Actueel
Deze zes bekende winkelketens nemen geen contant geld meer aan
De opkomst van een cashloze samenleving: voordelen en uitdagingen
In steeds meer landen en sectoren verdwijnen contante betalingen. Wat ooit de standaard was, wordt nu snel vervangen door digitale betaalmethoden zoals pinpassen, Apple Pay en Google Pay. Winkels, restaurants en zelfs supermarkten maken de keuze om geen contant geld meer te accepteren, wat leidt tot een discussie over de voor- en nadelen van een cashloze samenleving.

Steeds meer bedrijven zonder contant geld
In het Verenigd Koninkrijk groeit het aantal winkels en restaurants dat geen contante betalingen meer accepteert. De krant Daily Express meldt dat bekende ketens overstappen op volledig digitale betalingen.
Een voorbeeld hiervan is de restaurantketen Zizzi, die cashloos werken promoot omdat het volgens hen het betaalproces versnelt en de veiligheid voor zowel klanten als personeel vergroot. Ook Gail’s Bakery stelt dat het afschaffen van contant geld helpt bij het verlagen van de CO2-uitstoot, doordat er geen fysiek geld meer vervoerd hoeft te worden.

Niet alleen horecabedrijven kiezen voor digitale betalingen. De supermarktketen Asda heeft in bijna 270 tankstations geen contante betalingen meer. Dit besluit is ingegeven door het feit dat meer dan 90% van de klanten al met pinpas of contactloos betaalde. Ook Tesco heeft contante betalingen in 40 van haar cafés stopgezet, waardoor klanten uitsluitend digitaal kunnen afrekenen.
Sainsbury’s is nog niet volledig overgestapt op een cashloos systeem, maar steeds meer van hun winkels accepteren geen contant geld meer. Het lijkt erop dat grote ketens steeds vaker kiezen voor een cashloze toekomst, waarbij efficiëntie en veiligheid de voornaamste redenen zijn.

De keerzijde van een cashloze samenleving
Hoewel bedrijven de overstap naar digitale betalingen als een positieve ontwikkeling zien, zijn er ook veel mensen die hier bezorgd over zijn. Vooral kwetsbare groepen worden benadeeld door het verdwijnen van contante betalingen.
Problemen voor ouderen en mensen met een laag inkomen
Veel ouderen en mensen met een laag inkomen vertrouwen nog op contant geld. Voor hen is digitale betaling geen vanzelfsprekendheid. Ze beschikken soms niet over een smartphone of hebben moeite met het gebruik van digitale betaalmethoden. Dit betekent dat ze mogelijk uitgesloten worden van bepaalde winkels en diensten die alleen nog digitale betalingen accepteren.

Daarnaast zijn er mensen die contant geld gebruiken om hun uitgaven beter te beheren. Fysiek geld maakt het gemakkelijker om overzicht te houden over je budget, terwijl digitale betalingen kunnen leiden tot onbewuste uitgaven. Zonder cash kunnen mensen sneller hun financiën uit het oog verliezen, wat kan resulteren in schulden of onverwachte kosten.
Misverstanden over de wetgeving
Veel mensen gaan ervan uit dat winkels wettelijk verplicht zijn om contant geld te accepteren. Ze redeneren dat munten en biljetten officieel als wettig betaalmiddel gelden en daarom overal gebruikt moeten kunnen worden. In werkelijkheid ligt dit anders.

De Bank of England legt uit dat de term ‘wettig betaalmiddel’ betekent dat een schuld ermee kan worden afbetaald, maar dat winkels zelf mogen bepalen welke betaalmethoden ze accepteren. Dit betekent dat een winkel of restaurant legaal kan weigeren om contant geld aan te nemen en volledig cashloos kan werken.
Risico’s van een volledig digitale betaalwereld
Hoewel contactloos betalen voor veel mensen handig is, brengt een wereld zonder contant geld ook risico’s met zich mee.

Kwetsbaarheid voor cybercriminaliteit en storingen
Digitale betalingen zijn afhankelijk van technologie, en technologie kan falen. Cyberaanvallen, technische storingen of netwerkproblemen kunnen ertoe leiden dat mensen plotseling geen toegang meer hebben tot hun geld. Een recente storing bij een grote bank in het Verenigd Koninkrijk zorgde ervoor dat klanten tijdelijk geen betalingen konden doen, wat grote problemen veroorzaakte voor mensen die geen contant geld bij zich hadden.
Daarnaast brengt een volledig digitaal betaalsysteem het risico van cybercriminaliteit met zich mee. Hackers kunnen systemen aanvallen en gevoelige informatie stelen, wat kan leiden tot financiële schade voor consumenten en bedrijven.

