Actueel
Grote tegenslag voor Herman van der Zandt: ‘Dit voelt als een nachtmerrie’
Teleurstelling voor Herman van der Zandt: vernieuwde De Reünie flopt bij kijkers
Wat een frisse en eigentijdse herstart van een iconisch televisieprogramma moest worden, eindigde in een forse tegenvaller. De nieuwe versie van De Reünie op NPO 1, gepresenteerd door Herman van der Zandt, wist het publiek niet te overtuigen. De kijkcijfers bleven ver achter, en de reacties op sociale media zijn overwegend kritisch. Waar is het misgegaan met deze ambitieuze herlancering?
Van klassikale emotie naar BN’er-portret
Ooit was De Reünie een vaste waarde in het zondagavondaanbod van de publieke omroep. Het succes schuilde in de herkenbare opzet: een klas vol oud-leerlingen die na decennia weer samenkomt om herinneringen op te halen. Het was een programma waarin nostalgie, persoonlijke groei en groepsdynamiek samenkwamen.
De vernieuwde versie heeft echter gekozen voor een geheel andere benadering. Geen klasreünies meer, maar de persoonlijke levensverhalen van bekende Nederlanders. Elke aflevering draait nu om één centrale gast, met de camera op intieme wijze gericht op verleden, verlies, en verwerking.
Eerste aflevering met Arjan Ederveen raakt, maar niet genoeg
De aftrap van het vernieuwde format had veel potentie. Acteur en schrijver Arjan Ederveen stond centraal in de eerste aflevering. Hij blikte terug op zijn jeugd, zijn tijd in de musical Oliver! en sprak openhartig over het overlijden van zijn broer en de ziekte van zijn vader.
Ederveen toonde zich kwetsbaar. “Ik ben normaal een gesloten mens,” zei hij. “Maar dit verhaal moest verteld worden.” De presentatie van Herman van der Zandt was ingetogen en respectvol. Toch sloeg het programma de plank mis bij het grote publiek.
Teleurstellende kijkcijfers: slechts 424.000 kijkers
Volgens kijkcijferexpert Tina Nijkamp is de uitzending een “nachtmerrie” voor de publieke omroep. De eerste aflevering trok slechts 424.000 kijkers – een desastreus laag aantal voor een prime time-show op NPO 1. Ter vergelijking: herhalingen van Radar of Spoorloos trekken met gemak twee keer zoveel kijkers.
Nijkamp: “Het programma mist richting. Het lijkt op zoveel andere praatprogramma’s met BN’ers. Daarmee verliest het zijn unieke karakter.” En daarin schuilt wellicht de kern van het probleem: De Reünie is zijn identiteit kwijt.
Wat ging er mis met het nieuwe format?
De kracht van het originele format zat in de groep. De klas fungeerde als mini-maatschappij: je zag verschillende levenslopen, keuzes, successen en mislukkingen samenkomen. Kijkers herkenden zichzelf in het geheel.
Het nieuwe format kiest voor verdieping in één persoon. Maar die keuze maakt het programma kwetsbaar voor vergelijking met concurrenten als De Geknipte Gast, Sterren op het Doek of De Verwondering. Daarin zijn persoonlijke gesprekken met BN’ers al jaren het uitgangspunt – vaak met succes en scherpe presentatie.
Herman van der Zandt: degelijk, maar mist ‘bite’
Herman van der Zandt is geliefd als nieuwslezer en presentator. Zijn rustige, bedachtzame stijl werd jarenlang gewaardeerd bij de NOS. Maar bij een programma als De Reünie, waarin emotie en storytelling centraal staan, lijkt hij de connectie met de kijker te missen.
Critici op sociale media noemen hem “te afstandelijk” of “te serieus”. Waar eerdere presentatoren als Patrick Lodiers en Rob Kamphues met flair en warmte de gesprekken aangingen, is Van der Zandt volgens velen te ingetogen. Dat zorgt ervoor dat de emotionele lading van het programma niet altijd overkomt.
De reacties van kijkers: gemengd tot kritisch
Op platforms als X (voorheen Twitter) en Facebook werd druk gereageerd op de eerste aflevering. Positieve geluiden gingen vooral over de openheid van Arjan Ederveen, maar het vernieuwde format kreeg het zwaar te verduren.
“Het lijkt nu gewoon op elk ander praatprogramma met BN’ers,” schreef een kijker. Een ander merkte op: “Waarom zou je De Reünie vernieuwen als het origineel nog steeds werkt? De magie is weg.” Veel mensen gaven aan dat ze het groepsgevoel en de klassikale setting misten – de bankjes, het schoolbord, het collectieve geheugen.
Kans gemist of nog te redden?
Het is een bittere pil voor de NPO. De zender had ingezet op vernieuwing, wellicht om jongere kijkers te trekken of aansluiting te vinden bij hedendaagse televisietrends. Maar het resultaat wijkt zodanig af van het oorspronkelijke concept dat het lijkt alsof men een geheel ander programma onder dezelfde naam heeft willen verkopen.
Toch hoeft het verhaal nog niet ten einde te zijn. De reeks telt meerdere afleveringen, en het is mogelijk dat de opbouw nog leidt tot betere resultaten. Denk aan gasten met een grote fanbase, maatschappelijk relevante thema’s of een hernieuwde balans tussen individu en collectief.
Moet NPO terug naar de oude succesformule?
Veel kijkers en analisten vragen zich af of NPO de juiste keuze heeft gemaakt. In de huidige vorm lijkt De Reünie zich te verliezen in het persoonlijke, waar het juist sterk was in het gemeenschappelijke. Misschien ligt de oplossing in een hybride format: een BN’er als centrale gast die samen met oud-klasgenoten terugblikt. Zo blijft het bekende gezicht een trekpleister, maar krijgt het groepsgevoel weer ruimte.
Een terugkeer naar het oude klasformat – al dan niet gemoderniseerd – zou de betrokkenheid van kijkers kunnen vergroten. Nostalgie, herkenning en gedeelde herinneringen zijn krachtige ingrediënten die het programma jarenlang succesvol maakten.
Wat betekent dit voor Herman van der Zandt?
Voor Van der Zandt was dit project een belangrijke stap. Na zijn vertrek bij de NOS hoopte hij zich te profileren als veelzijdig presentator. Maar een tegenvallende show op prime time kan reputatieschade opleveren. Niet zozeer vanwege zijn prestaties, maar omdat het programma geen klik vindt met de kijker.
Zijn vakmanschap staat buiten kijf, maar in het huidige televisielandschap is dat soms niet genoeg. Presentatoren moeten niet alleen betrouwbaar zijn, maar ook persoonlijkheid en betrokkenheid uitstralen. Daar lijkt Van der Zandt nu mee te worstelen.

