Connect with us

Actueel

Gigantische grote klap voor Frans Timmermans

Published

on

Frans Timmermans onder druk: GroenLinks-PvdA zakt in peilingen terwijl D66 oprukt

Voor Frans Timmermans en zijn GroenLinks-PvdA is het politiek gezien code rood. Waar de partij lange tijd stevig meedraaide in de top drie, dreigt ze nu terrein te verliezen aan meerdere kanten. Niet alleen blijven de PVV en het CDA de sociaaldemocraten voor, ook D66 – onder leiding van Rob Jetten – rukt opvallend snel op.

De belofte van verbinding waarmee Timmermans zijn campagne begon, lijkt plaats te hebben gemaakt voor een veel scherpere toon. In recente optredens spaart hij zijn progressieve concurrent niet. Volgens hem is D66 “veel te rechts geworden”, een uitspraak die de verkiezingsstrijd binnen het progressieve kamp verder op scherp zet.


Peilingen: PVV blijft grootste, GroenLinks-PvdA verliest terrein

Met de Tweede Kamerverkiezingen op 29 oktober in aantocht, lijken de kaarten nog lang niet geschud. In de nieuwste peiling blijft de PVV de grootste partij met 29 zetels. Toch is de partij van Geert Wilders geïsoleerd: vrijwel niemand wil met de PVV regeren. Zowel GroenLinks-PvdAD66 als de VVD hebben deelname aan een kabinet met Wilders al uitgesloten.

Dat betekent dat de PVV ondanks haar voorsprong politiek weinig kans maakt om daadwerkelijk te regeren. Van de partijen die de deur nog niet dicht hebben gegooid, beschikt alleen JA21 over een aantal zetels dat ertoe doet — maar ook dat lijkt onvoldoende om een meerderheid te vormen.


De opmars van Rob Jetten

In tegenstelling tot GroenLinks-PvdA lijkt D66 juist te profiteren van het RTL-verkiezingsdebat. Rob Jetten, die daar inviel voor Geert Wilders, maakte volgens veel kijkers een sterke indruk. Zijn optreden leverde zijn partij maar liefst vier zetels winst op in de peilingen, waarmee D66 nu op 18 zetels staat.

De jonge partijleider profileert zich nadrukkelijk als het redelijke, moderne alternatief tussen rechts en links. In interviews benadrukt hij dat D66 niet wegkijkt van problemen, maar ze juist benoemt. “Wat ik meer doe dan mijn voorgangers, is dat ik tijd neem om te erkennen wat mensen voelen,” aldus Jetten.

Zijn toon is kalmer dan die van veel concurrenten, maar inhoudelijk schuift hij wel wat op richting het midden. Zo pleit hij voor een strengere aanpak van asielmisbruik en voor meer regie in de Europese migratiepolitiek.


Timmermans verliest grip op progressieve kiezer

Voor Frans Timmermans komt de opmars van D66 op een ongelukkig moment. Zijn eigen partij, die maandenlang tussen de 25 en 29 zetels stond, is volgens de laatste peilingen gezakt naar 22 zetels.

Dat is een stevige tik voor de lijsttrekker, die zichzelf nog altijd ziet als een serieuze kandidaat-premier. Het risico dat GroenLinks-PvdA straks achter PVV, CDA én D66 eindigt, is reëel geworden.

“Wij zijn eigenlijk het enige echte alternatief,” zei Timmermans deze week in een interview. “D66 beweegt steeds verder naar rechts, en dat vind ik een slechte ontwikkeling voor Nederland.”

Zijn kritiek op Jetten lijkt ingegeven door frustratie over het tanende momentum van zijn eigen partij. Waar hij eerder vooral focuste op eenheid binnen het progressieve blok, richt hij zijn pijlen nu openlijk op D66.


Jetten slaat terug

Rob Jetten reageerde gevat op de aanvallen van Timmermans. “Dat is lachwekkend,” zei hij in een interview. “Wij proberen juist de balans te vinden tussen menselijkheid en verantwoordelijkheid. Ik geloof dat je problemen moet benoemen om ze te kunnen oplossen.”

De D66-leider maakt zich hard voor hervormingen in het asielbeleid, maar benadrukt dat hij dat wil doen binnen een menswaardig kader. Zo pleit hij ervoor om internationale verdragen te herzien en asielaanvragen buiten de EU-grenzen te behandelen — maatregelen die volgens hem meer controle en draagvlak zullen opleveren.

Zijn standpunt verschilt duidelijk van dat van Timmermans, die juist pleit voor solidariteit en samenwerking binnen Europa.


Kiezer twijfelt tussen idealisme en realisme

De strijd tussen D66 en GroenLinks-PvdA draait niet alleen om beleid, maar ook om toon en uitstraling. Timmermans presenteert zich als de verbindende staatsman, terwijl Jetten inzet op realiteitszin en vernieuwing.

