Actueel
Max Verstappen heeft groot nieuws voor alle Nederlanders
Max Verstappen staat voor een van de meest persoonlijke keuzes uit zijn carrière: welk nummer wordt zijn nieuwe identiteit in de Formule 1?
Max Verstappen heeft in zijn loopbaan al talloze grote beslissingen moeten nemen—over teamstrategieën, contracten, technische richtingen en sportieve doelstellingen. Maar de keuze waar hij nu voor staat, is van een heel andere orde. Nu hij zijn iconische nummer 1 moet inruilen na het verliezen van de wereldtitel, vraagt iedereen zich af: welk rugnummer gaat Verstappen dragen wanneer hij in 2026 opnieuw aan de start verschijnt?

Op het eerste gezicht lijkt het misschien een technisch detail. Een nummer op een auto, meer niet. Maar in de moderne Formule 1 is een startnummer veel meer dan dat. Het vormt een merk, een identiteit, een signatuur die jarenlang op merchandise, petjes, helmen en posters prijkt. Het is een stukje van de coureur dat de fans dagelijks met zich meedragen. En voor iemand als Verstappen, die inmiddels uitgegroeid is tot een van de grootste coureurs van zijn generatie, is zo’n keuze geen kleinigheid.
Een onverwachte situatie: voor het eerst sinds 2021 geen nummer 1
Het verlies van de wereldtitel betekent dat Verstappen in 2026 niet langer automatisch recht heeft op het prestigieuze nummer 1. Dat nummer behoort alleen toe aan de regerend wereldkampioen. Vanaf het moment dat zijn seizoen eindigde, was dus duidelijk dat de Nederlander zou moeten terugvallen op een nieuw permanent nummer.
Alle ogen waren direct gericht
op de 33, het nummer waarmee hij jarenlang reed. Maar opmerkelijk
genoeg liet Verstappen in een openhartig interview met DAZN Spanje
weten dat een simpele terugkeer naar zijn oude vertrouwde getal
niet per se vanzelfsprekend is.
“Ik denk er goed over
na,” zei hij. “Er zijn meerdere opties die ik echt mooi
vind.”
Die woorden openen een wereld van mogelijkheden—misschien wel meer dan de fans ooit hadden verwacht.

De nieuwe Formule 1-regel die alles verandert
Vanaf 2026 introduceert de FIA een opmerkelijke nieuwe regel: elke coureur krijgt één keer in zijn carrière de kans om zijn permanente racenummer te wijzigen. Tot nu toe kon dat alleen wanneer je wereldkampioen werd en tijdelijk koos voor nummer 1.
Voor Verstappen betekent dit dat hij niet per se vastzit aan zijn oude 33. Hij mag, geheel vrij, een ander nummer kiezen dat beter past bij de coureur die hij inmiddels is. Het biedt hem een unieke kans om zijn identiteit opnieuw vorm te geven na een periode waarin hij vier wereldtitels verzamelde en uitgroeide tot een globale supersterrennaam binnen de autosport.
Het is dus meer dan een formaliteit: het is een kans om een statement te maken.

Nummer 33: een hoofdstuk dat misschien afgesloten is
Het getal 33 was jarenlang onlosmakelijk verbonden met Verstappen. Het stond op de Toro Rosso waarmee hij als tiener debuteerde, op de Red Bull waarmee hij zijn eerste zege behaalde in Barcelona, en het groeide uit tot een wereldwijd herkenbaar symbool. Fans verfden het op spandoeken, reden ermee op skelters en bestelden merchandise met enorme hoeveelheden tegelijk.
Maar volgens mensen in zijn
nabije omgeving voelt Verstappen dat nummer inmiddels vooral als
een herinnering aan zijn beginperiode. Een periode waarin hij
vooral moest knokken, zoeken, vechten en bewijzen.
“33 hoort bij mijn
begin,” zou hij intern hebben
gezegd. “Bij de
jongen die nog alles moest laten zien.”
Juist daarom twijfelt hij. Hij is niet meer de jonge nieuwkomer; hij is een viervoudig wereldkampioen met een compleet andere status.