Een les voor makers én omroep
Het debacle rond De Reünie laat zien hoe gevoelig kijkers zijn voor veranderingen aan geliefde formats. Vernieuwing is belangrijk, maar moet wel zorgvuldig en met respect voor het origineel gebeuren. Anders ontstaat er verwarring, teleurstelling en afhaken van trouwe kijkers.
De publieke omroep staat voor de uitdaging om te vernieuwen zonder vervreemding te veroorzaken. Dat vraagt om inzicht in wat een programma écht bijzonder maakt – en de moed om bij te sturen als het publiek wegblijft.
Conclusie: veel ambitie, weinig aansluiting
De vernieuwde versie van De Reünie begon met hoge verwachtingen, maar eindigde in een koude ontvangst. De kijkcijfers zijn laag, de reacties kritisch, en de magie van het oorspronkelijke concept lijkt ver weg. Toch is het nog niet te laat voor herstel. Met aanpassingen in het format, een betere balans tussen emotie en herkenning, en misschien zelfs een terugkeer naar klassikale dynamiek, kan het tij nog keren.
Voor Herman van der Zandt is het te hopen dat deze ervaring hem niet ontmoedigt, maar juist motiveert om dichter bij zijn publiek te komen. Want ondanks de mislukte start is er altijd ruimte voor groei – op televisie, en in persoonlijke ontwikkeling.