Privacy en controle over geld
Een ander punt van zorg is de privacy. Contant geld biedt anonimiteit, terwijl digitale betalingen geregistreerd worden en gevolgd kunnen worden. Dit roept vragen op over de controle die banken, overheden en bedrijven hebben over het geld van burgers.
In sommige landen wordt gevreesd dat de overstap naar een cashloze samenleving de deur opent naar financiële surveillance en dat mensen steeds minder controle hebben over hoe en wanneer ze hun geld kunnen gebruiken. Ook wordt er gediscussieerd over de invloed van banken en betalingsverwerkers die transacties kunnen blokkeren of gebruikers kunnen uitsluiten van financiële diensten.

Een gebalanceerde toekomst: ruimte voor contant geld en digitale betalingen
Hoewel de trend richting digitale betalingen onmiskenbaar is, zijn er nog steeds argumenten om contant geld te behouden als een optie. Overheden en bedrijven moeten overwegen hoe ze de overgang naar een cashloze samenleving zo inclusief mogelijk kunnen maken, zodat niemand wordt uitgesloten van essentiële diensten.

Mogelijke oplossingen kunnen zijn:
- Het wettelijk verplichten van winkels om contant geld als een betaalmiddel te blijven accepteren.
- Het aanbieden van educatieprogramma’s om mensen te helpen bij de overstap naar digitale betalingen.
- Het ontwikkelen van alternatieve digitale betaalopties voor mensen die geen bankrekening hebben.
Daarnaast kunnen hybride betaalmodellen worden onderzocht, waarbij klanten de keuze hebben tussen contante en digitale betalingen, zonder dat er een groep wordt benadeeld.

Conclusie
De overstap naar een cashloze samenleving heeft zowel voordelen als nadelen. Aan de ene kant leidt het tot snellere en veiligere transacties en kan het zelfs milieuvriendelijker zijn. Aan de andere kant brengt het risico’s met zich mee voor kwetsbare groepen en maakt het de samenleving afhankelijker van technologie.

De toekomst lijkt duidelijk: digitale betalingen zullen blijven groeien en steeds meer bedrijven zullen contant geld afschaffen. Toch is het belangrijk dat er oplossingen worden gevonden voor mensen die nog steeds afhankelijk zijn van cash. Alleen op die manier kan een cashloze samenleving echt inclusief en toegankelijk zijn voor iedereen.

Actueel
Enorme klap voor iedereen met een huurwoning

Woningtekort blijft groeien: verkoopgolf van huurwoningen dreigt de crisis verder te verdiepen
Het woningtekort in Nederland blijft hardnekkig oplopen en is inmiddels uitgekomen op circa 410.000 woningen. Daarmee staat de druk op de woningmarkt op een historisch hoog niveau. Alsof dat nog niet genoeg is, wijst nieuw onderzoek erop dat er nog meer problemen op komst zijn. Zowel beleggers als woningcorporaties zijn namelijk van plan om de komende jaren nog meer huurwoningen te verkopen. De gevolgen daarvan kunnen ingrijpend zijn voor huurders, starters en gezinnen.

Het vooruitzicht: een verder krimpend huuraanbod, stijgende huren in de vrije sector en een generatie jongeren die noodgedwongen langer bij hun ouders blijft wonen.
Alarmerend rapport over de toekomst van huurwoningen
Uit een gezamenlijk rapport van Capital Value en ABF Research, opgesteld in opdracht van de overheid, blijkt dat de bereidheid om huurwoningen te verkopen groot is. Meer dan de helft van de ondervraagde partijen geeft aan dat zij hun huurbezit verder willen afbouwen.
Concreet zegt 56 procent van de woningcorporaties te verwachten dat zij in de komende jaren meer woningen zullen “uitponden”. Uitponden betekent dat huurwoningen bij mutatie — dus wanneer een huurder vertrekt — niet opnieuw worden verhuurd, maar te koop worden gezet.
Ook particuliere en institutionele beleggers volgen deze strategie steeds vaker.

Waarom corporaties en beleggers verkopen
Voor woningcorporaties is de verkoop van huurwoningen geen doel op zich, maar een middel. De opbrengsten worden ingezet voor nieuwbouwprojecten en voor het verduurzamen van bestaande woningen. In theorie zou dat op lange termijn moeten bijdragen aan meer en betere woningen.
In de praktijk wringt het echter. De verkoop gebeurt sneller dan de nieuwbouw kan worden gerealiseerd, waardoor het netto-aanbod aan huurwoningen verder afneemt.
Beleggers hebben weer andere motieven. Volgens Arjan Peerboom, directeur van Capital Value, speelt vooral de veranderde financiële context een rol. “Beleggers kiezen steeds vaker voor individuele verkoop vanwege hogere fiscale lasten en lagere rendementen bij het aanhouden van huurwoningen,” aldus Peerboom.

Een harde klap voor huurders en starters
De gevolgen van deze verkoopgolf zijn aanzienlijk. Minder huurwoningen betekent meer concurrentie op een markt die al extreem krap is. Vooral in de vrije huursector, waar de huren minder gereguleerd zijn, zal dat leiden tot forse prijsstijgingen.
Voor jongeren en starters wordt het daardoor steeds moeilijker om een zelfstandige woning te vinden. Veel twintigers en dertigers blijven noodgedwongen langer thuis wonen of delen een woning, simpelweg omdat er geen betaalbare alternatieven zijn.
Ook gezinnen die willen doorstromen, lopen vast. Wie een betaalbare huurwoning verlaat, heeft geen garantie dat er iets passends voor terugkomt.