De emotionele favoriet: nummer 3
Veel fans weten het: nummer 3 is misschien wel het meest persoonlijke getal in Verstappens leven. Het is het nummer waarmee hij in zijn karttijd vrijwel onafgebroken kampioen werd, het getal dat in zijn familie altijd een bijzondere betekenis heeft gehad en het nummer dat hij eigenlijk had willen dragen toen hij naar de Formule 1 kwam.
Dat kon destijds niet, omdat Daniel Ricciardo het al gebruikte. Maar Ricciardo heeft de Formule 1 inmiddels verlaten, waardoor het nummer officieel weer beschikbaar is.
Volgens bronnen rond het Red Bull-kamp heeft Verstappen al gesprekken gevoerd met de FIA én persoonlijk contact gelegd met Ricciardo. De Australiër zou direct hebben aangegeven dat hij het een eer vindt als Verstappen de 3 wil dragen. De twee hebben jarenlang een warme band gehad, ondanks hun rivaliteit op de baan.
Als Max daadwerkelijk voor de 3 kiest, betekent het een terugkeer naar zijn sportieve roots—een symbolische reis terug naar het begin, maar dan als volwassen kampioen.
Een compleet nieuw nummer? Verstappen sluit het niet uit
Naast de 33 en de 3 wordt er fluisterend nog over andere getallen gesproken. Volgens mensen die dicht bij hem staan, overweegt hij ook een getal dat zijn huidige carrièrefase weerspiegelt:
-
Nummer 4, als verwijzing naar zijn vier behaalde wereldtitels.
-
Nummer 26, als knipoog naar persoonlijke numerologie rondom zijn geboortedatum.
-
Nummer 01, een creatief eerbetoon aan de periode waarin hij als wereldkampioen met het nummer 1 reed.
Een geheel nieuw nummer zou een volledig nieuw tijdperk symboliseren. Het zou laten zien dat Verstappen niet alleen een coureur is die titels jaagt, maar een sporticoon dat zijn eigen pad vormgeeft.
Voor Red Bull en zijn sponsors zou het ook een commerciële droom zijn: een volledig nieuwe merchandise-lijn rondom een nieuw Verstappen-symbool.
De deadline nadert
Red Bull presenteert traditioneel in februari hun nieuwe auto. Op dat moment moeten het racenummer, de helmontwerpen en de officiële teamfoto’s allemaal gereed zijn. De FIA wil eveneens vóór de wintertests de definitieve gridlijst publiceren.
Dat betekent dat Verstappen zijn keuze binnen enkele weken definitief moet maken. Een keuze die mogelijk tien jaar of langer zichtbaar zal zijn op miljoenen schermen, shirts, schaalmodellen en petjes wereldwijd.
De spanning hierover is enorm—en niet alleen bij fans, maar ook binnen het Formule 1-paddock.
De fans zijn verdeeld: welk nummer moet het worden?
Op social media zijn de reacties explosief:
-
Team 33 houdt vast aan nostalgie: het nummer dat Verstappen groot maakte.
-
Team 3 ziet de terugkeer naar zijn kartnummer als een emotioneel kippenvelmoment.
-
Team New Number hoopt op iets baanbrekends, iets dat past bij een nieuwe fase in zijn carrière.
Onder elke post van Verstappen gaat het gesprek vrijwel meteen over zijn nieuwe nummer. Het leeft. Het verbindt miljoenen fans wereldwijd.
De uitspraak die alles zegt
In het DAZN-interview deed
Verstappen één opmerking die misschien wel de sleutel is tot zijn
uiteindelijke keuze:
“Ik wil een nummer waar
ik over twintig jaar nog steeds trots op ben als ik erop
terugkijk.”
Dat zegt alles. Hij zoekt geen nummer voor marketing, geen nummer voor nostalgie, maar een nummer dat zijn hoofdstuk als volwassen, gevestigde F1-legende definieert.
Welke richting het ook op gaat — de hele autosportwereld kijkt mee. En één ding staat vast: wat hij kiest, wordt geschiedenis.
Actueel
Enorme klap voor iedereen met een huurwoning

