Connect with us

Actueel

Eindstation nadert voor Caroline Tensen: ‘Het is nu gewoon heel erg zichtbaar’

Published

on

Kijkcijfers Eén tegen 100 blijven dalen: hoe lang houdt RTL 4 het nog vol?

Het spelprogramma Eén tegen 100, al jaren een vertrouwde titel op televisie, kampt met steeds lagere kijkcijfers. Ondanks de strategische verhuizing naar de zaterdagavond weet het programma, gepresenteerd door Caroline Tensen, het publiek niet meer in dezelfde mate aan zich te binden. De daling is inmiddels zo sterk dat het programma onder de prestaties van VriendenLoterij Miljonairs duikt — een show die eerder al van de buis verdween vanwege tegenvallende cijfers.

Het roept een steeds dringender vraag op: is Eén tegen 100 bezig aan zijn laatste hoofdstuk op RTL 4?


Tv-kenner Victor Vlam: “Het zijn desastreuze cijfers”

Mediakenner Victor Vlam neemt geen blad voor de mond in zijn podcast Victor Duidt TV. Volgens hem gaat het niet om een lichte daling, maar om een structureel probleem dat al jaren zichtbaar is.

“De kijkcijfers zijn echt desastreus,” zegt hij, terwijl hij verwijst naar de gloriedagen van het programma. “In 2012 en 2013 scoorde Eén tegen 100 zelfs beter dan Miljoenenjacht. Dat is bijna niet voor te stellen als je ziet waar het nu staat.”

Waar het programma vroeger moeiteloos honderdduizenden kijkers aan zich bond, lukt het tegenwoordig nog maar om een derde daarvan vast te houden. Het is een trend die volgens Vlam niet van de ene op de andere dag is ontstaan.

“Er zijn vernieuwingen doorgevoerd, er is gesleuteld aan de formule, maar niets heeft kunnen voorkomen dat de neerwaartse lijn doorzette. En nu wordt het pijnlijk zichtbaar.”


Zoeken naar nieuwe richtingen: is het einde van het programma in zicht?

Volgens Vlam is niet alleen RTL 4 aan het kijken naar oplossingen, maar vooral ook de Postcode Loterij, de vaste partner van het programma. Hij ziet duidelijke signalen dat er wordt nagedacht over een opvolger.

“Nieuwe formats zoals Schat Je Rijk met Humberto Tan en In de Ring met Linda de Mol verschijnen niet voor niets. Dat soort titels komen er omdat men voelt dat er beweging moet komen.”

Hij noemt het programma zelfs “op”, een term die aangeeft dat de formule misschien zijn maximale houdbaarheid heeft bereikt. En dat heeft mogelijk gevolgen voor de rol van Caroline Tensen.


Staat Caroline Tensen op een keerpunt in haar carrière?

Hoewel Caroline Tensen jarenlang één van de vaste gezichten was in verschillende spelshows, denkt Vlam dat zij nu op een punt komt waarop er minder vanzelfsprekend kansen liggen.

“Ze is een presentatrice met charisma, maar je ziet dat haar tv-carrière richting een eindfase beweegt,” zegt hij. “Dat gebeurt bij veel bekende namen. Wendy van Dijk heeft het eerder gemerkt, en Caroline zit op een vergelijkbare positie.”

In Hilversum speelt al langer een generatiewisseling. Nieuwe presentatoren, nieuwe formats en nieuwe manieren van contentconsumeren zorgen ervoor dat vertrouwde tv-gezichten minder vaak automatisch worden ingezet. Vlam ziet die trend ook terug in de rol van Tensen.


Kritiek op haar presentatie: “Niet de sterkste in dit genre”

Hoewel Tensen veel ervaring heeft en bij een groot deel van het publiek geliefd is, ziet Vlam duidelijke beperkingen in haar tv-stijl. Hij wijst vooral op het verschil in spanningsopbouw tussen haar en collega-presentatoren.

“Linda de Mol weet spanning op te bouwen, het publiek in te pakken, de deelnemers mee te nemen. Dat is een kwaliteit die Caroline minder heeft,” zegt hij.

Daarnaast verwijst hij naar eerdere momenten waarop Tensen inviel bij andere programma’s.