Veel kiezers lijken zich te herkennen in die laatste koers. Op sociale media wordt Jetten geprezen om zijn “nuchtere en kalme houding” tijdens het debat. Tegelijkertijd zijn er ook geluiden van wantrouwen: sommigen vinden dat de plotselinge stijging van D66 “te mooi om waar te zijn”.

Een gebruiker op X schreef:

“Er klopt iets niet aan deze peilingen. Stemmers van PVV of JA21 stappen echt niet over naar D66. Wordt hier gemanipuleerd?”

Het illustreert hoe wantrouwen richting peilingen nog altijd leeft onder een deel van de achterban, zeker nu de politieke verhoudingen snel kunnen verschuiven.


Politieke veldslag richting 29 oktober

De komende weken beloven spannend te worden. Timmermans moet niet alleen opboksen tegen de rechtse partijen, maar ook zijn eigen achterban mobiliseren in de strijd met Jetten. Beide mannen vissen in dezelfde vijver van progressieve kiezers, die balanceren tussen idealistische waarden en praktisch beleid.

Volgens insiders overweegt de GroenLinks-PvdA-campagne om de nadruk te leggen op sociale rechtvaardigheid en klimaat — thema’s waarmee Timmermans traditioneel sterk scoort. Tegelijk probeert D66 zich te profileren als de partij die idealen combineert met daadkracht.

 

 


De strijd om het midden

Terwijl de PVV op kop ligt maar geïsoleerd blijft, lijkt de échte strijd te gaan tussen D66 en GroenLinks-PvdA om de gunst van de progressieve kiezer. Wie daarin weet te overtuigen, kan een sleutelrol spelen in de volgende kabinetsformatie.

Of zoals een analist het samenvatte bij Nieuwsuur:

“Timmermans vecht om relevant te blijven, Jetten vecht om serieus genomen te worden. En de kiezer kijkt aandachtig toe.”

Wat vaststaat: met nog maar een paar weken te gaan tot 29 oktober, is het politieke speelveld allesbehalve stabiel. De kaarten kunnen nog meerdere keren geschud worden — en elke uitspraak kan het verschil maken tussen winst en verlies.

Actueel

Enorme klap voor iedereen met een huurwoning

Published

on

Woningtekort blijft groeien: verkoopgolf van huurwoningen dreigt de crisis verder te verdiepen

Het woningtekort in Nederland blijft hardnekkig oplopen en is inmiddels uitgekomen op circa 410.000 woningen. Daarmee staat de druk op de woningmarkt op een historisch hoog niveau. Alsof dat nog niet genoeg is, wijst nieuw onderzoek erop dat er nog meer problemen op komst zijn. Zowel beleggers als woningcorporaties zijn namelijk van plan om de komende jaren nog meer huurwoningen te verkopen. De gevolgen daarvan kunnen ingrijpend zijn voor huurders, starters en gezinnen.

Het vooruitzicht: een verder krimpend huuraanbod, stijgende huren in de vrije sector en een generatie jongeren die noodgedwongen langer bij hun ouders blijft wonen.


Alarmerend rapport over de toekomst van huurwoningen

Uit een gezamenlijk rapport van Capital Value en ABF Research, opgesteld in opdracht van de overheid, blijkt dat de bereidheid om huurwoningen te verkopen groot is. Meer dan de helft van de ondervraagde partijen geeft aan dat zij hun huurbezit verder willen afbouwen.

Concreet zegt 56 procent van de woningcorporaties te verwachten dat zij in de komende jaren meer woningen zullen “uitponden”. Uitponden betekent dat huurwoningen bij mutatie — dus wanneer een huurder vertrekt — niet opnieuw worden verhuurd, maar te koop worden gezet.

Ook particuliere en institutionele beleggers volgen deze strategie steeds vaker.


Waarom corporaties en beleggers verkopen

Voor woningcorporaties is de verkoop van huurwoningen geen doel op zich, maar een middel. De opbrengsten worden ingezet voor nieuwbouwprojecten en voor het verduurzamen van bestaande woningen. In theorie zou dat op lange termijn moeten bijdragen aan meer en betere woningen.

In de praktijk wringt het echter. De verkoop gebeurt sneller dan de nieuwbouw kan worden gerealiseerd, waardoor het netto-aanbod aan huurwoningen verder afneemt.

Beleggers hebben weer andere motieven. Volgens Arjan Peerboom, directeur van Capital Value, speelt vooral de veranderde financiële context een rol. “Beleggers kiezen steeds vaker voor individuele verkoop vanwege hogere fiscale lasten en lagere rendementen bij het aanhouden van huurwoningen,” aldus Peerboom.


Een harde klap voor huurders en starters

De gevolgen van deze verkoopgolf zijn aanzienlijk. Minder huurwoningen betekent meer concurrentie op een markt die al extreem krap is. Vooral in de vrije huursector, waar de huren minder gereguleerd zijn, zal dat leiden tot forse prijsstijgingen.

Voor jongeren en starters wordt het daardoor steeds moeilijker om een zelfstandige woning te vinden. Veel twintigers en dertigers blijven noodgedwongen langer thuis wonen of delen een woning, simpelweg omdat er geen betaalbare alternatieven zijn.