Woningtekort blijft groeien: verkoopgolf van huurwoningen dreigt de crisis verder te verdiepen
Het woningtekort in Nederland blijft hardnekkig oplopen en is inmiddels uitgekomen op circa 410.000 woningen. Daarmee staat de druk op de woningmarkt op een historisch hoog niveau. Alsof dat nog niet genoeg is, wijst nieuw onderzoek erop dat er nog meer problemen op komst zijn. Zowel beleggers als woningcorporaties zijn namelijk van plan om de komende jaren nog meer huurwoningen te verkopen. De gevolgen daarvan kunnen ingrijpend zijn voor huurders, starters en gezinnen.

Het vooruitzicht: een verder krimpend huuraanbod, stijgende huren in de vrije sector en een generatie jongeren die noodgedwongen langer bij hun ouders blijft wonen.
Alarmerend rapport over de toekomst van huurwoningen
Uit een gezamenlijk rapport van Capital Value en ABF Research, opgesteld in opdracht van de overheid, blijkt dat de bereidheid om huurwoningen te verkopen groot is. Meer dan de helft van de ondervraagde partijen geeft aan dat zij hun huurbezit verder willen afbouwen.
Concreet zegt 56 procent van de woningcorporaties te verwachten dat zij in de komende jaren meer woningen zullen “uitponden”. Uitponden betekent dat huurwoningen bij mutatie — dus wanneer een huurder vertrekt — niet opnieuw worden verhuurd, maar te koop worden gezet.
Ook particuliere en institutionele beleggers volgen deze strategie steeds vaker.

Waarom corporaties en beleggers verkopen
Voor woningcorporaties is de verkoop van huurwoningen geen doel op zich, maar een middel. De opbrengsten worden ingezet voor nieuwbouwprojecten en voor het verduurzamen van bestaande woningen. In theorie zou dat op lange termijn moeten bijdragen aan meer en betere woningen.
In de praktijk wringt het echter. De verkoop gebeurt sneller dan de nieuwbouw kan worden gerealiseerd, waardoor het netto-aanbod aan huurwoningen verder afneemt.
Beleggers hebben weer andere motieven. Volgens Arjan Peerboom, directeur van Capital Value, speelt vooral de veranderde financiële context een rol. “Beleggers kiezen steeds vaker voor individuele verkoop vanwege hogere fiscale lasten en lagere rendementen bij het aanhouden van huurwoningen,” aldus Peerboom.

Een harde klap voor huurders en starters
De gevolgen van deze verkoopgolf zijn aanzienlijk. Minder huurwoningen betekent meer concurrentie op een markt die al extreem krap is. Vooral in de vrije huursector, waar de huren minder gereguleerd zijn, zal dat leiden tot forse prijsstijgingen.
Voor jongeren en starters wordt het daardoor steeds moeilijker om een zelfstandige woning te vinden. Veel twintigers en dertigers blijven noodgedwongen langer thuis wonen of delen een woning, simpelweg omdat er geen betaalbare alternatieven zijn.
Ook gezinnen die willen doorstromen, lopen vast. Wie een betaalbare huurwoning verlaat, heeft geen garantie dat er iets passends voor terugkomt.