  • Bij RTL Boulevard kwamen er volgens hem klachten binnen over haar manier van autocue lezen.

  • Bij 5 Uur Live zou ze moeite hebben gehad met de zwaardere gespreksonderwerpen.

Het zijn signalen die laten zien dat ze niet in elk format optimaal tot haar recht komt.


Kan een nieuwe presentator het programma redden?

Als RTL 4 besluit om door te gaan met Eén tegen 100, dan ziet Vlam eigenlijk nog maar één serieuze optie: een wisseling van presentator.

“Als je het programma nieuw leven wil inblazen, dan moet je kijken naar een frisse presentatie. Een andere host kan een nieuwe dynamiek brengen.”

Maar zo’n ingreep zou voor Caroline Tensen een enorme klap zijn. Ze presenteert momenteel maar een beperkt aantal programma’s, en het verlies van deze titel zou haar zichtbaarheid op tv verder verkleinen.

Een geheel nieuw format voor haar ziet Vlam niet snel ontstaan. “Veel van de programma’s die zij doet, halen niet meer het succes van vroeger. Dat maakt de kans op een grote comeback kleiner.”

Dat betekent niet dat Tensen geen waarde heeft binnen de tv-wereld — juist haar warme presentatie en herkenbaarheid hebben haar jarenlang geliefd gemaakt — maar het geeft wel aan dat Hilversum verandert.


De zaterdagavond bleek geen redding

RTL 4 hoopte dat een verhuizing naar de zaterdagavond nieuwe energie zou brengen. In televisie is dat een belangrijke plek: veel mensen zitten thuis, families kijken gezamenlijk en spelshows doen het historisch gezien goed op dat moment.

Toch heeft die verschuiving weinig opgeleverd. De kijkcijfers bleven dalen en bleken zelfs lager dan VriendenLoterij Miljonairs, dat om dezelfde reden eerder werd stopgezet. Een pijnlijke constatering voor een titel die ooit tot de best bekeken shows van de zender hoorde.

Het publiek zoekt tegenwoordig niet meer uitsluitend vaste spelshows op zaterdagavond. Streamingdiensten, korte formats, TikTok-content en online games concurreren inmiddels met traditionele tv. Dat heeft directe invloed op programma’s die leunen op ritme en vaste formats.


Een bredere ontwikkeling in tv-land

Vlam benadrukt dat de daling van Eén tegen 100 niet losstaat van de rest van het televisielandschap. Veel gevestigde programma’s verliezen kijkers, soms versneld, soms geleidelijk.

Er zijn drie belangrijke oorzaken:

  1. Publiek kijkt steeds minder lineair.
    Live-tv is vooral populair bij sport en grote shows. Spelprogramma’s missen die urgentie.

  2. Verzadiging van klassieke formats.
    Spelshows die decennialang populair waren, moeten nu concurreren met innovatieve formats die jongere kijkers beter aanspreken.

  3. Versnelde generatiewisseling bij presentatoren.
    Zenders investeren meer in nieuw talent en minder in vertrouwde gezichten die vooral bij oudere kijkers scoren.

In dat licht heeft Eén tegen 100 het extra lastig.


Wat nu? Drie scenario’s voor de toekomst

Hoewel RTL 4 nog geen officiële beslissing heeft genomen, schetsen mediadeskundigen drie mogelijke opties:

1. Het programma stopt in de huidige vorm.

De dalende cijfers kunnen ertoe leiden dat RTL 4 besluit om de stekker eruit te trekken, zeker als sponsoren verder willen kijken.

2. Het programma krijgt een nieuwe presentator.

Een frisse host brengt nieuwe energie en kan een jonger publiek aantrekken.

3. Een grondige make-over van de formule.

Nieuwe rondes, meer spanning, of integratie met online componenten zouden het format toekomstbestendig kunnen maken.

Welke richting het ook wordt: voor Caroline Tensen en voor de fans van het programma zal het een spannend moment worden.


Conclusie: een belangrijke fase voor Eén tegen 100 en voor Caroline Tensen

Het spelprogramma staat op een kantelpunt. De kijkcijfers blijven dalen, de concurrentie wordt groter en nieuwe formats staan klaar om het stokje over te nemen. Tv-kenner Victor Vlam is helder in zijn analyse: als er niets verandert, is het einde in zicht.