Actueel
Enorme klap voor iedereen met een huurwoning

Woningtekort blijft groeien: verkoopgolf van huurwoningen dreigt de crisis verder te verdiepen
Het woningtekort in Nederland blijft hardnekkig oplopen en is inmiddels uitgekomen op circa 410.000 woningen. Daarmee staat de druk op de woningmarkt op een historisch hoog niveau. Alsof dat nog niet genoeg is, wijst nieuw onderzoek erop dat er nog meer problemen op komst zijn. Zowel beleggers als woningcorporaties zijn namelijk van plan om de komende jaren nog meer huurwoningen te verkopen. De gevolgen daarvan kunnen ingrijpend zijn voor huurders, starters en gezinnen.

Het vooruitzicht: een verder krimpend huuraanbod, stijgende huren in de vrije sector en een generatie jongeren die noodgedwongen langer bij hun ouders blijft wonen.
Alarmerend rapport over de toekomst van huurwoningen
Uit een gezamenlijk rapport van Capital Value en ABF Research, opgesteld in opdracht van de overheid, blijkt dat de bereidheid om huurwoningen te verkopen groot is. Meer dan de helft van de ondervraagde partijen geeft aan dat zij hun huurbezit verder willen afbouwen.
Concreet zegt 56 procent van de woningcorporaties te verwachten dat zij in de komende jaren meer woningen zullen “uitponden”. Uitponden betekent dat huurwoningen bij mutatie — dus wanneer een huurder vertrekt — niet opnieuw worden verhuurd, maar te koop worden gezet.
Ook particuliere en institutionele beleggers volgen deze strategie steeds vaker.

Waarom corporaties en beleggers verkopen
Voor woningcorporaties is de verkoop van huurwoningen geen doel op zich, maar een middel. De opbrengsten worden ingezet voor nieuwbouwprojecten en voor het verduurzamen van bestaande woningen. In theorie zou dat op lange termijn moeten bijdragen aan meer en betere woningen.
In de praktijk wringt het echter. De verkoop gebeurt sneller dan de nieuwbouw kan worden gerealiseerd, waardoor het netto-aanbod aan huurwoningen verder afneemt.
Beleggers hebben weer andere motieven. Volgens Arjan Peerboom, directeur van Capital Value, speelt vooral de veranderde financiële context een rol. “Beleggers kiezen steeds vaker voor individuele verkoop vanwege hogere fiscale lasten en lagere rendementen bij het aanhouden van huurwoningen,” aldus Peerboom.

Een harde klap voor huurders en starters
De gevolgen van deze verkoopgolf zijn aanzienlijk. Minder huurwoningen betekent meer concurrentie op een markt die al extreem krap is. Vooral in de vrije huursector, waar de huren minder gereguleerd zijn, zal dat leiden tot forse prijsstijgingen.
Voor jongeren en starters wordt het daardoor steeds moeilijker om een zelfstandige woning te vinden. Veel twintigers en dertigers blijven noodgedwongen langer thuis wonen of delen een woning, simpelweg omdat er geen betaalbare alternatieven zijn.
Ook gezinnen die willen doorstromen, lopen vast. Wie een betaalbare huurwoning verlaat, heeft geen garantie dat er iets passends voor terugkomt.