Cijfers laten trend duidelijk zien
De trend is al zichtbaar in de cijfers. In 2024 werden 26.180 huurwoningen verkocht. Dat aantal ligt fors hoger dan in eerdere jaren en vormt een duidelijke aanwijzing dat het uitponden structureel is geworden.
Als deze ontwikkeling doorzet — en daar wijzen de huidige plannen op — zal het tekort aan huurwoningen verder oplopen. Dat werkt als een vicieuze cirkel: minder aanbod leidt tot hogere prijzen, waardoor nog meer mensen buiten de boot vallen.
Nieuwbouw kan tempo niet bijhouden
Tegenover de verkoop van huurwoningen staat de bouw van nieuwe woningen. In 2025 werden 69.200 nieuwbouwwoningen opgeleverd. Voor dit jaar wordt een stijging verwacht naar ongeveer 88.000 woningen. Dat lijkt positief, maar het is onvoldoende om het bestaande tekort snel terug te dringen.
Bovendien is er een zorgwekkende ontwikkeling zichtbaar aan de voorkant van de bouwketen. Het aantal bouwvergunningen bevindt zich momenteel in een “stevige dip”, zo meldt De Telegraaf. Minder vergunningen vandaag betekent minder opleveringen over enkele jaren.
Buitenlandse investeerders haken af
Een belangrijke factor in de teruglopende bouwactiviteit is het afhaken van buitenlandse beleggers. Hun aandeel in de financiering van Nederlandse woningbouwprojecten is gedaald naar slechts 7 procent, het laagste niveau ooit gemeten.
Internationale investeerders noemen meerdere obstakels:
-
De hoge overdrachtsbelasting in Nederland
-
Strenge huurwetgeving, vooral in de gereguleerde sector
-
Veranderde fiscale regels, waardoor rendementen onder druk staan
Als gevolg daarvan bouwen buitenlandse partijen hun vastgoedportefeuilles in Nederland af.
Afnemend buitenlands bezit
De cijfers onderstrepen die trend. Begin vorig jaar bezaten buitenlandse beleggers nog ongeveer 80.000 huurwoningen in Nederland. Inmiddels is dat aantal gedaald naar 72.500. Die woningen verdwijnen niet van de markt, maar worden verkocht — vaak aan particulieren die ze zelf gaan bewonen.
Hoewel dat voor individuele kopers gunstig kan zijn, betekent het op macroniveau opnieuw een krimp van het huuraanbod.
Politieke en maatschappelijke onrust
De ontwikkelingen zorgen voor groeiende maatschappelijke en politieke onrust. Op sociale media en in het publieke debat klinkt steeds vaker de vraag hoe het mogelijk is dat het woningtekort blijft oplopen, terwijl de behoefte aan betaalbare woonruimte zo groot is.
Sommige opiniemakers wijzen erop dat vooral Nederlandse starters en jonge gezinnen de gevolgen voelen. Zij stellen hun toekomstplannen uit, wonen langer bij hun ouders en ervaren steeds meer onzekerheid over wonen en samenleven.
Structureel probleem vraagt structurele oplossingen
Experts zijn het erover eens dat het woningtekort niet met één maatregel kan worden opgelost. Het gaat om een structureel probleem, waarin bouwtempo, regelgeving, financiering en demografie samenkomen.
Zonder versnelling van de bouw, stabiel beleid voor investeerders en bescherming van het huuraanbod dreigt de situatie verder te verslechteren. De verkoop van huurwoningen kan op korte termijn geld opleveren, maar vergroot het probleem zolang de nieuwbouw achterblijft.
Wat betekent dit voor de komende jaren?
Als de huidige trends zich doorzetten, moeten huurders zich voorbereiden op:
-
Minder keuze op de huurmarkt
-
Langere wachttijden voor betaalbare woningen
-
Stijgende huren, vooral in de vrije sector
-
Meer jongeren die langer thuis blijven wonen
Zonder ingrijpen kan het woningtekort de komende jaren nog verder oplopen, ondanks alle ambities en plannen.
Conclusie: druk op woningmarkt neemt verder toe
Het oplopende woningtekort, gecombineerd met de geplande verkoop van huurwoningen door corporaties en beleggers, vormt een zorgwekkende cocktail. Hoewel nieuwbouwprojecten in de planning staan, blijft het tempo onvoldoende om de uitstroom uit de huursector te compenseren.
Voor huurders, starters en gezinnen betekent dit aanhoudende onzekerheid. De cijfers laten zien dat het probleem niet vanzelf verdwijnt. Zonder duidelijke koers en langdurige oplossingen blijft de Nederlandse woningmarkt gevangen in een crisis die steeds meer mensen direct raakt.