Actueel
BN´ers krijgen straf voor Manuela Kemp-posts: ´Allemaal narcisten!´
Radiocolumnist Patrick Kicken heeft flink wat kritiek op de manier waarop sommige BN’ers omgaan met het overlijden van Manuëla Kemp. Volgens Kicken is het gebruikelijk dat na het overlijden van een bekend persoon, vooral BN’ers, foto’s met de overledene delen op social media, vaak vergezeld van emotionele teksten. Deze zelfpromotie stuit hem tegen de borst.

Zelfbevlekkerij en Narcisme
Patrick begrijpt niet waarom sommige bekende Nederlanders snel hun foto’s met de overledene opduikelen en delen met de wereld.

“Wat is dat toch, dat wanneer een bekend iemand net overleden is, mensen niet weten hoe snel ze een foto moeten vinden waarop ze samen op staan, om die dan op social media te zetten?” schrijft hij bij Spreekbuis. Hij beschouwt dit gedrag als een manier om het moment op hun eigen persoon te betrekken, wat hij omschrijft als “How can I make this about me?”

Het ‘Blauwe Maandag’-Fenomeen
Kicken wijst erop dat veel BN’ers zich ineens heel dichtbij de overledene voelen, ook al hadden ze deze persoon slechts oppervlakkig gekend.

Hij noemt dit gedrag vooral typerend voor de media, waar mensen proberen de overledene en hun eigen ‘relatie’ tot hen te benutten voor zelfverheerlijking. Dit fenomeen was volgens hem ook duidelijk te zien na de dood van Peter R. de Vries, waarbij verschillende mensen snel met herinneringen en foto’s naar buiten kwamen.
Respect Tonen, Niet Zelfpromotie
Patrick Kicken vindt dit gedrag onsmakelijk en vraagt BN’ers om respect te tonen voor de overledene, in plaats van de situatie te gebruiken voor persoonlijke gain. “Laat die zelfbevlekkerij achterwege,” voegt hij toe, en hij roept mensen in de media op om hun narcisme niet op de voorgrond te plaatsen, maar oprecht respect te tonen voor de overledene.
Actueel
Geweldige grap: ‘De klant heeft altijd gelijk’- Ontdek het einde!

Op een gewone woensdagochtend in het bruisende kantoor van Verkoop & Co, een firma berucht om zijn eclectische klantenkring en de soms pittige uitwisselingen, ontvouwde zich een scenario dat de normale kantoorroutine doorbrak.

Baas Pieter, wiens stem bekend staat om zijn vermogen om zelfs de meest afgeleide werknemer bij de les te roepen, gebruikte zijn vocale kracht om de aandacht van de jongste aanwinst van het team te trekken.

Baas: (Met verhoogde stem) “Johnny, kom nu meteen naar mijn kantoor!”

Johnny: “Direct, meneer!”

Eenmaal binnen, trof Johnny de serieuze blik van Pieter aan, een uitdrukking die hij inmiddels had leren interpreteren als voorbode van een ernstige conversatie. Zonder tijd te verspillen, begon Pieter het gesprek:

Baas: “Johnny, ik heb je net zien argumenteren met die klant die ons kantoor heeft verlaten. Ik heb je meer dan eens verteld dat in onze business de klant altijd gelijk heeft. Is dat duidelijk voor jou?”

Johnny: “Zeker, meneer! De klant heeft altijd gelijk.” De volgende vraag van Pieter was voorspelbaar, maar essentieel om het incident te begrijpen.

Baas: “Waar had je dan een meningsverschil over met die klant?” Johnny’s antwoord zou spoedig licht werpen op de kern van het geschil.

Johnny: “De klant beweerde dat mijn baas niet alleen onbekwaam is, maar ook een idioot, meneer!” Er viel een korte, maar duidelijke stilte. Pieter, normaal gesproken nooit om woorden verlegen, leek even zijn gebruikelijke snelheid van reageren te verliezen.

Baas: “Wat een absurditeit. En wat was jouw reactie daarop?” Met een antwoord dat zowel de humor als de ironie van de situatie omvatte, deelde Johnny zijn diplomatieke respons.

Johnny: “Ik heb hem verteld dat hij volkomen gelijk had.” Deze gebeurtenis biedt een perfecte illustratie van hoe rigide bedrijfsregels tot onvoorziene en humoristische scenario’s kunnen leiden. Johnny, hoewel nog onervaren, hield zich strikt aan de gouden regel van de klantenservice, wat resulteerde in een delicate, maar onthullende confrontatie met zijn baas.