Ook gezinnen die willen doorstromen, lopen vast. Wie een betaalbare huurwoning verlaat, heeft geen garantie dat er iets passends voor terugkomt.


Cijfers laten trend duidelijk zien

De trend is al zichtbaar in de cijfers. In 2024 werden 26.180 huurwoningen verkocht. Dat aantal ligt fors hoger dan in eerdere jaren en vormt een duidelijke aanwijzing dat het uitponden structureel is geworden.

Als deze ontwikkeling doorzet — en daar wijzen de huidige plannen op — zal het tekort aan huurwoningen verder oplopen. Dat werkt als een vicieuze cirkel: minder aanbod leidt tot hogere prijzen, waardoor nog meer mensen buiten de boot vallen.

 

 


Nieuwbouw kan tempo niet bijhouden

Tegenover de verkoop van huurwoningen staat de bouw van nieuwe woningen. In 2025 werden 69.200 nieuwbouwwoningen opgeleverd. Voor dit jaar wordt een stijging verwacht naar ongeveer 88.000 woningen. Dat lijkt positief, maar het is onvoldoende om het bestaande tekort snel terug te dringen.

Bovendien is er een zorgwekkende ontwikkeling zichtbaar aan de voorkant van de bouwketen. Het aantal bouwvergunningen bevindt zich momenteel in een “stevige dip”, zo meldt De Telegraaf. Minder vergunningen vandaag betekent minder opleveringen over enkele jaren.


Buitenlandse investeerders haken af

Een belangrijke factor in de teruglopende bouwactiviteit is het afhaken van buitenlandse beleggers. Hun aandeel in de financiering van Nederlandse woningbouwprojecten is gedaald naar slechts 7 procent, het laagste niveau ooit gemeten.

Internationale investeerders noemen meerdere obstakels:

  • De hoge overdrachtsbelasting in Nederland

  • Strenge huurwetgeving, vooral in de gereguleerde sector

  • Veranderde fiscale regels, waardoor rendementen onder druk staan

Als gevolg daarvan bouwen buitenlandse partijen hun vastgoedportefeuilles in Nederland af.


Afnemend buitenlands bezit

De cijfers onderstrepen die trend. Begin vorig jaar bezaten buitenlandse beleggers nog ongeveer 80.000 huurwoningen in Nederland. Inmiddels is dat aantal gedaald naar 72.500. Die woningen verdwijnen niet van de markt, maar worden verkocht — vaak aan particulieren die ze zelf gaan bewonen.

Hoewel dat voor individuele kopers gunstig kan zijn, betekent het op macroniveau opnieuw een krimp van het huuraanbod.


Politieke en maatschappelijke onrust

De ontwikkelingen zorgen voor groeiende maatschappelijke en politieke onrust. Op sociale media en in het publieke debat klinkt steeds vaker de vraag hoe het mogelijk is dat het woningtekort blijft oplopen, terwijl de behoefte aan betaalbare woonruimte zo groot is.

Sommige opiniemakers wijzen erop dat vooral Nederlandse starters en jonge gezinnen de gevolgen voelen. Zij stellen hun toekomstplannen uit, wonen langer bij hun ouders en ervaren steeds meer onzekerheid over wonen en samenleven.


Structureel probleem vraagt structurele oplossingen

Experts zijn het erover eens dat het woningtekort niet met één maatregel kan worden opgelost. Het gaat om een structureel probleem, waarin bouwtempo, regelgeving, financiering en demografie samenkomen.

Zonder versnelling van de bouw, stabiel beleid voor investeerders en bescherming van het huuraanbod dreigt de situatie verder te verslechteren. De verkoop van huurwoningen kan op korte termijn geld opleveren, maar vergroot het probleem zolang de nieuwbouw achterblijft.


Wat betekent dit voor de komende jaren?

Als de huidige trends zich doorzetten, moeten huurders zich voorbereiden op:

  • Minder keuze op de huurmarkt

  • Langere wachttijden voor betaalbare woningen

  • Stijgende huren, vooral in de vrije sector

  • Meer jongeren die langer thuis blijven wonen

Zonder ingrijpen kan het woningtekort de komende jaren nog verder oplopen, ondanks alle ambities en plannen.


Conclusie: druk op woningmarkt neemt verder toe

Het oplopende woningtekort, gecombineerd met de geplande verkoop van huurwoningen door corporaties en beleggers, vormt een zorgwekkende cocktail. Hoewel nieuwbouwprojecten in de planning staan, blijft het tempo onvoldoende om de uitstroom uit de huursector te compenseren.

Voor huurders, starters en gezinnen betekent dit aanhoudende onzekerheid. De cijfers laten zien dat het probleem niet vanzelf verdwijnt. Zonder duidelijke koers en langdurige oplossingen blijft de Nederlandse woningmarkt gevangen in een crisis die steeds meer mensen direct raakt.

Continue Reading