Voor Caroline Tensen betekent dit dat haar positie onder druk staat, net als die van diverse collega’s die te maken hebben met een verschuivend medialandschap. Haar ervaring en warmte blijven gewaardeerd, maar het publiek zoekt zichtbaar andere vormen van entertainment.

Wat RTL 4 uiteindelijk besluit, zal bepalen of Eén tegen 100 een nieuw hoofdstuk begint — of zijn laatste pagina’s nadert.

Actueel

Enorme klap voor iedereen met een huurwoning

Published

on

Woningtekort blijft groeien: verkoopgolf van huurwoningen dreigt de crisis verder te verdiepen

Het woningtekort in Nederland blijft hardnekkig oplopen en is inmiddels uitgekomen op circa 410.000 woningen. Daarmee staat de druk op de woningmarkt op een historisch hoog niveau. Alsof dat nog niet genoeg is, wijst nieuw onderzoek erop dat er nog meer problemen op komst zijn. Zowel beleggers als woningcorporaties zijn namelijk van plan om de komende jaren nog meer huurwoningen te verkopen. De gevolgen daarvan kunnen ingrijpend zijn voor huurders, starters en gezinnen.

Het vooruitzicht: een verder krimpend huuraanbod, stijgende huren in de vrije sector en een generatie jongeren die noodgedwongen langer bij hun ouders blijft wonen.


Alarmerend rapport over de toekomst van huurwoningen

Uit een gezamenlijk rapport van Capital Value en ABF Research, opgesteld in opdracht van de overheid, blijkt dat de bereidheid om huurwoningen te verkopen groot is. Meer dan de helft van de ondervraagde partijen geeft aan dat zij hun huurbezit verder willen afbouwen.

Concreet zegt 56 procent van de woningcorporaties te verwachten dat zij in de komende jaren meer woningen zullen “uitponden”. Uitponden betekent dat huurwoningen bij mutatie — dus wanneer een huurder vertrekt — niet opnieuw worden verhuurd, maar te koop worden gezet.

Ook particuliere en institutionele beleggers volgen deze strategie steeds vaker.


Waarom corporaties en beleggers verkopen

Voor woningcorporaties is de verkoop van huurwoningen geen doel op zich, maar een middel. De opbrengsten worden ingezet voor nieuwbouwprojecten en voor het verduurzamen van bestaande woningen. In theorie zou dat op lange termijn moeten bijdragen aan meer en betere woningen.

In de praktijk wringt het echter. De verkoop gebeurt sneller dan de nieuwbouw kan worden gerealiseerd, waardoor het netto-aanbod aan huurwoningen verder afneemt.

Beleggers hebben weer andere motieven. Volgens Arjan Peerboom, directeur van Capital Value, speelt vooral de veranderde financiële context een rol. “Beleggers kiezen steeds vaker voor individuele verkoop vanwege hogere fiscale lasten en lagere rendementen bij het aanhouden van huurwoningen,” aldus Peerboom.


Een harde klap voor huurders en starters

De gevolgen van deze verkoopgolf zijn aanzienlijk. Minder huurwoningen betekent meer concurrentie op een markt die al extreem krap is. Vooral in de vrije huursector, waar de huren minder gereguleerd zijn, zal dat leiden tot forse prijsstijgingen.

Voor jongeren en starters wordt het daardoor steeds moeilijker om een zelfstandige woning te vinden. Veel twintigers en dertigers blijven noodgedwongen langer thuis wonen of delen een woning, simpelweg omdat er geen betaalbare alternatieven zijn.

Ook gezinnen die willen doorstromen, lopen vast. Wie een betaalbare huurwoning verlaat, heeft geen garantie dat er iets passends voor terugkomt.


Cijfers laten trend duidelijk zien

De trend is al zichtbaar in de cijfers. In 2024 werden 26.180 huurwoningen verkocht. Dat aantal ligt fors hoger dan in eerdere jaren en vormt een duidelijke aanwijzing dat het uitponden structureel is geworden.

Als deze ontwikkeling doorzet — en daar wijzen de huidige plannen op — zal het tekort aan huurwoningen verder oplopen. Dat werkt als een vicieuze cirkel: minder aanbod leidt tot hogere prijzen, waardoor nog meer mensen buiten de boot vallen.