Cijfers laten trend duidelijk zien
De trend is al zichtbaar in de cijfers. In 2024 werden 26.180 huurwoningen verkocht. Dat aantal ligt fors hoger dan in eerdere jaren en vormt een duidelijke aanwijzing dat het uitponden structureel is geworden.
Als deze ontwikkeling doorzet — en daar wijzen de huidige plannen op — zal het tekort aan huurwoningen verder oplopen. Dat werkt als een vicieuze cirkel: minder aanbod leidt tot hogere prijzen, waardoor nog meer mensen buiten de boot vallen.
Nieuwbouw kan tempo niet bijhouden
Tegenover de verkoop van huurwoningen staat de bouw van nieuwe woningen. In 2025 werden 69.200 nieuwbouwwoningen opgeleverd. Voor dit jaar wordt een stijging verwacht naar ongeveer 88.000 woningen. Dat lijkt positief, maar het is onvoldoende om het bestaande tekort snel terug te dringen.
Bovendien is er een zorgwekkende ontwikkeling zichtbaar aan de voorkant van de bouwketen. Het aantal bouwvergunningen bevindt zich momenteel in een “stevige dip”, zo meldt De Telegraaf. Minder vergunningen vandaag betekent minder opleveringen over enkele jaren.
Buitenlandse investeerders haken af
Een belangrijke factor in de teruglopende bouwactiviteit is het afhaken van buitenlandse beleggers. Hun aandeel in de financiering van Nederlandse woningbouwprojecten is gedaald naar slechts 7 procent, het laagste niveau ooit gemeten.
Internationale investeerders noemen meerdere obstakels:
-
De hoge overdrachtsbelasting in Nederland
-
Strenge huurwetgeving, vooral in de gereguleerde sector
-
Veranderde fiscale regels, waardoor rendementen onder druk staan
Als gevolg daarvan bouwen buitenlandse partijen hun vastgoedportefeuilles in Nederland af.
Afnemend buitenlands bezit
De cijfers onderstrepen die trend. Begin vorig jaar bezaten buitenlandse beleggers nog ongeveer 80.000 huurwoningen in Nederland. Inmiddels is dat aantal gedaald naar 72.500. Die woningen verdwijnen niet van de markt, maar worden verkocht — vaak aan particulieren die ze zelf gaan bewonen.
Hoewel dat voor individuele kopers gunstig kan zijn, betekent het op macroniveau opnieuw een krimp van het huuraanbod.
Politieke en maatschappelijke onrust
De ontwikkelingen zorgen voor groeiende maatschappelijke en politieke onrust. Op sociale media en in het publieke debat klinkt steeds vaker de vraag hoe het mogelijk is dat het woningtekort blijft oplopen, terwijl de behoefte aan betaalbare woonruimte zo groot is.
Sommige opiniemakers wijzen erop dat vooral Nederlandse starters en jonge gezinnen de gevolgen voelen. Zij stellen hun toekomstplannen uit, wonen langer bij hun ouders en ervaren steeds meer onzekerheid over wonen en samenleven.
Structureel probleem vraagt structurele oplossingen
Experts zijn het erover eens dat het woningtekort niet met één maatregel kan worden opgelost. Het gaat om een structureel probleem, waarin bouwtempo, regelgeving, financiering en demografie samenkomen.
Zonder versnelling van de bouw, stabiel beleid voor investeerders en bescherming van het huuraanbod dreigt de situatie verder te verslechteren. De verkoop van huurwoningen kan op korte termijn geld opleveren, maar vergroot het probleem zolang de nieuwbouw achterblijft.
Wat betekent dit voor de komende jaren?
Als de huidige trends zich doorzetten, moeten huurders zich voorbereiden op:
-
Minder keuze op de huurmarkt
-
Langere wachttijden voor betaalbare woningen
-
Stijgende huren, vooral in de vrije sector
-
Meer jongeren die langer thuis blijven wonen
Zonder ingrijpen kan het woningtekort de komende jaren nog verder oplopen, ondanks alle ambities en plannen.
Conclusie: druk op woningmarkt neemt verder toe
Het oplopende woningtekort, gecombineerd met de geplande verkoop van huurwoningen door corporaties en beleggers, vormt een zorgwekkende cocktail. Hoewel nieuwbouwprojecten in de planning staan, blijft het tempo onvoldoende om de uitstroom uit de huursector te compenseren.
Voor huurders, starters en gezinnen betekent dit aanhoudende onzekerheid. De cijfers laten zien dat het probleem niet vanzelf verdwijnt. Zonder duidelijke koers en langdurige oplossingen blijft de Nederlandse woningmarkt gevangen in een crisis die steeds meer mensen direct raakt.