Cijfers laten trend duidelijk zien
De trend is al zichtbaar in de cijfers. In 2024 werden 26.180 huurwoningen verkocht. Dat aantal ligt fors hoger dan in eerdere jaren en vormt een duidelijke aanwijzing dat het uitponden structureel is geworden.
Als deze ontwikkeling doorzet — en daar wijzen de huidige plannen op — zal het tekort aan huurwoningen verder oplopen. Dat werkt als een vicieuze cirkel: minder aanbod leidt tot hogere prijzen, waardoor nog meer mensen buiten de boot vallen.
Nieuwbouw kan tempo niet bijhouden
Tegenover de verkoop van huurwoningen staat de bouw van nieuwe woningen. In 2025 werden 69.200 nieuwbouwwoningen opgeleverd. Voor dit jaar wordt een stijging verwacht naar ongeveer 88.000 woningen. Dat lijkt positief, maar het is onvoldoende om het bestaande tekort snel terug te dringen.
Bovendien is er een zorgwekkende ontwikkeling zichtbaar aan de voorkant van de bouwketen. Het aantal bouwvergunningen bevindt zich momenteel in een “stevige dip”, zo meldt De Telegraaf. Minder vergunningen vandaag betekent minder opleveringen over enkele jaren.
Buitenlandse investeerders haken af
Een belangrijke factor in de teruglopende bouwactiviteit is het afhaken van buitenlandse beleggers. Hun aandeel in de financiering van Nederlandse woningbouwprojecten is gedaald naar slechts 7 procent, het laagste niveau ooit gemeten.
Internationale investeerders noemen meerdere obstakels:
-
De hoge overdrachtsbelasting in Nederland
-
Strenge huurwetgeving, vooral in de gereguleerde sector
-
Veranderde fiscale regels, waardoor rendementen onder druk staan
Als gevolg daarvan bouwen buitenlandse partijen hun vastgoedportefeuilles in Nederland af.
Afnemend buitenlands bezit
De cijfers onderstrepen die trend. Begin vorig jaar bezaten buitenlandse beleggers nog ongeveer 80.000 huurwoningen in Nederland. Inmiddels is dat aantal gedaald naar 72.500. Die woningen verdwijnen niet van de markt, maar worden verkocht — vaak aan particulieren die ze zelf gaan bewonen.
Hoewel dat voor individuele kopers gunstig kan zijn, betekent het op macroniveau opnieuw een krimp van het huuraanbod.
Politieke en maatschappelijke onrust
De ontwikkelingen zorgen voor groeiende maatschappelijke en politieke onrust. Op sociale media en in het publieke debat klinkt steeds vaker de vraag hoe het mogelijk is dat het woningtekort blijft oplopen, terwijl de behoefte aan betaalbare woonruimte zo groot is.
Sommige opiniemakers wijzen erop dat vooral Nederlandse starters en jonge gezinnen de gevolgen voelen. Zij stellen hun toekomstplannen uit, wonen langer bij hun ouders en ervaren steeds meer onzekerheid over wonen en samenleven.
Structureel probleem vraagt structurele oplossingen
Experts zijn het erover eens dat het woningtekort niet met één maatregel kan worden opgelost. Het gaat om een structureel probleem, waarin bouwtempo, regelgeving, financiering en demografie samenkomen.
Zonder versnelling van de bouw, stabiel beleid voor investeerders en bescherming van het huuraanbod dreigt de situatie verder te verslechteren. De verkoop van huurwoningen kan op korte termijn geld opleveren, maar vergroot het probleem zolang de nieuwbouw achterblijft.
Wat betekent dit voor de komende jaren?
Als de huidige trends zich doorzetten, moeten huurders zich voorbereiden op:
-
Minder keuze op de huurmarkt
-
Langere wachttijden voor betaalbare woningen
-
Stijgende huren, vooral in de vrije sector
-
Meer jongeren die langer thuis blijven wonen
Zonder ingrijpen kan het woningtekort de komende jaren nog verder oplopen, ondanks alle ambities en plannen.
Conclusie: druk op woningmarkt neemt verder toe
Het oplopende woningtekort, gecombineerd met de geplande verkoop van huurwoningen door corporaties en beleggers, vormt een zorgwekkende cocktail. Hoewel nieuwbouwprojecten in de planning staan, blijft het tempo onvoldoende om de uitstroom uit de huursector te compenseren.
Voor huurders, starters en gezinnen betekent dit aanhoudende onzekerheid. De cijfers laten zien dat het probleem niet vanzelf verdwijnt. Zonder duidelijke koers en langdurige oplossingen blijft de Nederlandse woningmarkt gevangen in een crisis die steeds meer mensen direct raakt.