwikkeling ten opzichte van enkele maanden geleden is fors.
Flinke daling sinds juli
Bij de vorige peiling, die in juli werd gehouden, gaf nog 26 procent van de ondervraagden aan tevreden te zijn met het kabinet.
Dat percentage is inmiddels teruggelopen naar 18 procent.
Dat betekent een daling van 8 procentpunt in relatief korte tijd.
Opinieonderzoeker Peter Kanne van Ipsos I&O sprak bij Café Kockelmann over het geringe vertrouwen onder kiezers.
Volgens hem leefde na de vorming van het kabinet bij een deel van Nederland aanvankelijk de gedachte dat er na een politiek ingewikkelde periode eindelijk weer beleid gemaakt zou worden.
De nieuwste cijfers wijzen erop dat die verwachting bij veel kiezers vooralsnog niet is uitgekomen.
Ook eigen kiezers worden kritischer
Voor D66, CDA en VVD is vooral een ander onderdeel van de peiling ongemakkelijk.
De ontevredenheid beperkt zich namelijk niet tot oppositiekiezers.
Ook mensen die bij de verkiezingen op een van de drie coalitiepartijen stemden, blijken lang niet allemaal tevreden over de huidige koers.
Binnen de D66-achterban is volgens het onderzoek nog iets meer dan de helft tevreden.
Bij het CDA ligt dat percentage op 43 procent.
De VVD scoort onder haar eigen kiezers nog lager: daar is volgens de peiling slechts 32 procent tevreden.
Dat betekent dat geen van de drie coalitiepartijen op overweldigende steun voor het kabinetsbeleid vanuit de eigen achterban kan rekenen.
Begrotingsonderhandelingen spelen belangrijke rol
Volgens de onderzoekers hangt de verslechterde beoordeling onder meer samen met de politieke strijd rond de begroting.
D66, CDA en VVD hebben binnen de coalitie overeenstemming bereikt over hun plannen, maar daarmee is de begroting politiek nog niet automatisch verzekerd.
Het kabinet heeft namelijk een minderheidspositie.
De coalitie beschikt niet zelfstandig over voldoende zetels om haar plannen zonder hulp van andere partijen door zowel de Tweede als Eerste Kamer te krijgen.
Daardoor moet het kabinet op zoek naar steun bij de oppositie.
Dat maakt iedere belangrijke politieke afspraak ingewikkelder.
Oppositie krijgt belangrijke positie
Voor het kabinet betekent de minderheidspositie dat er voortdurend onderhandeld moet worden met partijen buiten de coalitie.
Die oppositiepartijen kunnen in ruil voor hun steun aanpassingen of concessies verlangen.
Of het kabinet voldoende steun voor alle begrotingsplannen weet te verzamelen, zal daarom afhangen van de onderhandelingen die worden gevoerd.
Juist die onzekerheid lijkt bij kiezers niet goed te vallen.
Volgens Ipsos I&O hebben veel Nederlanders weinig vertrouwen in het vermogen van het kabinet om grote problemen daadwerkelijk op te lossen.
Slechts 9 procent heeft veel vertrouwen in oplossingen
Een van de opvallendste cijfers uit het onderzoek heeft betrekking op de slagkracht van het kabinet.
Volgens Ipsos I&O heeft slechts 9 procent van de ondervraagden vertrouwen dat het kabinet problemen kan oplossen.
Ook kijken kiezers kritisch naar de rol van de afzonderlijke coalitiepartijen.
Daarbij krijgt met name de VVD volgens de onderzoekers relatief veel verantwoordelijkheid toegeschreven voor de huidige politieke situatie.
Voor de partij is dat extra pijnlijk omdat ook onder de eigen achterban de tevredenheid met het kabinet laag ligt.
PRO volgens peiling grootste partij
De verslechterde beoordeling van het kabinet is ook terug te zien in de virtuele zetelverdeling van Ipsos I&O.
Als er op dit moment Tweede Kamerverkiezingen zouden worden gehouden, zou PRO onder leiding van Jesse Klaver volgens deze peiling de grootste partij worden met 26 zetels.
D66 zou uitkomen op 20 zetels.
De PVV volgt volgens de meting met 17 zetels.
Aan de rechterkant van het politieke spectrum vallen daarnaast de stijgende cijfers van JA21 en Forum voor Democratie op.
Het gaat hierbij nadrukkelijk om een momentopname. Een zetelpeiling voorspelt niet met zekerheid hoe Nederlanders bij daadwerkelijke verkiezingen zouden stemmen.
Peiling onder ongeveer 2.100 mensen
Aan het onderzoek van Ipsos I&O deden ongeveer 2.100 mensen mee.
Dat is vanzelfsprekend maar een klein deel van alle kiesgerechtigde Nederlanders, maar dat maakt een opinieonderzoek op zichzelf niet onbetrouwbaar.
Bij representatief steekproefonderzoek is vooral van belang hoe deelnemers zijn geselecteerd, hoe representatief de steekproef is voor de bevolking en welke statistische onzekerheidsmarges gelden. Een goed samengestelde steekproef van enkele duizenden respondenten kan daarom wel degelijk inzicht geven in verschuivingen onder de Nederlandse bevolking.
Tegelijkertijd moeten percentages en virtuele zetelaantallen niet als exacte verkiezingsuitslagen worden gelezen. Kleine verschillen kunnen binnen de onzekerheidsmarge vallen en politieke voorkeuren kunnen snel veranderen.
Stevige waarschuwing voor Jetten en coalitie
Voor premier Rob Jetten en zijn coalitiepartners zijn de nieuwste cijfers hoe dan ook geen prettig signaal.
Nog geen zeven maanden na zijn aantreden is volgens Ipsos I&O nog maar 18 procent tevreden over het kabinetsbeleid, tegenover 26 procent in juli.
Daar komt bij dat ook binnen de achterban van D66, CDA en vooral VVD aanzienlijke onvrede bestaat.
De komende periode wordt daarmee belangrijk voor het kabinet-Jetten. De coalitie moet niet alleen voldoende oppositiesteun vinden om haar plannen door het parlement te krijgen, maar staat volgens deze peiling ook voor een minstens zo lastige opdracht: het vertrouwen van een groot deel van de kiezers terugwinnen.