 

 


Nieuwbouw kan tempo niet bijhouden

Tegenover de verkoop van huurwoningen staat de bouw van nieuwe woningen. In 2025 werden 69.200 nieuwbouwwoningen opgeleverd. Voor dit jaar wordt een stijging verwacht naar ongeveer 88.000 woningen. Dat lijkt positief, maar het is onvoldoende om het bestaande tekort snel terug te dringen.

Bovendien is er een zorgwekkende ontwikkeling zichtbaar aan de voorkant van de bouwketen. Het aantal bouwvergunningen bevindt zich momenteel in een “stevige dip”, zo meldt De Telegraaf. Minder vergunningen vandaag betekent minder opleveringen over enkele jaren.


Buitenlandse investeerders haken af

Een belangrijke factor in de teruglopende bouwactiviteit is het afhaken van buitenlandse beleggers. Hun aandeel in de financiering van Nederlandse woningbouwprojecten is gedaald naar slechts 7 procent, het laagste niveau ooit gemeten.

Internationale investeerders noemen meerdere obstakels:

  • De hoge overdrachtsbelasting in Nederland

  • Strenge huurwetgeving, vooral in de gereguleerde sector

  • Veranderde fiscale regels, waardoor rendementen onder druk staan

Als gevolg daarvan bouwen buitenlandse partijen hun vastgoedportefeuilles in Nederland af.


Afnemend buitenlands bezit

De cijfers onderstrepen die trend. Begin vorig jaar bezaten buitenlandse beleggers nog ongeveer 80.000 huurwoningen in Nederland. Inmiddels is dat aantal gedaald naar 72.500. Die woningen verdwijnen niet van de markt, maar worden verkocht — vaak aan particulieren die ze zelf gaan bewonen.

Hoewel dat voor individuele kopers gunstig kan zijn, betekent het op macroniveau opnieuw een krimp van het huuraanbod.


Politieke en maatschappelijke onrust

De ontwikkelingen zorgen voor groeiende maatschappelijke en politieke onrust. Op sociale media en in het publieke debat klinkt steeds vaker de vraag hoe het mogelijk is dat het woningtekort blijft oplopen, terwijl de behoefte aan betaalbare woonruimte zo groot is.

Sommige opiniemakers wijzen erop dat vooral Nederlandse starters en jonge gezinnen de gevolgen voelen. Zij stellen hun toekomstplannen uit, wonen langer bij hun ouders en ervaren steeds meer onzekerheid over wonen en samenleven.


Structureel probleem vraagt structurele oplossingen

Experts zijn het erover eens dat het woningtekort niet met één maatregel kan worden opgelost. Het gaat om een structureel probleem, waarin bouwtempo, regelgeving, financiering en demografie samenkomen.

Zonder versnelling van de bouw, stabiel beleid voor investeerders en bescherming van het huuraanbod dreigt de situatie verder te verslechteren. De verkoop van huurwoningen kan op korte termijn geld opleveren, maar vergroot het probleem zolang de nieuwbouw achterblijft.


Wat betekent dit voor de komende jaren?

Als de huidige trends zich doorzetten, moeten huurders zich voorbereiden op:

  • Minder keuze op de huurmarkt

  • Langere wachttijden voor betaalbare woningen

  • Stijgende huren, vooral in de vrije sector

  • Meer jongeren die langer thuis blijven wonen

Zonder ingrijpen kan het woningtekort de komende jaren nog verder oplopen, ondanks alle ambities en plannen.


Conclusie: druk op woningmarkt neemt verder toe

Het oplopende woningtekort, gecombineerd met de geplande verkoop van huurwoningen door corporaties en beleggers, vormt een zorgwekkende cocktail. Hoewel nieuwbouwprojecten in de planning staan, blijft het tempo onvoldoende om de uitstroom uit de huursector te compenseren.

Voor huurders, starters en gezinnen betekent dit aanhoudende onzekerheid. De cijfers laten zien dat het probleem niet vanzelf verdwijnt. Zonder duidelijke koers en langdurige oplossingen blijft de Nederlandse woningmarkt gevangen in een crisis die steeds meer mensen direct raakt.

Continue Reading